Vennootschapsrecht anno 2026:
recente wetgeving en rechtspraak

Mr. Joris De Vos en mr. Laurens Engelen (Dentons)

Webinar op vrijdag 23 oktober 2026


Generatieve AI
in de juridische praktijk

Dr. Wim De Mulder (KU Leuven)

Webinar op donderdag 25 februari 2027


Faillissementsrecht anno 2026:
recente wetgeving en rechtspraak

Mr. Ilse Van de Mierop en mr. Charlotte Sas

(DLA Piper)

Webinar op donderdag 26 november 2026


Wenst u meerdere opleidingen
te volgen bij LegalLearning?

Overweeg dan zeker onze voordeelformules!

 

Krijg toegang tot +250 opleidingen

Live & on demand webinars

Met tussenkomst van de kmo-portefeuille


Corporate Governance
voor familiebedrijven

Mr. Sofie Lerut (advocaat)

Webinar op donderdag 8 oktober 2026

Gerechtelijke ontbinding vennootschappen: wetsvoorstel voor versnelling procedures en uitbreiding gronden (Recht op zaterdag)

Auteur: Marc Vandecasteele (Recht op zaterdag)

Op 13 januari 2026 werd een wetsvoorstel ingediend tot wijziging van het Wetboek van vennootschappen en verenigingen met het oog op de versnelling van de procedures en de uitbreiding van de gronden voor gerechtelijke ontbinding.

Eigen selectie uit de Memorie van Toelichting:

Door de aanneming van de wet van 17 mei 2017 tot wijziging van diverse wetten met het oog op de aanvulling van de gerechtelijke ontbindingsprocedure van vennootschappen heeft de wetgever gekozen voor de gerechtelijke ontbinding om het verschijnsel van spookbedrijven of het gebruik ervan in concurrentieverstorende omstandigheden dan wel met frauduleuze doeleinden aan banden te leggen.

Vervolgens maakte de wetgever werk van de invoeging van de bepalingen van de wet van 17 mei 2017 in het Wetboek van vennootschappen en verenigingen (art. 2:113, § 2, WVV, en art. 2:114, § 2, WVV).

Dat gebeurde gelijktijdig met de gedeeltelijke uitbreiding naar de verenigingen en stichtingen van de procedure voor gerechtelijke ontbinding na doorverwijzing door de kamer voor ondernemingen in moeilijkheden.

Het wettelijke instrumentarium om die vennootschappen te doen verdwijnen wordt uitgehold door de afschaffing van de verplichting te beschikken over beheersvaardigheden (reeds een feit in Vlaanderen, Brussel en Wallonië), alsook over beroepsbekwaamheid (Vlaanderen). Met de afschaffing van de verplichting inzake beheersvaardigheden zijn de ondernemingsrechtbanken een heel nuttige ontbindingsgrond kwijtgeraakt, die in het bijzonder bruikbaar was voor de beteugeling van bedrijven die geen jaarrekening hoeven in te dienen (VOF’s, commanditaire vennootschappen, cvba’s, landbouwbedrijven).

Teneinde het fenomeen van spook-, frauduleuze of concurrentieverstorende vennootschappen beter in te dijken, wordt dan ook een uitbreiding voorgesteld van de gronden voor gerechtelijke ontbinding waarop de kamer voor ondernemingen in moeilijkheden zich kan baseren (art. 2:74, § 2, van het Wetboek van vennootschappen, alsook verenigingen en artikel XX.29, § 2, tweede lid, van het Wetboek van economisch recht).

Verder blijkt dat veel spookvennootschappen die worden ingezet voor witwaspraktijken of in btw-carrousels, daar doorgaans ongeveer zes maanden voor worden gebruikt. Derhalve wordt voorgesteld de in het raam van de kamer voor ondernemingen in moeilijkheden aangewende procedure voor gerechtelijke ontbinding (art. 2:74, § 2, WVV, en XX.29, § 2, tweede lid, WER) te versnellen, uiteraard zonder te raken aan de rechten van verdediging en aan de bestaande verweermogelijkheden, opdat binnen die zes maanden een gerechtelijke ontbinding kan worden uitgesproken in het raam van de procedure voor de kamer voor ondernemingen in moeilijkheden.

Dit wetsvoorstel heeft dus alleen betrekking op de vennootschappen; het strekt niet tot wijziging van de op de verenigingen en stichtingen toepasbare bepalingen van het Wetboek van vennootschappen en verenigingen.

Lees hier de volledige fiche van het wetsvoorstel

» Bekijk alle artikels: Vennootschappen & Verenigingen

Boeken in de kijker: