De taalproblematiek op het werk (Tilleman van Hoogenbemt)

Auteur: Filip Tilleman (Tilleman van Hoogenbemt)

Publicatiedatum: 12/04/2021

Ons land wordt al decennialang gesard door de gesel van de communautaire politieke spanningen. Ook in het dagdagelijkse werk kan de taalproblematiek zijn duivels ontbinden. We kennen immers zeer strikte wetgevingen op het taalgebruik in ondernemingen.

Het belang van de exploitatiezetel

Het Vlaamse Decreet van 19 juli 1973 verplicht elke werkgever, die in het ééntalig Nederlandse Taalgebied een exploitatiezetel heeft, in de omgang met zijn personeel het Nederlands te gebruiken. Het beslissend criterium voor de toepassing van het Vlaamse Decreet is dus de ‘exploitatiezetel’, oftewel ‘elke vestiging of centrum van activiteit met enige zelfstandigheid waar doorgaans de bevelen en de instructies aan het personeel worden doorgegeven en waar de sociale contacten tussen werkgever en werknemers plaatsvinden’. De exploitatiezetel valt niet noodzakelijk samen met de maatschappelijke zetel van een bedrijf. De maatschappelijke zetel kan bijvoorbeeld in Wallonië liggen en niet tussenkomen in het dagdagelijks aansturen van het personeel in Vlaanderen. 

Het Nederlands in werkelijk alle contacten 

Als de exploitatiezetel van de werkgever in Vlaanderen ligt, dan moet het Nederlands gebruikt worden in alle “sociale betrekkingen”. Dat betekent zowel in de schriftelijke als ook in de mondelinge contacten tussen werkgever en werknemers, zelfs na de beëindiging van de arbeidsovereenkomst. Het gaat hier concreet over het geven van mondelinge bevelen en mededelingen, de personeelsvergaderingen, de vergaderingen van de ondernemingsraad, contacten met de arbeidsgeneeskundige dienst, de arbeidsovereenkomsten, ingebrekestellingen, e-mails, bedrijfspolicies, arbeidsreglementen, ontslagbrieven, sociale documenten, dadingen, afstand van concurrentiebeding, enzoverder.

De taalwetgeving in de praktijk

Het komt dus geregeld voor dat de betrokken werknemers in Vlaanderen het Nederlands totaal onmachtig zijn. Op uitdrukkelijke vraag van de ondernemingsraad of de syndicale afvaardiging moet de werkgever in dat geval wel een vertaling voegen bij de originele Nederlandstalige documenten. 

Ook zijn er internationale ondernemingen die in Vlaanderen koppig vasthouden aan de vreemde taal van het buitenlandse moederhuis en bijvoorbeeld Engelstalige arbeidscontracten hanteren. Het gevolg daarvan is dat deze documenten nietig of onbestaand zijn, omdat ze in strijd zijn met de taalwetgeving. Let wel, deze nietigheid kan totaal geen schade berokkenen aan de werknemers zelf! Dit betekent volgens de meerderheidsrechtspraak dat de werknemer zich kan beroepen op een beding in het nietig document dat voor hem voordelig is, terwijl hij de nietigheid van een voor hem nadelig beding kan inroepen zonder dat de nietigheid van het document tegen hem kan worden ingeroepen. 

Voorbeeld: arbeidscontract of ontslagbrief in vreemde taal

Als de exploitatiezetel van de werkgever in Vlaanderen ligt, dan zal een werknemer met een Engelstalig of Franstalig arbeidscontract ten aanzien van zijn werkgever de naleving kunnen eisen van elke clausule in zijn arbeidscontract. De werkgever van zijn kant zal zich niet kunnen beroepen op de bepalingen van het arbeidscontract die in zijn voordeel zijn. Zo zal een werkgever, die een werknemer om dringende redenen ontslaat met een Engelstalige brief, omwille van de taalproblematiek toch een verbrekingsvergoeding moeten betalen – ook al zijn de feiten ten gronde manifest een dringende reden! 

Opmerkelijk: taalwetgeving niet van toepassing op werknemers

Opvallend is dat volgens een meerderheid in de rechtspraak, de taalwetgeving niet van toepassing is op de werknemers zelf in hun betrekkingen met de werkgever. Een Franstalige werknemer kan dus perfect rechtsgeldig in Vlaanderen zijn werkgever in gebreke stellen in het Frans. Het bewijst eens te meer hoe ondoorgrondelijk de hele taalproblematiek wel kan zijn!

Nuancering wanneer het contract een grensoverschrijdend karakter heeft : de Europese rechtspraak 

Het Hof van Justitie van de EU heeft geoordeeld dat het Vlaamse Decreet in strijd is met het beginsel van vrij verkeer van werknemers in het volgende geval: een Nederlander werkte voor een Antwerpse onderneming van een multinationale groep op basis van een in het Engels opgestelde arbeidsovereenkomst. Het Hof van Justitie concludeerde dat de sanctie van nietigheid van de arbeidsovereenkomst in strijd is met het beginsel van het vrije verkeer van werknemers in de EU. 

De Belgische hoven en rechtbanken passen deze rechtspraak toe in soortgelijke gevallen, die worden omschreven als “grensoverschrijdende contracten”.

Lees hier het originele artikel