Oude successieplanningen onder de loep:
wat bij gewijzigde omstandigheden?
Mr. Rinse Elsermans (Cazimir)
Webinar op donderdag 8 oktober 2026
Onderhoudsuitkeringen:
de impact van de ingrijpende fiscale wijzigingen
Mr. Steven Brouwers, advocaat-bemiddelaar
Webinar op vrijdag 3 juli 2026
Corporate Governance
voor familiebedrijven
Mr. Sofie Lerut (advocaat)
Webinar op donderdag 8 oktober 2026
Wenst u meerdere opleidingen
te volgen bij LegalLearning?
Overweeg dan zeker ons jaarabonnement
Krijg toegang tot +250 opleidingen
Live & on demand webinars
Met tussenkomst van de kmo-portefeuille
Onderhoudsuitkeringen: wijziging aftrekbaarheid (Delboo)
Auteur: Delboo
Zoals aangekondigd in het regeerakkoord, worden de percentages van aftrekbaarheid en belastbaarheid van onderhoudsuitkeringen afgebouwd. Daarnaast heeft de rechtbank van eerste aanleg te Gent in zijn vonnis van 4 november 2025 geoordeeld dat de wettelijke voorwaarden voor aftrekbaarheid ook kunnen worden nageleefd indien de onderhoudsgelden pas worden betaald nadat de onderhoudsgerechtigde maatregelen tot gedwongen uitvoering heeft moeten nemen.
De aftrekbaarheid en belastbaarheid van onderhoudsuitkeringen
De fiscale aftrekbaarheid van onderhoudsuitkeringen, reeds jarenlang bepaald op 80%, wordt afgebouwd naar 70% voor onderhoudsuitkeringen die vanaf 1 januari 2025 zijn betaald of toegekend, naar 60% voor onderhoudsuitkeringen die vanaf 1 januari 2026 worden betaald of toegekend en zal uiteindelijk 50% bedragen voor onderhoudsuitkeringen die vanaf 1 januari 2027 worden betaald of toegekend.
Voormelde percentages en data gelden ook voor de corresponderende belastbaarheid in hoofde van de genieter van de onderhoudsuitkering.
Voor aanslagen personenbelasting met betrekking tot belastbare tijdperken die ten laatste op 30 december 2025 eindigen verandert er niets en blijft het percentage behouden op 80%. Dit zal bij voorbeeld het geval zijn wanneer de onderhoudsplichtige in de loop van 2025 (vóór 31 december) overleden is.
Onderhoudsuitkeringen die worden betaald of toegekend aan een persoon die geen inwoner is van een lidstaat van de EER of van Zwitserland zijn niet langer aftrekbaar en zijn evenmin belastbaar in de belasting voor niet-inwoners. Deze bepaling is van toepassing op onderhoudsuitkeringen die vanaf 1 januari 2026 worden betaald of toegekend.
Spontane betaling een voorwaarde voor aftrekbaarheid?
Eén van de voorwaarden voor aftrekbaarheid van de onderhoudsuitkering is dat de betaling ervan ‘regelmatig’ moet geschieden.
Een belastingplichtige betaalde de onderhoudsbijdragen pas nadat de begunstigde de gedwongen uitvoering had bekomen maandelijks en met vaste bedragen: eerst driemaal 350 EUR, dan vijfmaal 700 EUR en ten slotte viermaal 500 EUR. De rechtbank van eerste aanleg te Gent heeft in zijn vonnis van 4 november 2025 geoordeeld dat de voorwaarde van ‘regelmaat’ niet impliceert dat de uitkeringen altijd op hetzelfde tijdstip moeten gebeuren of dat het om dezelfde bedragen moet gaan. Er is naar het oordeel van de rechter geen ‘mathematische’ regelmaat vereist.
De rechtspraak oordeelt doorgaans dat onderhoudsgelden die maar worden betaald nadat de onderhoudsgerechtigde maatregelen tot gedwongen uitvoering heeft moeten nemen, niet voldoen aan de voorwaarde van regelmaat. Belastingplichtigen die door financiële moeilijkheden hun onderhoudsgelden laattijdig betalen, kunnen dus doorgaans niet genieten van de aftrek van de betaalde onderhoudsgelden.
De rechtbank van eerste aanleg te Gent volgt in dit vonnis deze redenering niet. De wet voorziet niet in de voorwaarde dat de onderhoudsgelden ‘vrijwillig’ door de belastingplichtige moeten worden betaald. Door de aftrek van betaalde onderhoudsgelden afhankelijk te maken van een vrijwillige betaling, voegt de administratie volgens de rechtbank een voorwaarde toe aan de wet. Dit is niet toegelaten.
De rechter lijkt dus in te gaan tegen de gevestigde rechtspraak.
Bron: Delboo
» Bekijk alle artikels: Successie & Vermogen











