Zekerheden: een update
aan de hand van wetgeving en rechtspraak

Mr. Ivan Peeters en mr. Philip Van Steenwinkel (Hogan Lovells)

Webinar op vrijdag 8 november 2024


Aansprakelijkheid van hulppersonen
in en buiten de contractketting.
Een analyse in het licht van Boek 6

Prof. dr. Ignace Claeys en mr. Camille Desmet (Eubelius)

Webinar op vrijdag 30 augustus 2024


Vennootschapsrecht:
recente wetgeving én rechtspraak anno 2024

Mr. Joris De Vos en mr. Michaël Heene (DLA Piper)

Webinar op donderdag 21 november 2024


Woninghuur in Vlaanderen en Brussel:
het antwoord op 25 praktijkvragen

Mr. Ulrike Beuselinck en mr. Koen De Puydt (Seeds of Law)

Webinar op dinsdag 27 augustus 2024


De invoering van Boek 6
en de impact voor de medische sector

Prof. dr. Christophe Lemmens (Dewallens & Partners)

Webinar op vrijdag 4 oktober 2024


De nieuwe wet op de private opsporing

Dhr. Bart De Bie (i-Force) en mr. Stijn De Meulenaer (Everest)

Webinar op donderdag 17 oktober 2024

Verhoogde bestuurders-aansprakelijkheid: wetswijziging op komst (Caluwaerts Uytterhoeven)

Auteurs: Dirk Berckmans en Johanna Lamberechts (Caluwaerts Uytterhoeven)

In het kader van de hervormingen van het Burgerlijk Wetboek, keurde de Kamer van Volksvertegenwoordigers begin februari 2024 het wetsvoorstel van Boek 6 getiteld ‘Buitencontractuele aansprakelijkheid’ goed. De goedkeuring van dit wetsvoorstel maakt dat er wijzigingen op til zijn op vlak van het buitencontractuele aansprakelijkheidsrecht, met gevolgen voor (onder andere) de bestuurdersaansprakelijkheid.

De opvallendste vernieuwing is dat het wetsvoorstel afstand neemt van de beperkte aansprakelijkheid of het zogezegde principe van de ‘quasi-immuniteit’ van de hulppersonen of uitvoeringsagenten.

Huidige regelgeving: beperkte bestuursaansprakelijkheid (‘quasi-immuniteit’)
De voormelde hulppersonen zijn natuurlijke personen (vb. bestuurders, werknemers) of rechtspersonen (vb. onderaannemers) die in eigen naam of in naam van hun opdrachtgever (vb. bedrijf, werkgever, aannemer) handelen. Zij zijn als het ware een feitelijke vertegenwoordiger van hun opdrachtgever.

De (persoonlijke) fout die een bestuurder van een vennootschap begaat bij de totstandkoming of de uitvoering van een overeenkomst, wordt bijgevolg rechtstreeks aan de vennootschap toegerekend. De benadeelde kan niet zomaar de bestuurder rechtstreeks aanspreken. Hij zal bij de vennootschap moeten aankloppen. De vennootschap fungeert als het ware als een schild voor de bestuurder. Een vordering in bestuurdersaansprakelijkheid rechtstreeks tegen een bestuurder is dan ook niet mogelijk.

Deze beperkte aansprakelijkheid van bestuurders kan al eens nadelig uitvallen voor de benadeelde, meer bepaald indien een vordering tegen de vennootschap geen nuttig resultaat oplevert omdat deze laatste failliet is.

Het principe van de quasi-immuniteit geldt logischerwijze niet wanneer de bestuurder strafrechtelijk aansprakelijk is.

Het nieuwe buitencontractuele aansprakelijkheidsrecht

Deze automatische bescherming van bestuurders verdwijnt echter in het wetsvoorstel. De nieuwe regeling maakt dat een benadeelde krachtens de wet méér rechtstreekse aanspraakmogelijkheden heeft tegen de bestuurder.

Waarom deze toekomstige wetswijziging? De toelichting bij het wetsvoorstel stelt dat het niet redelijk zou zijn dat een benadeelde contractant van een vennootschap tegen een bestuurder op geen enkele manier, contractueel noch buitencontractueel, verhaal kan uitoefenen, welke fouten de bestuurder ook begaat. De bestuurders zouden genieten van een te grote bescherming.

Binnenkort zal het mogelijk zijn dat bestuurders van vennootschappen in geval van contractuele schade voortaan wél rechtstreeks buitencontractueel aansprakelijk worden gesteld door een schadelijdende medecontractant van de vennootschap.

Wie komt er naast bestuurders van vennootschappen nog in het vizier van deze nieuwe regeling? Ook werknemers, onderaannemers en zelfstandigen (vrije beroepers) dienen oplettend te zijn.

Gevolgen bestuurdersaansprakelijkheid

Deze vernieuwing zet de deur open naar een verhoogde bestuurdersaansprakelijkheid. Benadeelden zullen de kans grijpen om bestuurders rechtstreeks en dus persoonlijk te dagvaarden in plaats van de vennootschap. De bestuurder zal (om het evenwicht enigszins te bewaren) tegen deze benadeelde wel dezelfde verweermiddelen kunnen inroepen als de vennootschap zelf.

Inwerkingtreding

De inwerkingtreding zou – volgens de huidige prognoses – vanaf 1 januari 2025 zijn. Nieuwe schadegevallen of fouten zouden vanaf de datum van inwerkingtreding meteen onder toepassing van de nieuwe regelgeving vallen.

Hoe kan er op dit nieuwe regime geanticipeerd worden?

De wet biedt dan weer de mogelijkheid om deze verhoogde bestuurdersaansprakelijkheid contractueel in te perken.

Het belang van bestuurdersovereenkomsten tussen de vennootschap en de bestuurder dient hierbij benadrukt te worden. Als er al bestuurdersovereenkomsten zijn gesloten en daarbij aansprakelijkheidsbeperkingen voor de betreffende bestuurder zijn opgenomen, is het nu het moment om deze overeenkomsten kritisch te herzien en aan te passen waar nodig. Het kan ook opportuun zijn om nieuwe overeenkomsten op te stellen. In dit kader is het tevens raadzaam om de aansprakelijkheidsverzekeringen van de vennootschap zorgvuldig te evalueren.

Tegelijkertijd is het essentieel om nauwlettend te zijn bij het opstellen en afsluiten van overeenkomsten tussen de vennootschap en een medecontractant.