Generatieve AI
in de juridische praktijk

Dr. Wim De Mulder (KU Leuven)

Webinar op donderdag 25 februari 2027


Koop-verkoop van onroerend goed:
obstakels uit de praktijk

Mr. Jérémy Vanderheyde en mr. Karel Veuchelen

(Scale / Schoups)

Webinar op donderdag 19 november 2026


Actualia Overheidsopdrachten 2025/2026.
Een overzicht van recente wet- en regelgeving, omzendbrieven en rechtspraak

Dhr. Constant De Koninck (Rekenhof)
Mr. Peter Teerlinck (& De Bandt)

Webinar op vrijdag 4 december 2026


Wenst u meerdere opleidingen
te volgen bij LegalLearning?

Overweeg dan zeker onze voordeelformules!

 

Krijg toegang tot +250 opleidingen

Live & on demand webinars

Met tussenkomst van de kmo-portefeuille


Overheidsopdrachten:
twee recente wetswijzigingen onder de loep

Dhr. Constant De Koninck (Rekenhof)

Mr. Elke Casteleyn (Casteleyn Advocaten)

Webinar op dinsdag 2 februari 2027

Aannemerserkenning in het kader van een overheidsopdracht onder de loep (Caluwaerts Uytterhoeven)

Auteurs: Louis De Fonseca & Stephanie Moras (Caluwaerts Uytterhoeven)

Voor veel ondernemingen lijkt de erkenning van aannemers een administratieve formaliteit die pas relevant wordt bij grote infrastructuurprojecten. In werkelijkheid is ze een essentieel toegangsticket tot de markt van overheidsopdrachten voor werken. Zonder erkenning – of zonder te kunnen aantonen dat u eraan voldoet – kan een aanzienlijk deel van de publieke markt buiten bereik blijven.

Met arrest nr. 265.188 van 12 december 2025 vernietigde de Raad van State het koninklijk besluit van 14 april 2024. Daardoor herleeft het koninklijk besluit van 26 september 1991 en gelden opnieuw de oorspronkelijke drempelbedragen per aannemersklasse. Die terugval maakt duidelijk hoe bepalend het erkenningssysteem is voor de toegang tot opdrachten – en roept tegelijk praktische vragen op bij ondernemingen die willen inschrijvingen.

Toelating tot een overheidsopdracht? De rol van erkenning

De erkenning van aannemers van werken is geregeld in de wet van 20 maart 1991. Opdrachten voor werken boven een bepaalde waarde mogen enkel worden uitgevoerd door aannemers die erkend zijn, of die aantonen dat zij aan de erkenningsvoorwaarden voldoen. Het systeem fungeert als een juridische filter dat moet waarborgen dat enkel ondernemingen met voldoende technische bekwaamheid en financiële draagkracht overheidsopdrachten kunnen uitvoeren.

Voor ondernemingen betekent dit concreet dat hun erkenningsklasse bepaalt voor welke opdrachten zij kunnen inschrijven en welke groeimogelijkheden binnen de publieke markt realistisch zijn.

Van klasse 1 tot klasse 8: wie mag wat bouwen?

Het koninklijk besluit van 26 september 1991 deelt aannemers in acht klassen in naargelang de omvang van de werken die zij mogen uitvoeren. Hoe hoger de klasse, hoe groter de opdrachten waarvoor een onderneming kan meedingen. De klassen fungeren als een schaal die de veronderstelde capaciteit van een aannemer weerspiegelt, gaande van kleinschalige lokale werken tot grootschalige infrastructuurprojecten.

Een aannemer in klasse 1 zal zich doorgaans richten op beperkte renovaties of lokale werken, terwijl klasse 5 of 6 toegang biedt tot middelgrote projecten zoals wegenwerken of publieke gebouwenKlasse 8 vormt de hoogste categorie en laat toe om in te schrijven op de grootste en meest complexe opdrachten.

De indeling gebeurt op basis van een samenhang van criteria, waaronder technische bekwaamheid, financiële draagkracht en personeelsstructuur. Historisch weerspiegelt dit model een arbeidsintensieve sector, waarin personeelsaantallen een belangrijke indicator waren voor uitvoeringscapaciteit. In sommige sub sectoren, waar technologie en kapitaal vandaag een grote rol spelen, botst dit model echter met de economische realiteit.

Uw erkenningsklasse bepaalt dus niet alleen wat u kan bouwen, maar ook of u überhaupt mag meedingen.

Het arrest: waarom de regels opnieuw veranderen

Het koninklijk besluit van 14 april 2024 verhoogde de maximumbedragen per klasse om ze beter te laten aansluiten bij de gestegen bouwkosten. De Raad van State erkende dat deze doelstelling legitiem was, maar oordeelde dat niet was aangetoond dat de proportionaliteit tussen de erkenningscriteria en de nieuwe drempelbedragen was hersteld.

Volgens de Raad moet de erkenningsregeling evolueren met de bouwsector, rekening houdend met technologische ontwikkelingen en hun impact op tewerkstelling. Daarnaast moet zij voldoende mededinging waarborgen en de toegang van kmo’s tot de markt vrijwaren. Door uitsluitend de financiële drempels aan te passen zonder de samenhang met andere criteria te herzien, werd het gelijkheidsbeginsel geschonden.

Het gevolg is een terugkeer naar het kader van 1991. Hoewel dat opnieuw van toepassing is, blijft de spanning bestaan tussen de formele erkenningscriteria en de huidige economische realiteit van de sector.

Nog geen erkenning, toch inschrijven?

Een vraag die wij in de praktijk vaak krijgen, is wat een onderneming moet doen wanneer zij een erkenning heeft aangevraagd, maar deze nog niet formeel heeft verkregen op het moment dat zij wil inschrijven op een overheidsopdracht.

De erkenningswet biedt hier een belangrijke nuance. Opdrachten mogen niet alleen worden uitgevoerd door erkende aannemers, maar ook door aannemers die aantonen dat zij aan de erkenningsvoorwaarden voldoen. Een onderneming hoeft dus niet te wachten op de formele erkenningsbeslissing om een offerte in te dienen.

In de praktijk kan een onderneming met een lopende erkenningsaanvraag inschrijven, op voorwaarde dat zij aantoont dat zij aan de erkenningsvoorwaarden voldoet. Dit gebeurt doorgaans door het voorleggen van het erkenningsdossier, de bewijsstukken en een bevestiging van de FOD Economie dat het dossier volledig is.

De aanbestedende overheid kan de offerte beoordelen, maar kan de opdracht niet definitief gunnen zolang niet is vastgesteld dat aan de erkenningsvoorwaarden is voldaan. De formele erkenning blijft dus vereist vóór de sluiting van de opdracht.

Meer dan papierwerk: wat er echt op het spel staat

Aannemerserkenning is geen administratieve formaliteit, maar een bepalende factor voor markttoegang, mededinging en gunningskansen. Onzekerheid over erkenning kan leiden tot gemiste opportuniteiten, betwistingen of vertragingen bij gunningen.

In een context waarin het regelgevend kader onder druk staat en mogelijk verder zal worden hervormd, is het voor ondernemingen essentieel om hun erkenningspositie strategisch te benaderen en tijdig te anticiperen op mogelijke knelpunten.

Bron: Caluwaerts Uytterhoeven

» Bekijk alle artikels: Overheid & Aanbesteding, Bouw & Vastgoed

Boeken in de kijker: