Overheidsopdrachten: 10 knelpunten onder de loep – Een analyse aan de hand van recente rechtspraak

Webinar op 2 juni 2022

Privaat versus publiek bouwrecht

Webinar on demand

Publiek- en privaatrechtelijke overeenkomsten

Webinar on demand

Contracten anno 2021

Webinar on demand

Overheidsopdrachten: 3 praktijkgerichte topics

3 Webinars on demand

Legal English

Webinar on demand

Het is te vroeg om de oorlog in Oekraïne en de recente prijsstijging van energie en grondstoffen te beschouwen als een ‘onvoorziene omstandigheid’ (Publius)

Auteur: Fien D’Haenens (Publius)

De invasie van Rusland in Oekraïne dateert van 24 februari 2022 en nu al baseren sommige opdrachtnemers zich op ‘onvoorziene omstandigheden’ zoals bedoeld in art. 38/9 van de algemene uitvoeringsregels (AUR).

Overeenkomstig art. 38/9 AUR kan een opdrachtnemer aanspraak maken op een herziening van de opdracht indien hij aantoont dat die herziening noodzakelijk is geworden door omstandigheden die hij redelijkerwijze niet kon voorzien bij de indiening van zijn offerte, die hij niet kon ontwijken en waarvan de gevolgen niet konen worden verholpen niettegenstaande hij daartoe het nodige heeft gedaan.

In het verleden werd art. 38/9 AUR al toegepast voor abnormale prijsstijgingen in olie, staal en de schaarste in isolatiemateriaal maar toen werd er telkens een omzendbrief afgekondigd waarin uitdrukkelijk bevestigd werd dat er sprake was van een onvoorziene omstandigheid.

Bij gebrek aan een ministeriële omzendbrief lijkt het voor een aanbesteder voorbarig om de oorlog in Oekraïne en de recente, aanzienlijke prijsstijgingen van vooral energie en grondstoffen als onvoorziene omstandigheid te aanvaarden.

De aannemers, daarentegen, moeten ernstig overwegen om nu reeds hun aanspraak op herziening van de opdracht te stellen om te vermijden dat de aanspraak laattijdig is.

Nog dit. In geen geval kan worden overgegaan tot een eenzijdige verhoging van eenheidsprijzen zoals sommige aannemers thans aankondigen…

Bron: Publius