Fiscus tikkeltje minder cryptisch over cryptomunten (aternio)

Auteur: Lien Van hauwermeiren (aternio)

Publicatiedatum: 30/06/2021

Rond cryptomunten heeft altijd al een mysterieuze waas gehangen. Zo ook over het melden van een cryptorekening aan de fiscus en over de belastbaarheid ervan. Drie mogelijke scenario’s kunnen zich voordoen wat de belastbaarheid betreft. Belast als beroepsinkomen (tot 50 %), als divers inkomen (33 %) of helemaal niet. U begrijpt meteen dat dit een serieus verschil kan maken. Relevant criterium bij de beoordeling daarvan is het “normaal beheer van het privévermogen” (de professionele belegger even buiten beschouwing gelaten). Waar de grens ligt tussen speculeren en het normaal beheren van het privévermogen is natuurlijk een feitenkwestie.

Vragenlijst Cryptomunten

Wie zekerheid wil, moet zich – bij gebrek aan wettelijk kader – richten tot de Dienst voor Voorafgaande Beslissingen (DVB). In de eerste rulings leek de DVB de winsten uit cryptomunten te willen beschouwen als een divers inkomen gelet op het speculatieve karakter ervan.

In 2018 bracht de DVB een beetje meer duidelijkheid met de publicatie van een lijst met 17 vragen. Uit deze lijst blijkt welke criteria de DVB hanteert bij de beoordeling van de belastbaarheid van de winst uit cryptomunten. Denk dan bijvoorbeeld aan het al dan niet hebben of gebruiken van professionele kennis, het aantal verrichtingen, de tijd tussen aan- en verkopen, de beleggingsstrategie, het al dan niet actief zijn in een cryptomunten-gemeenschap, …

Wie als een goede huisvader (of een voorzichtig en redelijk persoon) slechts een beperkt deel van zijn roerend vermogen op min of meer lange termijn investeert in cryptomunten, zal zijn winsten niet belast zien en moet deze ook niet aangeven. Hoe amateuristischer u te werk gaat, hoe minder u in het vizier van de fiscus komt.

Recente rulings

In een tiental recente rulings laat de DVB verder in zijn kaarten kijken. Of toch een klein beetje. Telkens wordt in het voordeel van de aanvrager beslist dat de meerwaarden die bij verkoop gerealiseerd zullen worden, het gevolg zijn van een normaal beheer van het privévermogen en dus niet belastbaar.

Wat in deze recente rulings opvalt is dat aanvragers:

  • slechts een beperkt aantal aankopen (1 tot 3 jaar geleden) en nog geen verkopen hebben verricht;
  • een buy and hold-strategie toepassen (langetermijnvisie);
  • geen professionele kennis van cryptomunten hebben via werk of studies;
  • geen beroep doen op geautomatiseerde software voor de aankoop, noch op speciale apparatuur voor de bescherming van cryptomunten;
  • niet geleend hebben voor de aankoop van cryptomunten;
  • niet beleggen voor anderen in cryptomunten en zijn niet actief binnen de cryptomunten-gemeenschap;
  • slechts een “beperkt percentage” van hun roerend vermogen in cryptomunten hebben belegd.

Daar waar in eerdere rulings sprake was van 0,5 tot 6 % van het roerend vermogen, is er in de recente rulings enkel sprake van een “beperkt percentage” van het roerend vermogen dat geïnvesteerd wordt in cryptomunten. Welk percentage de DVB dan wel als speculatief beschouwt en mogelijks wel een alarmbel voor belastbaarheid is, is echter niet duidelijk.

Wie geen ruling wil aanvragen kan zich op bovenstaande criteria baseren om cryptowinsten al dan niet aan te geven. Kritische bemerking daarbij: grote sommen geld die op uw rekening verschijnen bij het omzetten van cryptomunten doen een belletje rinkelen bij de bank. Vanuit die hoek – en in het kader van de witwaswetgeving – kan u mogelijk vragen krijgen over de herkomst van de sommen.

Fiscale transparantie op komst

Europa werkt intussen verder aan de uitbreiding van de automatische gegevensuitwisseling tussen EU-lidstaten (Directive Administration Cooperation, kortweg ‘DAC’). Binnen afzienbare tijd zullen dus ook cryptomunten en elektronisch geld onder deze automatische gegevensuitwisseling vallen.

De Belgische fiscus zal dus meer grip krijgen op de voor haar nog steeds duistere wereld van cryptomunten. Welke informatie de fiscus daarmee in handen zal krijgen, is nog niet duidelijk. Dat aan- en verkoopverrichtingen en het saldo van cryptorekeningen tot die gegevens zullen behoren, lijkt evenwel buiten kijf te staan.

Naar alle waarschijnlijkheid mag de nieuwe richtlijn daaromtrent (DAC8) eind 2021 verwacht worden.

Lees hier het originele artikel