Het nieuwe Boek 6:
de impact op de werkvloer

Mr. Chris Persyn (Cautius)

Webinar op donderdag 4 juli 2024


Sociaal strafwetboek:
een grondige hervorming werd goedgekeurd

Mr. Kenny Decruyenaere en mr. Veerle Van Keirsbilck (Claeys & Engels)

Webinar op donderdag 5 december 2024


Herstructurering, collectief ontslag en sluiting

Mr. Hanne Cattoir (Claeys & Engels)

Webinar op donderdag 17 oktober 2024

Wijziging van de Wet Eenheidsstatuut. Verduidelijking van de opzeggingstermijnen wanneer een werknemer ontslag neemt (Younity)

Auteur: Jannes Vanovervelt (Younity) 

Afgelopen vrijdag – 28 april 2023 – werd de Wet van 20 maart 2023 gepubliceerd in het Belgisch Staatsblad. Deze wet wijzigt de Wet Eenheidsstatuut betreffende de wettelijke maximale opzeggingstermijnen in het geval van opzegging door een werknemer en bevestigt met name dat de opzeggingstermijn nooit langer is dan 13 weken wanneer een werknemer zelf ontslag neemt.

Ter herinnering: de Wet Eenheidsstatuut bepaalt dat de opzeggingstermijn voor werknemers die al vóór 1 januari 2014 in dienst waren de som is van enerzijds de opzeggingstermijn op basis van hun anciënniteit tot 31 december 2013 (stap 1) en anderzijds de nieuwe opzeggingstermijnen vanaf 1 januari 2014 (stap 2), het zogenaamde dubbele-foto principe.

Algemeen

Hoewel de Wet Eenheidsstatuut reeds voorzag dat de opzeggingstermijn afhankelijk is van de anciënniteit van de werknemer met een maximum van 13 weken opzeggingstermijn bij 8 jaar anciënniteit, ontstond er hieromtrent in specifieke gevallen – met name bij arbeiders – soms toch nog discussie. De nieuwe wet verduidelijkt echter dat de som van de twee opzeggingstermijnen (vóór en na 1 januari 2014) bij een ontslag door de werknemer nooit meer dan 13 weken kan bedragen.

Afschaffing onderscheid lagere en hogere bedienden

De Wet Eenheidsstatuut maakte daarnaast een onderscheid tussen hogere en lagere bedienden. Voor bedienden waren de opzeggingstermijnen (in geval van ontslag door de werknemer) vóór 1 januari 2014 traditioneel hoger dan 13 weken. Daarom werd als overgangsmaatregel voorzien dat de maximale opzeggingstermijn onder ‘stap 1’ voor lagere bedienden 4,5 maanden zou bedragen en voor hogere bedienden 6 maanden.

Het Grondwettelijk Hof oordeelde echter dat het maken van een onderscheid met betrekking tot de in acht te nemen opzeggingstermijn tussen deze bedienden op basis van het loon, in strijd is met het grondwettelijk gelijkheidsbeginsel. Deze nieuwe wet heft deze bepalingen op en beoogt aldus om de wet in overeenstemming te brengen met het grondwettelijk gelijkheidsbeginsel.

Inwerkingtreding

De regels treden pas in werking 6 maanden na de bekendmaking in het Belgisch Staatsblad, namelijk vanaf 28 oktober 2023, maar zullen enkel van toepassing zijn op opzeggingen betekend na de inwerkingtreding. Een opzegging die voordien betekend wordt, behoudt dus haar gevolgen.

Bron: Wet van 20 MAART 2023 tot wijziging van de wet van 26 december 2013 betreffende de invoering van een eenheidsstatuut tussen arbeiders en bedienden inzake de opzeggingstermijnen en de carenzdag en begeleidende maatregelen voor wat de aanpassing van de wettelijke maximale opzeggingstermijnen in het geval van opzegging door de werknemer betreft, Belgisch Staatsblad 28 april 2023.

Bron: Younity

» Bekijk alle artikels: Arbeid & Sociale zekerheid