Ondernemingsstrafrecht:
de ingrijpende wijzigingen vanaf 1 september 2026
Mr. Stijn De Meulenaer en mr. Danique Van Mechelen (Everest)
Webinar op dinsdag 24 november 2026
Omgevingsprocedure:
de allerlaatste ontwikkelingen
Mr. Bart De Becker (De Becker Advocaten)
Webinar op donderdag 26 november 2026
Aansprakelijkheid voor gebrekkige producten:
de uitbreiding van Boek 6 BW
(inclusief handboek)
Dhr. Constant De Koninck (Rekenhof)
Webinar op donderdag 20 mei 2027
Wenst u meerdere opleidingen
te volgen bij LegalLearning?
Overweeg dan zeker onze voordeelformules!
Krijg toegang tot +250 opleidingen
Live & on demand webinars
Met tussenkomst van de kmo-portefeuille
Koop-verkoop van onroerend goed:
obstakels uit de praktijk
Mr. Jérémy Vanderheyde en mr. Karel Veuchelen
(Scale / Schoups)
Webinar op donderdag 19 november 2026
Overname van een handelszaak:
15 knelpunten onder de loep
Mr. Vanessa Ramon en mr. Mariël Van Vynckt (Cygnus Advocaten)
Webinar op donderdag 18 maart 2027
‘L’aveu en action’ opnieuw bevestigd door het Hof van Cassatie – Het gedrag van partijen kan het bestaan van een aannemingsovereenkomst bewijzen (Schoups)
Auteurs: Els Op de Beeck en Eva Sterkens (Schoups)
Sinds jaar en dag verleent een constante rechtspraak van het Hof van Cassatie bewijsrechtelijke betekenis aan de uitvoering van de overeenkomst door de partij tegen wie een bewijsvoering moet worden gedaan. In een recent arrest van 5 december 2022 heeft het Hof van Cassatie dit principe nogmaals bevestigd en verduidelijkt dat ook het gedrag van partijen het bestaan van een aannemingsovereenkomst kan bewijzen.
In de zaak die aanleiding heeft gegeven tot het Cassatiearrest van 5 december 2022 vorderde de aannemer de betaling van een factuur voor schilderwerken aan de woning waar de verweerder samen met zijn moeder woont. De verweerder weigerde deze factuur te betalen omdat hij meende dat hij niet de opdrachtgever was van de werken, maar dat het zijn moeder was die op de offerte was ingegaan en bijgevolg de opdrachtgever van de werken was. Tijdens de uitvoering van de werken had de verweerder evenwel verschillende meerwerken besteld (wat hij ook niet betwistte). De appelrechter oordeelde dat de verweerder inderdaad niet gehouden waren tot betaling van de factuur bij gebrek aan schriftelijk bewijs van een aannemingsovereenkomst tussen de aannemer en de verweerder. De verweerder zou volgens de appelrechter ook geen rechtshandelingen hebben gesteld die de uitvoering van een aannemingsovereenkomst uitmaakten.
Het Hof van Cassatie vernietigde deze beslissing bij arrest van 5 december 2022 (C.22.0134.N). Het Hof overwoog hierbij uitdrukkelijk dat een aannemingsovereenkomst kan worden bewezen door het gedrag van een van de partijen zoals de bestelling van meerwerken.
Bron: Schoups
» Bekijk alle artikels: Verbintenissen & Goederen, Geschillen & Procedure


















