>>>Overdracht van niet-volstorte aandelen van een BV in het nieuwe WVV: wie neemt de volstortingsplicht op zich? (Talo Advocaten)

Overdracht van niet-volstorte aandelen van een BV in het nieuwe WVV: wie neemt de volstortingsplicht op zich? (Talo Advocaten)

Auteur: Matthias Koopman (Talo Advocaten)

Publicatiedatum: 19/04/2021

Bij de overname van een aandelenpakket van een BVBA bleef de volstortingsplicht van niet-volgestorte aandelen onder de oude vennootschapswetgeving (W. Venn.) vaak onderbelicht, dewelke bij opvraging van dit niet-volgestorte aandeel (door de vennootschap, dan wel een derde (bv. de curator)) kon leiden tot een heus welles-nietesspelletje tussen de overdrager en de overnemer.

Het nieuwe Wetboek voor Vennootschappen en Verenigingen (WVV) brengt een einde aan deze discussie door een heldere wettelijke regeling aangaande de aansprakelijkheid van volstortingsplicht in het leven te roepen.

OUDE REGELING IN EEN BVBA – TEGENSTELBAARHEID VAN EIGENLIJKE OVERDRACHT VAN AANDELEN.

Aangezien een duidelijke en transparante regeling omtrent de aansprakelijkheid van niet-volgestorte aandelen van een BVBA ontbrak in het oude W. Venn., riepen rechters (te) strenge voorschriften in het leven, zodat kon worden nagegaan op wiens schouders de finale verantwoordelijkheid van de volstortingsplicht rust: de overdrager, dan wel de overnemer van het aandelenpakket?

Deze hamvraag werd opgelost door te zien aan wie de eigenlijke overdracht van aandelen tegenstelbaar was. Zo werd onder meer gekeken i) naar de inschrijving in het aandelenregister; ii) naar de potentiële schriftelijke verbintenis van de overnemer om de volstortingsplicht op zich te nemen en iii) of de eigenlijke overeenkomst tot overdracht van aandelen ‘in aanwezigheid van de vennootschap’ (waarvan de aandelen worden overgedragen) werd getekend.

Onder de oude vennootschapswetgeving had de overnemer aldus meerdere mogelijkheden om zijn verbintenis tot volstorting op een geldige wijze over te dragen aan de overnemer. In de praktijk leidde dit tot misbruik, waarbij een overdrager zijn niet-volgestorte aandelen wetens en willens overdroeg aan een insolvabele persoon.

Hierdoor ontsnapte de overdrager aan zijn volstortingsplicht en kon hij in de (nabije) toekomst niet worden aangesproken door een derde (bv. de curator bij een faillissement van de vennootschap (waarvan de aandelen werden overgedragen).

NIEUWE REGELING IN EEN BV – HOOFDELIJKE GEHOUDENHEID TUSSEN OVERDRAGER EN OVERNEMER

Teneinde een mouw te passen aan dit misbruik, stelt de nieuwe vennootschapswetgeving in art. 5:66 WVV dat, indien niet-volgestorte aandelen worden overgedragen, zowel de overdrager als de overnemer tegenover derden (bv. de curator) hoe dan ook hoofdelijk gehouden zijn tot de volstorting. Bovendien zijn, in geval van opeenvolgende overdrachten, alle opeenvolgende overdragers/overnemers eveneens hoofdelijk gehouden.

Een nieuwigheid is dat een door de overnemer opgenomen verbintenis tot overname van de volstortingsplicht niet langer uitwerking heeft ten aanzien van derden, waardoor een derde (bv. de curator) hier geen rekening mee moet houden en zonder meer beide partijen kan aanspreken ter volstorting van de niet-volgestorte aandelen.

De overdrager kan zich dus niet meer bevrijden van zijn eigen volstortingsplicht en zal dus altijd aangesproken kunnen worden door derden (bv. de curator).

De verjaringstermijn van deze hoofdelijke aansprakelijkheid bedraagt 5 jaar, waardoor de overdrager van de niet-volgestorte aandelen in principe tot vijf jaar na datum van overdracht kan worden aangesproken ter volstorting van de overgedragen niet-volgestorte aandelen.

Kan een overdrager van niet-volgestorte aandelen zich voortaan nog onttrekken van deze volstortingsplicht? Neen, in principe kan een derde (bv. de curator) hoe dan ook de overdrager aanspreken.

Indien U als overdrager van niet-volgestorte aandelen wenst te vermijden dat U tot vijf jaar na datum van overdracht kan worden aangesproken door een derde (bv. de curator), dient U de aandelen te volstorten alvorens U ze overdraagt (waarbij in geval van verkoop uiteraard een potentiële verrekening in de overnameprijs kan worden overeengekomen).

Lees hier het originele artikel

2021-06-02T13:25:41+00:00 7 juni 2021|Categories: Vennootschapsrecht|Tags: , , , |