Woninghuur in Vlaanderen en Brussel:
het antwoord op 25 praktijkvragen

Mr. Ulrike Beuselinck en mr. Koen De Puydt (Seeds of Law)

Webinar op dinsdag 27 augustus 2024


Aandeelhoudersovereenkomsten
in het licht van de nieuwe wetgeving

Mr. Michaël Heene (DLA Piper)

Webinar op vrijdag 31 mei 2024


Consumentenbescherming bij de verwerving
van financiële diensten: de laatste ontwikkelingen (optioneel met handboek)

Prof. dr. Reinhard Steennot (UGent)

Webinar op donderdag 30 mei 2024


Ondernemingsstrafrecht:
wat wijzigt er door boek I en boek II van het Strafwetboek?

Mr. Stijn De Meulenaer (Everest)

Webinar op dinsdag 11 juni 2024


Vereffening-verdeling van nalatenschappen:
16 probleemstellingen

Mr. Nathalie Labeeuw (Cazimir)

Webinar op vrijdag 26 april 2024


HR-aspecten bij M&A transacties

Mr. Nele Van Kerrebroeck (Linklaters)

Webinar op donderdag 16 mei 2024

Waardering van de aandelen van een patrimonium-vennootschap (LegalNews)

Auteur: Marc Vandecasteele (LegalNews)

Waardering van de aandelen van een patrimoniumvennootschap: het verschil tussen de waarde van de aandelen van een vennootschap en de prijs, is de décote.

Vonnis van 14 maart 2024

De feiten

Vlabel stelde in casu vast dat de verkoopwaarde van de onroerende goederen op het actief van de patrimoniuumvennootschap moest worden bepaald op 3.400.000,00 EUR. Ten gevolge van deze herwaardering werd de intrinsieke waarde van een aandeel geraamd op 2.125,55 EUR en werd een tekortschatting van het actief van de nalatenschap van 1.223.480,77 EUR vastgesteld. Dit bedrag werd in hoofde van belastingplichtigen bijkomend belast, met oplegging van een belastingverhoging van 20%, middels een bijkomende aanslag in de erfbelasting.

Bij tussenvonnis van 11 mei 2021 stelde de rechtbank en kamer een deskundige aan teneinde de door partijen vooropgestelde methodes en waarderingen af te toetsen en teneinde advies in te winnen met betrekking tot het bepalen van de verkoopwaarde van de aandelen.

De deskundige bepaalde de waarde van de aandelen op 3.340.552,00 EUR, maar bepaald de verkoopwaarde van de aandelen, op 6 juli 2017 op 2.672.418,00 EUR (= 3.340.522*80%).
Beide belastingplichtigen hadden immers , gelet op hun minderheidsbelang van 49,93%, geen mogelijkheid te wegen op het beleid van de vennootschap en het bijgevolg verantwoord was om een décote toe te passen om de verkoopwaarde van de aandelen te bepalen. Deze décote kon, in functie van de concrete omstandigheden (met name de niet te verwaarlozen minderheidsparticipatie, de onmogelijkheid om te wegen op het beleid van de vennootschap en de benadeling als minderheidsaandeelhouder) bepaald worden op 20%.

Vlabel betwist de door de deskundige in aanmerking genomen cijfers niet. Belastingplichtigen verzoeken de rechtbank om rekening te houden met een décote van 30% in plaats van 20%. De argumenten die men daarvoor in conclusies aanhaalt zijn in wezen dezelfde als deze die reeds in aanmerking genomen werden door de deskundige, maar dat de benadeling groter zou zijn dan aangenomen door de deskundige bewijzen belastingplichtigen niet; zijn leggen dienaangaande ook geen enkel stuk voor.

De visie van de rechtbank van eerste aanleg te Gent op 14 maart 2024

De bestreden aanslag dient vernietigd te worden in zoverre voor het bepalen van de belastbare basis een tekortschatting hoger dan 938.150,50 EUR in rekening gebracht werd.

De rechtbank ziet geen reden om de belastingverhogingen te herleiden of ongedaan te maken. De stelling van belastingplichtigen dat hen geen inschattingsfout verweten kan worden nu zij geen zeggenschap hebben in de vennootschap en zich in een nagenoeg onmogelijke positie bevinden met het oog op een eventuele verkoop van hun participatie, volgt de rechtbank niet.

Lees hier verder