Ondernemingen die illegale staatssteun gebruiken om overheidsopdrachten binnen te halen kunnen een verbod opgelegd krijgen om nog aan overheidsopdrachten deel te nemen. Hof van Beroep Brussel 28 februari 2019 (LegalNews.be)

Auteur: LegalNews.be

Publicatiedatum: 20/03/2019

Wat vooraf ging: het stakingsvonnis door de Voorzitter van de Franstalige Rb. van Koophandel te Brussel 

Op 22 maart 2018 werd een stakingsvonnis geveld door de Voorzitter van de  Franstalige Rb. van Koophandel te Brussel, waarbij mr. Peter Teerlinck (advocaat-vennoot & de Bandt) optrad voor de Algemene Belgische SchoonmaakUnie (ABSU) tegen de VZW ‘Village N°1 Entreprises’, een ‘Entreprise de Travail Adapté’ (ETA), waar in hoofdzaak gehandicapte personen worden tewerkgesteld.

Meer info hierover vindt u in dit artikel: Overheidsopdrachten en abnormaal lage prijzen door gesubsidieerde beschutte werkplaats : stakingsvonnis Rb. Koophandel Brussel op 22 maart 2018.

Het arrest van het Hof van Beroep te Brussel (28 februari 2019)

Het arrest van 28 februari 2019 van het Hof van Beroep te Brussel bevestigt het vonnis van de Voorzitter van de Franstalige Ondernemingsrechtbank te Brussel van 22 maart 2018. In dit vonnis sprak de Voorzitter drie stakingsbevelen uit tegen Village n°1. Het Hof van Beroep bevestigde de eerste twee stakingsbevelen en herformuleerde deze enigszins. Het derde stakingsbevel werd zonder voorwerp bevonden.

1. In de eerste plaats bevestigt het Hof van Beroep dat het indienen van abnormaal lage prijzen in het kader van een overheidsopdracht principieel in strijd is met de eerlijke marktpraktijken in de zin van artikel VI.104 WER.

In dit verband wijst het Hof erop dat een offerte die abnormaal lage prijzen bevat, niet alleen de mededinging en de gelijkheid van de inschrijvers kan schaden, maar ook het algemeen belang.

In casu stelt het Hof van Beroep vast dat, in het kader van de zes door ABSU voorgelegde gunningsdossiers, drie aanbestedende overheden Village n°1 hebben ondervraagd over haar abnormaal lage prijzen en vervolgens in twee gevallen de offerte van Village n°1 hebben afgewezen. Het Hof is van oordeel dat de vastgestelde abnormaal lage prijzen niet uitsluitend konden worden gerechtvaardigd door het feit dat Village n° 1 een onderneming voor aangepast werk is en onder een ander paritair comité ressorteert dan de leden van ABSU. Ook het feit dat Village n°1, die een vzw is, geen winst uitkeert aan haar aandeelhouders, verantwoordt de abnormaal lage prijzen niet.

Voorts stelt het Hof dat geen enkel objectief element erop wijst dat het risico van recidive kan worden uitgesloten.

Het Hof bevestigt dan ook het stakingsbevel als volgt (vrije vertaling):

beveelt Village n°1 de stopzetting van het indienen van offertes voor overheidsopdrachten tegen abnormaal lage prijzen in de zin van de regelgeving inzake overheidsopdrachten […], op straffe van een dwangsom van 10.000 euro voor elke opdracht waarbij de aanbestedende overheid een abnormaal lage prijs vaststelt in de offerte, vanaf de betekening van het bestreden vonnis. 

2. Ten tweede oordeelt het Hof van Beroep dat het Waalse reglementaire kader [1] waarbinnen Village n°1 loonsubsidies ontvangt kennelijk verder gaat dan hetgeen is toegelaten onder de Verordening nr. 651/2014 van de Europese Commissie.

Het in Wallonië toegelaten subsidiepercentage voor werknemers met een beperking (i.e. 85%, in bepaalde gevallen zelfs 89%), is immers hoger dan het percentage vastgesteld in de genoemde Verordening (i.e. ten hoogste 75%). Bovendien stelt het Hof vast dat het Waalse reglementaire kader ook subsidies voorziet voor kaderpersoneel, wat niet voorzien is in de Europese Verordening.

Aangezien de steun niet is vrijgesteld in de Verordening, had de steunmaatregel bij de Europese Commissie moeten worden aangemeld. Bij gebreke van aanmelding, is deze steun onrechtmatig.

In dit verband wijst het Hof erop dat, hoewel de verplichting tot aanmelding van dergelijke steun wordt opgelegd aan het Waals Gewest en dus niet aan de begunstigden ervan, uit het dossier blijkt dat Village n°1 kennis had van het onrechtmatig karakter van de steun.

Voorts verwerpt het Hof het verweer van Village n°1 dat de ontvangen steun zogenaamde “bestaande” steun zou uitmaken – i.e. steun die vóór de toetreding van België tot de Europese Unie in 1957 is verleend – en derhalve niet bij de Europese Commissie had moeten worden aangemeld. In dit verband wijst het Hof erop dat de individuele steun die aan Village n°1 is toegekend, in geen geval kon worden toegekend vóór de oprichting van de onderneming in 1963, zodat deze niet als bestaande steun kan worden aangemerkt. Ten overvloede stelt het Hof dat, in de veronderstelling dat de betrokken steun “bestaande” steun uitmaakt, deze steun na de toetreding van België tot de Europese Unie aan de in artikel 108, lid 1 VWEU bedoelde procedure van controle had moeten worden onderworpen.

Bijgevolg heeft het Hof van Beroep ook het tweede stakingsbevel bevestigd en als volgt verduidelijkt (vrije vertaling):

“beveelt Village n°1 de stopzetting van het indienen van offertes voor overheidsopdrachten tegen prijzen die zijn vastgesteld rekening houdend met de loonsubsidies die door de Waalse autoriteiten zijn toegekend op basis van de artikelen 1001 e.v. van de Code réglementaire wallon de l’action sociale et de la santé, of alle recentere gelijkaardige bepalingen, en dit zolang de steun niet bij de Europese Commissie is aangemeld en verenigbaar met de interne markt is verklaard, op straffe van een dwangsom van 10.000 euro per inbreuk, vanaf de datum van betekening van het bestreden vonnis.”

Lees hier het arrest

De impact van deze rechtspraak

Volgens mr. Peter Teerlinck (advocaat-vennoot & de Bandt) is dit ongetwijfeld een baanbrekend arrest, zowel op het vlak van overheidsopdrachten als staatssteun.

De onderliggende boodschap is minstens dat ondernemingen die illegale staatssteun gebruiken om overheidsopdrachten binnen te halen een verbod kunnen opgelegd krijgen om nog aan overheidsopdrachten deel te nemen.

Vraag is dan nog in welke mate deze rechtspraak gaat worden opengetrokken naar niet-overheidsopdrachten en ook buiten het geval dat er een abnormaal lage prijs wordt geboden.

[1] Het gaat met name om de artikelen 1001 e.v. van de Code réglementaire wallon de l’action sociale et de la santé.

Themadag ‘Overheidsopdrachten anno 2020’ op 7 mei 2020

Tijdens deze Themadag ‘Overheidsopdrachten’ worden, na de plenaire sessie door de auteur van het boek, zes opleidingen gegeven door ervaren praktijkjuristen, waarbij ruime mogelijkheid tot vraagstelling wordt voorzien.

De formule van deze Themadag is uitermate flexibel: elke deelnemer kan voor een forfaitaire basisprijs twee sessies naar keuze volgen, maar zich bijkomend inschrijven voor twee andere sessies (in totaal kan een deelnemer dus vier sessies volgen).

Deelnemers aan de themadag krijgt het nieuwe boek ‘De aanbestedende overheid & Capita Selecta’ (uitgave ter waarde van €130) van spreker Peter Teerlinck als documentatie.

Tijdens deze themadag wordt er uiteraard ook ruimschoots aandacht besteed aan relevante recente rechtspraak.

Sprekers:

  • meester Peter Teerlinck (advocaat-vennoot & De Bandt)
  • Prof. dr. Kristof Uytterhoeven (advocaat-vennoot Caluwaerts Uytterhoeven, hoofddocent verbonden aan de faculteit Architectuur KULeuven)
  • meester Stephanie Moras (advocaat Caluwaerts Uytterhoeven)
  • meester Maarten Somers (advocaat-vennoot Schoups)
  • meester Carlo Cardone (advocaat Schoups)
  • meester Peter Flamey (advocaat-vennoot Flamey Advocaten)
  • meester Bob Martens (advocaat-vennoot DLA Piper)
  • meester Andi Zrza (advocaat DLA Piper)
  • meester Elke Casteleyn (advocaat-vennoot Casteleyn Advocaten)
  • meester Neil Braeckevelt (advocaat-vennoot Crivits & Persyn)
  • meester Evelien Vanhauter (advocaat Crivits & Persyn)

Meer informatie