Geen moratoriumintresten bij teruggave teveel betaalde erfbelasting? (EY)

Auteur: EY

Publicatiedatum: 28/07/2021

Hof van beroep van Gent interpreteert ‘vergissing’ in hoofde van Vlabel 

Inleiding

Sinds 1 januari 2015 bepaalt artikel 3.9.2.0.1 van de VCF dat Vlabel in principe moratoriumintresten verschuldigd is (4% sinds 1 januari 2021 en voordien 7%) bij terugbetaling van onverschuldigde (Vlaamse) belastingen. Inzake erfbelasting worden moratorium-intresten evenwel enkel betaald als Vlabel “zich heeft vergist”.

In een geval, dat in het voordeel van de belastingplichtige beslecht werd door het hof van beroep van Gent op 11 mei 2021, werd een beslissing van Vlabel om geen moratoriumintresten toe te kennen wegens ontstentenis van een “vergissing” in haren hoofde, met succes aangevochten.

Ten gronde

Het betrof een nalatenschap van een weduwe, die reeds opengevallen was eind 2012, waarbij door de twee kinderen een aangifte van nalatenschap werd ingediend, met vermelding van enkele grote passiva. Het betrof meer bepaald een grote schuld in rekening courant jegens een vennootschap, een geldlening jegens twee (andere) vennootschappen, alsmede een schuld van de weduwe n.a.v. de toepassing van een ouderlijke boedelverdeling bij het overlijden van haar man.

De toenmalige Ontvanger verwierp voormelde passiefposten en gaf een wel heel summiere en cryptisch omschreven motivering mee.

Ondanks de bijkomende uitleg en de voorlegging van verantwoordingsstukken kwam er geen schot in de zaak. Minstens twee jaar na het openvallen van de nalatenschap bevestigde de administratie dat alle passiva verworpen bleven. De bewijsstukken die aangeleverd werden waren volgens haar “niet afdoende”. Er werd echter niet vermeld welke stukken dan wel noodzakelijk waren opdat de passiva zouden kunnen aanvaard worden.

De erfgenamen betaalden onder voorbehoud de van hen gevorderde erfbelasting. Aangezien Vlabel de dienst inmiddels had overgenomen en een aanslag had gevestigd, beslisten de erfgenamen om bezwaar aan te tekenen. 

Bijna vijf jaar na het overlijden (en tweeënhalf jaar na het indienen van het bezwaarschrift) besluit Vlabel dat de passiva toch quasi-integraal aanvaard zouden worden. De teveel betaalde erfbelasting zou zo spoedig mogelijk worden terugbetaald doch zonder moratoriumintresten omdat Vlabel – naar eigen zeggen – geen “vergissing” had begaan. De bewijslast betreffende passiva ligt immers, volgens Vlabel, geheel bij de belastingplichtige zelf.

Eén erfgenaam startte een gerechtelijke procedure om aan te tonen dat Vlabel wel degelijk een vergissing had begaan, met name door een gebrek aan motivering omtrent de redenen van verwerping van de passiva én de afwezigheid van communicatie over de bewijsstukken die wel voldoende zouden worden geacht. 

In eerste aanleg wordt nog besloten tot de ongegrondheid van de door de erfgenaam ingestelde vordering. In hoger beroep echter wordt de belastingplichtige in het gelijk gesteld. Het hof van beroep van Gent is (in een uitgebreide motivering) immers van oordeel dat er een wisselwerking dient te bestaan tussen Vlabel en de belastingplichtige inzake de bewijsstukken die zij nodig acht opdat bepaalde schulden van de erflater als passiva aftrekbaar zouden zijn. Vlabel was hier duidelijk in gebreke gebleven.

Vermits deze casus niet uniek is, en de moratoriumintresten wel vaker geweigerd (zullen) worden bij teruggave van teveel betaalde erfbelasting, kan een procedure tegen Vlabel aldus zeker een positief gevolg hebben voor de belastingplichtige. Een dergelijke procedure dient met de nodige motivering te worden opgestart en er dient tevens een berekening te worden gemaakt van de door Vlabel toe te kennen moratoriuminteresten.

Lees hier het originele artikel