Het nieuwe Boek 6 en de impact
voor de bouw- en vastgoedsector:
10 aandachtspunten

Prof. dr. Kristof Uytterhoeven (Caluwaerts Uytterhoeven)

Webinar op dinsdag 23 april 2024


Vereffening-verdeling van nalatenschappen:
16 probleemstellingen

Mr. Nathalie Labeeuw (Cazimir)

Webinar op vrijdag 26 april 2024


Buitencontractuele aansprakelijkheid:
het nieuwe boek 6 is een feit

Prof. dr. Ignace Claeys en prof. dr. Thijs Tanghe (Eubelius)

Webinar op dinsdag 5 maart 2024


Woninghuur in Vlaanderen en Brussel:
het antwoord op 25 praktijkvragen

Mr. Ulrike Beuselinck en mr. Koen De Puydt (Seeds of Law)

Webinar op dinsdag 27 augustus 2024


Bouwteam(overeenkomsten):
een praktijkgerichte analyse

Mr. Michael Thielens (MT Law)

Webinar op vrijdag 15 maart 2024

Precontractuele aansprakelijkheid in het licht van het nieuwe verbintenissenrecht (Reyns Advocaten)

Auteur: Axelle Konings (Reyns Advocaten)

Hoewel contracten vaak onmiddellijk worden afgesloten, kan de overeenkomst in bepaalde gevallen pas tot stand komen, nadat partijen uitgebreid over de inhoud en de modaliteiten ervan hebben onderhandeld.

Het nieuwe verbintenissenrecht, zoals vervat in boek 5 van het Nieuw Burgerlijk Wetboek (NBW), heeft een frisse wind geblazen door de regels met betrekking tot contractuele relaties.

Deze veranderingen hebben niet alleen invloed op de manier waarop partijen overeenkomsten sluiten, maar werpen ook nieuw licht op de precontractuele fase en de aansprakelijkheid, die u in dit verband kan oplopen.

Daar waar de wetgever voordien geen enkele wettelijke bepaling voorzag in dit verband, verankert artikel 5.17 NBW de precontractuele aansprakelijkheid.

Het is dus belangrijk om u, ook aan de onderhandelingstafel, op een zorgvuldige en voorzichtige wijze te gedragen. Dit kan u anders duur komen te staan. U loopt immers het risico aansprakelijk te worden gesteld, met een mogelijke schadevergoeding tot gevolg.

In deze blogpost overlopen we de belangrijkste aspecten met betrekking tot de precontractuele fase waarbij we u trachten te behoeden voor de mogelijke risico’s in het licht van de precontractuele aansprakelijkheid.

A. De vrijheid om te contracteren blijft het uitgangspunt

1. CONTRACTSVRIJHEID

Ook onder het nieuwe verbintenissenrecht vormt de contractsvrijheid het uitgangspunt.

Buiten enkele uitzonderingen staat het iedereen vrij om al dan niet te contracteren en de contractspartij(en) vrij te kiezen, zonder dat men deze keuze moet verantwoorden.

Daarbij bepalen contractspartijen ook vrij de inhoud van de overeenkomst en de uitvoeringsmodaliteiten, op voorwaarde dat deze aan de wettelijke geldigheidsvereisten voldoen.

Dit principe geeft partijen de ruimte om hun contractuele relaties vorm te geven naar hun eigen wensen en behoeften.

2. ONDERHANDELINGSVRIJHEID

Naast de contractvrijheid, beschikt men ook over onderhandelingsvrijheid. Dit impliceert dat partijen vrij, doch te goeder trouw onderhandelingen – voorafgaand aan de contractsluiting – kunnen en mogen aanvatten, voeren en verbreken.

Hierbij moet men evenwel oog hebben voor enkele spelregels.

Partijen hebben immers ook in de onderhandelingsfase tegenover elkaar rechten en plichten, dewelke in bepaalde gevallen aanleiding kunnen geven tot aansprakelijkheid.

B. Precontractuele aansprakelijkheid

1. INFORMATIEVERPLICHTING

In de eerste plaats rust er op elke partij een informatieverplichting.

De wet bepaalt concreet dat partijen elkaar tijdens de precontractuele onderhandelingen alle informatie moeten bezorgen, zoals enerzijds wordt opgelegd in de wet en anderzijds wordt verwacht in het licht van de goede trouw en de gebruiken.

De hoedanigheid van de partijen, hun redelijke verwachtingen en het voorwerp van de overeenkomst bepaalt de draagwijdte van de verplichting in kwestie.

Zo zal de informatieverplichting in hoofde van een onderneming bijvoorbeeld anders worden benaderd wanneer men wenst te contracteren met een consument, dan in het geval dat men onderhandelt met een onderneming, actief in dezelfde sector.

Kortom, u moet alle informatie overmaken waarvan u vermoedt dat de tegenpartij ze nodig heeft.

Indien u foutieve of onvolledige informatie meedeelt of opzettelijk informatie verzwijgt, kan u precontractueel aansprakelijk worden gesteld, met alle gevolgen van dien.

Houd hierbij in het achterhoofd dat de schending van de informatieverplichting niet alleen aanleiding kan geven tot de precontractuele aansprakelijkheid, maar eveneens – na de totstandkoming van de overeenkomst – tot de nietigheid van het contract.

2. ONRECHTMATIG VERBREKEN VAN DE ONDERHANDELINGEN

Naast de informatieverplichting moet u er tot slot over waken dat u de onderhandelingen met de tegenpartij niet foutief verbreekt.

Er is sprake van foutieve verbreking wanneer u bij de tegenpartij het rechtmatig vertrouwen heeft gewekt dat de overeenkomst zonder twijfel tot stand zou komen.

In dat geval zal de benadeelde partij worden teruggeplaatst in de situatie waarin hij zich zou hebben bevonden als er niet zou zijn onderhandeld. De benadeelde partij kan hierbij dus aanspraak maken op het herstel van het verlies van de verwachte netto-voordelen, die zouden volgen uit de niet gesloten overeenkomst.

C. Besluit

Precontractuele onderhandelingen spelen een cruciale rol in de totstandkoming van contractuele relaties. De vrijheid om te contracteren blijft het uitgangspunt, waarbij de contractvrijheid en onderhandelingsvrijheid als leidende principes gelden.

Echter, deze vrijheid is niet onbeperkt. De precontractuele aansprakelijkheid, zoals vanaf 1 januari 2023 verankerd in het NBW, plaatst een belangrijke verantwoordelijkheid op de schouders van onderhandelende partijen.

Wees dus gewaarschuwd voor roekeloos en lichtzinnig gedrag aan de onderhandelingstafel. De schending van de informatieverplichting, maar evengoed het onrechtmatig verbreken van het onderhandelingsproces kan immers aanleiding geven tot precontractuele aansprakelijkheid en bijhorende schadevergoedingsplicht.

Bron: Reyns Advocaten

» Bekijk alle artikels: Verbintenissen & Goederen