Aansprakelijkheid van medische beroepsbeoefenaars en zorginstellingen anno 2027

Prof. dr. Christophe Lemmens (Dewallens & partners)

Webinar op vrijdag 15 oktober 2027


Koop-verkoop van onroerend goed:
obstakels uit de praktijk

Mr. Jérémy Vanderheyde en mr. Karel Veuchelen

(Scale / Schoups)

Webinar op donderdag 19 november 2026


Verzekeringsrecht:
recente wetgeving en rechtspraak anno 2027

Mr. Sandra Lodewijckx (Lydian)

Webinar op vrijdag 19 maart 2027


Wenst u meerdere opleidingen
te volgen bij LegalLearning?

Overweeg dan zeker onze voordeelformules!

 

Krijg toegang tot +250 opleidingen

Live & on demand webinars

Met tussenkomst van de kmo-portefeuille


Generatieve AI
in de juridische praktijk

Dr. Wim De Mulder (KU Leuven)

Webinar op donderdag 25 februari 2027


Faillissementsrecht anno 2026:
recente wetgeving en rechtspraak

Mr. Ilse Van de Mierop en mr. Charlotte Sas

(DLA Piper)

Webinar op donderdag 26 november 2026

Is kennelijk grove fout nog gedekt door cap op bestuursaansprakelijkheid? (Corporate Finance Lab)

Auteur: Gillis Lindemans (Corporate Finance Lab)

Publicatiedatum: 04/03/2019

De cap op bestuursaansprakelijkheid in het WVV is goeddeels ontzenuwd, zoals eerder gesignaleerd. Door een amendement te elfder ure geldt de aansprakelijkheidsbeperking immers enkel nog voor toevallige lichte fouten (artikel 2:57, § 3, 1° WVV). Dergelijke kleinere zonden leiden echter in de praktijk hoe dan ook zelden tot bestuursaansprakelijkheid.

Een dergelijke spoedamputatie laat onvermijdelijk enkele kleine littekens na.

Zo ook hier: wellicht werd over het hoofd gezien dat de aanhef van artikel 2:57 WVV de cap uitdrukkelijk van toepassing verklaart op de faillissementsaansprakelijkheden wegens kennelijk grove fout (artikel XX.225 WER) en de voorzetting van een reddeloze onderneming (“wrongful trading”; artikel XX.227 WER).

Zeker die eerste kan uit haar aard niet (meer) onder de cap vallen. Een fout kan immers niet tegelijkertijd én kennelijk grof, én toevallig en licht zijn.

Een soortgelijke redenering valt te verdedigen bij de voortzetting van een reddeloze rechtspersoon (hoewel de logische contradictie hier wat minder scherp oogt). In de praktijk is de “wrongful” in “wrongful trading” immers maar aan de orde als de houding van het bestuur meer dan lichtelijk foutief was.

De verwijzing naar die aansprakelijkheidsgronden in artikel 2:57, § 1, WVV is dus uitgehold van bij haar ontstaan. Een bestuurder die een vordering wegens kennelijk grove fout tegen zich krijgt, zal echter ongetwijfeld zijn best doen om de rechter van het tegendeel te overtuigen. Om alle verwarring te vermijden, kan de verwijzing bij gelegenheid dus maar beter worden geschrapt.

Lees hier het originele artikel

Lees hier meer bijdragen over ‘bestuurdersaansprakelijkheid’

Juriste (FR)

Directeur Legal

Junior Legal Counsel

scale

Associate Real Estate Law

Boeken in de kijker: