HR-aspecten bij M&A transacties

Mr. Nele Van Kerrebroeck (Linklaters)

Webinar op donderdag 16 mei 2024


Vakantiedagen en het arbeidsrecht

Mr. Kato Aerts en mr. Sarah Witvrouw (Lydian)

Webinar op dinsdag 11 juni 2024


Het nieuwe Boek 6:
de impact op de werkvloer

Mr. Chris Persyn (Cautius)

Webinar op donderdag 4 juli 2024

Begrotingsakkoord: welke maatregelen hebben een impact op werkgevers? (Acerta)

Auteur: Miet Vanhegen (Acerta)

Op 9 oktober 2023 bereikten de federale ministers een akkoord over de begroting van 2024. Op sociaal vlak klopten ze een aantal arbeidsmarkthervormingen af die moeten bijdragen tot langer of opnieuw werken, werken meer lonend maken en de arbeidsmarkt competitief houden. Deze afspraken worden in de komende periode omgezet in wetgeving. Op basis van de informatie waarover we op dit moment beschikken, krijg je nu al een overzicht van wat dit voor jou kan betekenen.

Arbeidsmarktmaatregelen

Flexi-jobs in meer sectoren

Goed nieuws voor werkgevers en flexi-jobbers: er komt een uitbreiding van de sectoren waarin flexi-jobs mogelijk zijn. Zo kunnen werkgevers sneller en makkelijker personeel aantrekken in die sectoren waar er een arbeidskrapte is.

Zo zal het onderwijs, de kinderopvang en de sector van leerlingenvervoer binnenkort beroep kunnen doen op flexi-jobbers. Ook bij het organiseren van evenementen en sportactiviteiten kunnen in de toekomst mensen via een flexi-job aan de slag. En ook garages en de verhuissector zullen beroep kunnen doen op het systeem.

Daarnaast zorgen de nieuwe maatregelen voor een verruiming van de fleximogelijkheden in enkele sectoren. Zo konden kleine bakkerijen al gebruik maken van het systeem, en wordt die mogelijkheid nu ook aanzienlijk uitgebreid binnen de rest van de voedingssector. In twee sectoren waar het statuut gelegenheidswerkers al bestond, zullen flexi-jobs worden ingevoerd. Dit is het geval voor de begrafenissector, naast het bestaande systeem van ‘dragers’. En ook in de landbouw- en tuinbouwsector zullen werkgevers beroep kunnen doen op flexi-jobbers naast het bestaande systeem van seizoenarbeiders.

Behalve een uitbreiding van het aantal sectoren, zijn er ook aanpassingen bij het minimumloon voor flexi-jobbers. Met uitzondering van de horecasector zullen werkgevers van flexi-jobbers tenminste het sectorale minimumloon (en niet langer het specifieke flexi-loon) moeten betalen. Daarnaast verhoogt ook de werkgeversbijdrage RSZ van 25 % naar 28 % op het flexi-loon.

Ook de toegangsvoorwaarden om een flexi-job te kunnen uitoefenen zouden wijzigen.

In de nieuw bijgekomen sectoren kunnen de sociale partners via een sector-cao beslissen om alsnog geen flexi-jobs toe te laten (opt-out). In de sectoren waar het systeem vandaag al bestaat, is die mogelijkheid er niet. In de andere sectoren kunnen de sociale partners via een sector-cao overeenkomen om de mogelijkheid van flexi-jobs in te voeren (opt-in).

Tot slot komt er ook een maximaal vrijgesteld plafond van 12.000 euro per jaar voor inkomsten uit flexi-jobs. Voor gepensioneerden die de wettelijke pensioenleeftijd nog niet hebben bereikt, zal er ook een maximum voor de flexi-jobinkomsten gelden voor het cumulplafond in de pensioenen.

Verlenging maatregelen seizoenarbeid in land- en tuinbouw

Er is voorzien in een verlenging van onbepaalde duur van de maatregelen voor seizoenarbeid :

  • De 100 dagen seizoenarbeid voor tuinbouw en 50 dagen seizoenarbeid voor landbouw (met inbegrip van de 100 halve dagen voor melkvee);
  • De aanpassing van de lonen van seizoenarbeiders naar de eerste categorie van vaste werknemers;
  • De gedeeltelijke compensatie van de meerkost omwille van het verhogen van het loon voor seizoenarbeiders.

Werkhervattingspremie

Dit begrotingsakkoord zet ook in op de re-integratie van arbeidsongeschikte werknemers en werklozen. “Terug naar werk 2.0”, noemde Minister Vandenbroecke het in de persconferentie.

De werkhervattingspremie die werkgevers kunnen ontvangen wanneer zij een arbeidsongeschikte persoon opnieuw progressief tewerkstellen, zal vanaf 1 januari 2024 opgetrokken worden van 1000 euro naar 1725 euro.

RSZ en fiscale maatregelen

Structurele vermindering en fiscale werkbonus

In juni 2021 besloten de sociale partners in de Groep van 10 om het gewaarborgd gemiddeld minimum maandinkomen (GGMMI), kort gezegd het bruto minimumloon, in fases te verhogen. De concrete afspraak werd vastgelegd in cao nr. 43/15. Het minimumloon steeg een eerste keer op 1 april 2022. Dat zal opnieuw gebeuren vanaf 1 april 2024 met een stijging van 35,7 euro bruto per maand.

Om de extra kosten voor de werkgevers te compenseren, past de regering de loongrenzen van de structurele vermindering aan. De werkgever zal een bijkomende lage-lonenkorting ontvangen via de aanpassing van de structurele vermindering. Deze techniek werd ook gebruikt bij de eerste verhoging van het minimumloon in april 2022.

Opdat de werknemer netto meer zou overhouden van de brutoverhoging van 37,5 euro, wordt de fiscale werkbonus opgetrokken. De werknemer zal hierdoor minder bedrijfsvoorheffing moeten betalen en 50 euro netto meer op zijn loonbriefje zien staan.

Wanneer treden deze maatregelen in werking?

Al deze aangekondigde maatregelen moeten nog in wetgeving worden uitgewerkt voordat ze van kracht gaan. Uiteraard houdt Acerta jou op de hoogte van de verdere ontwikkelingen.

Bron: Acerta

» Bekijk alle artikels: Arbeid & Sociale zekerheid