Wenst u meerdere opleidingen
te volgen bij LegalLearning?
Overweeg dan zeker ons jaarabonnement
Krijg toegang tot +250 opleidingen
Live & on demand webinars
Met tussenkomst van de kmo-portefeuille
Overheidsopdrachten:
de meest voorkomende fouten
die Belgische ondernemingen maken
Mr. Elke Casteleyn (Casteleyn Advocaten)
Webinar op donderdag 7 mei 2026
Overheidsopdracht voor heraanleg marktplein: over fout en aansprakelijkheid. Cassatie-arrest van 13 maart 2025 (Recht op zaterdag)
Het arrest van het Hof van beroep van Luik van 6 februari 2024
Het Hof van beroep van Luik stelt vast dat de stad Virton de uitvoering van fase 1 en 2, inclusief de plaatsing van klinkers op het vernieuwde marktplein van Virton had gegund aan een aannemer.
Nadat de stad Virton de aannemer opdracht had gegeven de werken te starten, diende deze een klinkermonster in dat door de stad Virton werd afgekeurd. De reden was dat het formaat en de kleur niet overeenkwamen met de specificaties in het bijzondere bestek, en dat het product niet gelijkwaardig was aan reeds geplaatste klinkers in het historisch centrum. De aannemer betwistte dit, en na een briefwisseling heeft de stad Virton de overeenkomst eenzijdig ontbonden.
Het hof van beroep van Luik oordeelt enerzijds dat „bij gebrek aan een vaststellingsproces-verbaal van tekortkomingen en, a fortiori, aan de onmiddellijke toezending per aangetekende brief van een afschrift van dit proces-verbaal aan de aannemer, de Stad Virton de vereiste formaliteiten niet heeft nageleefd, wat de onregelmatigheid van de door haar doorgevoerde ambtshalve maatregel tot gevolg heeft”. Anderzijds stelt het dat „aangezien stad Virton geen tekortkoming, en a fortiori geen ernstige tekortkoming, van de aannemer kan aantonen, haar vordering tot ontbinding van de overeenkomst op grond van de fouten van de aannemer ongegrond is”. Het hof veroordeelt de eiseres daarom tot vergoeding van de door de aannemer geleden schade.
De visie van het Hof van Cassatie op 13 maart 2025
Het bestaan van een causaal verband tussen de fout en de geleden schade, zoals deze zich heeft voorgedaan, veronderstelt dat de schade zich zonder de fout niet op dezelfde wijze zou hebben voorgedaan. De rechter die het bestaan van een dergelijk verband beoordeelt, moet de gebeurtenissen reconstrueren door de fout weg te laten, zonder de overige omstandigheden waarin de schade is ontstaan aan te passen, en nagaan of de schade zich in dat geval eveneens zou hebben voorgedaan. Het middel is dus gegrond.
» Bekijk alle artikels: Overheid & Aanbesteding









