Verzekeringspolissen:
clausules die aanleiding kunnen geven tot discussies

Mr. Sandra Lodewijckx (Lydian)

Webinar op vrijdag 25 september 2026


Mededingingsrecht:
recente ontwikkelingen

Mr. Melissa Van Schoorisse (Covington)

Webinar op vrijdag 25 september 2026


Wenst u meerdere opleidingen
te volgen bij LegalLearning?

Overweeg dan zeker onze voordeelformules!

 

Krijg toegang tot +250 opleidingen

Live & on demand webinars

Met tussenkomst van de kmo-portefeuille


Generatieve AI
in de juridische praktijk

Dr. Wim De Mulder (KU Leuven)

Webinar op donderdag 25 februari 2027


Koop-verkoop van onroerend goed:
obstakels uit de praktijk

Mr. Jérémy Vanderheyde en mr. Karel Veuchelen

(Scale / Schoups)

Webinar op donderdag 19 november 2026

Annulatie deelname aan beurs: een waslijst aan juridische discussies. Ondernemingsrechtbank Antwerpen 2 februari 2026 (Recht op zaterdag)

Auteur: Marc Vandecasteele (Recht op zaterdag)

Beursorganisator X Events spreekt deelnemer Bedrijf Y aan in betaling van een opzeggingsvergoeding voor een geannuleerde deelname aan een beurs in 2024 in Eventlocatie X. Deelnemer Bedrijf Y betwist de hoofdeis.

De argumentatie van Bedrijf Y

1. Bedrijf Y bevestigt dat een contract tot stand kwam, maar betwist de toepassing van de algemene voorwaarden van X Events. Ze zou daarvan geen kennis hebben gehad. De aangevinkte bevestiging van de voorwaarden vermeldde nergens waar die voorwaarden stonden, wat pas zou volgen met de latere bevestiging. De verwijzing bij ondertekening was ook generiek naar “rules and regulations” (vrij vertaald: regels), maar niet naar specifieke algemene voorwaarden noch naar een concrete vindplaats.

2 X Events eist een vergoeding van 100% van de prijs en van 1.000,00 euro, en baseert zich op haar artikel 6.2.1 over de opzegging. Bedrijf Y argumenteert dat het beding een schadebeding zou zijn en tot nul moeten worden gematigd, bij gebreke aan echte schade.

3. Bedrijf Y meent ook dat beding onrechtmatig is door het creëren van een kennelijk onevenwicht (art. VI.91/3 WER) en het buitensporige karakter van de vergoeding, 100% van de prijs (art. VI.91/5, 8° WER).

De visie van de Ondernemingsrechtbank

1. Uit de ondertekening van een overeenkomst met inbegrip van de verklaring van zowel kennisneming van algemene voorwaarden als het akkoord daarmee, kan de rechtbank afleiden dat de contractspartij kennis heeft kunnen nemen van die voorwaarden en hiermee heeft ingestemd, wat dan een feitelijk vermoeden uitmaakt dat rust op met elkaar overeenstemmende ernstige en precieze aanwijzingen.
Daarenboven ontving Bedrijf Y verschillende keren daarna documenten met een verwijzing naar die voorwaarden.

2. De rechtbank besluit dat het artikel 6.2 een opzeggingsbeding is met een opzeggingsvergoeding, en geen schadebeding voor een contractuele niet-nakoming.

3. De rechtbank stelt niet vast dat het betrokken artikel 6.2 van de algemene voorwaarden onrechtmatig zou zijn, en daardoor nietig. Elk beding van een overeenkomst gesloten tussen ondernemingen dat, alleen of in samenhang met één of meer andere bedingen, een kennelijk onevenwicht schept tussen de rechten en plichten van de partijen, is onrechtmatig (art. VI.91/3, § 1 WER). Het gebruik van het woord “kennelijk” verplicht de rechtbank tot terughoudendheid: het onevenwicht moet manifest en evident zijn voor eenieder die dit redelijk zou beoordelen.
De rechtbank stelt geen kennelijk onevenwicht vast tussen de rechten en plichten van de partijen dat door de betrokken clausule zou zijn geschapen.

Lees hier het vonnis

» Bekijk alle artikels: Verbintenissen & Goederen, Handel & Consument

Boeken in de kijker: