Dubbel stemrecht – Aandeelhouders blijven soms koele minnaars (Caluwaerts Uytterhoeven)

Auteur: Dirk Berckmans (Caluwaerts Uytterhoeven)

Publicatiedatum: 20/07/2021

In de Tijd van vrijdag 16 juli 2021 werd verslag uitgebracht van de recente buitengewone algemene vergadering van Bekaert.

De agenda bevatte een voorstel van de familiale aandeelhouders om hun macht via de techniek van het dubbel stemrecht te consolideren. De buitengewone algemene vergadering stemde tegen.

De problematiek is gekend. Talloze Europese wetgevers hebben zich het laatste decennium het vuur uit de schoenen gelopen om aandeelhouders te bedienen om hun (grote) minderheden qua stemrecht om te zetten in solide meerderheden. De zogenaamde techniek van de loyaliteitsaandelen was hiervan een voorbeeld. Om beurten trachtten diverse regelgevers binnen de EU een nog interessanter regime aan te bieden om grote beursgenoteerde ondernemingen naar hun jurisdictie te lokken.

De implicaties van de toepassing van het meervoudig stemrecht zijn de gemoederen in de academische wereld en de vakpers blijven ophitsen. Zo bijvoorbeeld houdt de Ford-familie slechts 4% van de aandelen van de gelijknamige groep, maar bezit zij 40% van de stemrechten. Dergelijke verhoudingen zijn ook schering en inslag bij de grote (Amerikaanse) technologiebedrijven. 

In België werd (sinds het nieuwe WVV in 2019) de afschaffing van het principe “één aandeel, één stem” verdedigd onder het motto van de “flexibilisering” van het oude vennootschapsrecht. Het beantwoordde ook aan het oogmerk of minstens de hoop om buitenlandse ondernemers te overtuigen om te kiezen voor een Belgische vennootschapsvorm.

Het debat over de pros en cons van het meervoudig stemrecht zal niet snel luwen, zoals de buitengewone algemene vergadering bij Bekaert opnieuw illustreert.

Enerzijds zijn er de onmiskenbare voordelen: aandeelhouders kunnen hun verhoudingen “boetseren” op manieren die beter aansluiten bij de praktijk dan het rigide “één aandeel, één stem”. En getrouwe aandeelhouders die hun aandelen aanhouden kunnen gefideliseerd worden.

Maar wetenschappelijke publicaties geven ook voortdurend ammunitie aan de sceptici: zo schreef The Economist vorig jaar dat voor elk 1% van “bevriende” aandeelhouders de return on investment zakte met 0,12%.

Bibliotheken zijn volgeschreven over de voormelde problematiek. Maar de gemoederen zijn ter zake nog niet bedaard. Dat laat onverlet het feit dat ondernemers en rechtspractici sinds 1 mei 2019 op een creatieve wijze kunnen omgaan met het opzetten van structuren die tegemoet komen aan de wensen van alle betrokken partijen.

Lees hier het originele artikel