>>>Hervorming vennootschapsrecht : de geschillenregeling herzien (Peeters Euregio Law)

Hervorming vennootschapsrecht : de geschillenregeling herzien (Peeters Euregio Law)

Auteurs: Jan Peeters en Sofie Jacobs (Peeters Euregio Law)

Publicatiedatum: 28/06/2018

De geschillenregeling is het laatste redmiddel om conflicten tussen aandeelhouders op te lossen zonder het voortbestaan van de onderneming in het gedrang te brengen. Door middel van de geschillenregeling kan u een andere aandeelhouder dwingen om uw aandelen over te nemen (uittreding: u treedt uit de vennootschap en de andere aandeelhouder moet uw aandelen overnemen) of om zijn aandelen aan u over te dragen (uitsluiting: de andere aandeelhouder wordt uit de vennootschap uitgesloten en u moet/mag zijn aandelen overnemen). Het mag dan ook niet verwonderen dat deze geschillenregeling de meest toegepaste procedure uit het vennootschapsrecht is.

Uit de toepassing in de praktijk blijkt echter dat de geschillenregeling een aantal onduidelijkheden bevat. Zo is het tot op heden bijvoorbeeld niet duidelijk of de vennootschap als procespartij in de zaak kan worden betrokken of welke soorten aandelen precies het voorwerp kunnen uitmaken van een gedwongen overdracht of overname.

Daarnaast bevat de huidige geschillenregeling twee grote knelpunten. Het eerste knelpunt betreft de beperkte bevoegdheid van de Voorzitter van de Rechtbank van koophandel, die enkel bevoegd is voor de eigenlijke vordering tot uitsluiting of uittreding. Dit leidt tot de zeer inefficiënte situatie dat men voor samenhangende geschillen (bv. geschillen m.b.t. het eigendomsrecht van de aandelen, de rekening-courant of een niet-concurrentiebeding) parallelle procedures bij verschillende rechters dient op te starten. Het tweede knelpunt betreft de eeuwige discussie over de peildatum voor de prijsbepaling en de vraag naar de mogelijke invloed van gedragingen van de partijen op de waarde van de aandelen.

Om hieraan tegemoet te komen, heeft de wetgever in het kader van de hervorming van het vennootschapsrecht een aantal wijzigingen voorzien voor de geschillenregeling, zonder echter te raken aan de essentie van de procedure. De belangrijkste wijzigingen van de hervorming worden hieronder besproken.

1. Technische wijzigingen

Allereerst voorziet het wetsontwerp in enkele kleinere technische wijzingen om te verhelpen aan een aantal bestaande onduidelijkheden.

eze technische wijzigingen kunnen als volgt worden samengevat:

(i) Het toepassingsgebied van de geschillenregeling wordt impliciet uitgebreid tot niet-genoteerde publieke vennootschappen;

(ii) Uitsluiting en uittreding ten laste van de vennootschap wordt mogelijk;

(iii) De term ‘effecten’ wordt verduidelijkt: het omvat zowel aandelen en winstbewijzen als effecten en contractuele rechten die recht geven op de verwerving van dergelijke effecten;

(iv) De term ‘aandeelhouder’ wordt verduidelijkt en omvat ook titularissen van een gedeelte van de eigendom, bv. titularissen van mede-eigendom, vruchtgebruik of blote eigendom;

(v) De drempel voor uitsluiting wordt uniform bepaald op 30% van de stemrechten, het kapitaal of de winstrechten;

(vi) De vennootschap wordt beschouwd als een volwaardige procespartij;

(vii) De vereiste van bekendmaking van het vonnis, waarbij de uitsluiting of uittreding wordt uitgesproken, wordt afgeschaft.

2. Uitbreiding bevoegdheden Voorzitter

Daarnaast wordt verholpen aan het probleem dat de Voorzitter van de Rechtbank van koophandel tot op heden enkel bevoegd is voor de vordering tot uitsluiting of uittreding. Het wetsontwerp voorziet namelijk in de uitbreiding van de bevoegheden van de Voorzitter van de Ondernemingsrechtbank (die de Rechtbank van koophandel zal vervangen) tot een groot aantal samenhangende vorderingen.

Zo zal de Voorzitter in de toekomst ook uitspraak kunnen doen over geschillen omtrent de eigendom van de aandelen (de vereiste van hoedanigheid van ‘aandeelhouder’) en zal de Voorzitter de ontbinding van de vennootschap om wettige reden kunnen uitspreken. Daarnaast zal de Voorzitter ook de samenhangende geschillen kunnen behandelen, op voorwaarde dat deze geschillen betrekking hebben op niet-concurrentiebedingen of op de financiële betrekkingen tussen de partijen en de vennootschap of met haar verbonden vennootschappen of personen (bv. leningenrekening-courant en zekerheden).

Bovendien wordt uitdrukkelijk voorzien in de mogelijkheid voor de Voorzitter om naast de prijs een aantal randvoorwaarden te bepalen met betrekking tot de uitsluiting of uittreding. Dit zorgt ervoor dat de uitsluiting of uittreding meer in lijn zal liggen met een vrijwillige overnameoverenkomst. De Voorzitter zal bijvoorbeeld de eigendomsoverdracht kunnen bevelen tegen betaling van een provisionele prijs. Daarnaast zal de Voorzitter een zekerheidstelling kunnen opleggen voor de nog te betalen prijs en zal hij de eiser in uitsluiting of de verweerder in uittreding kunnen verplichten om de zakelijke en persoonlijke zekerheden op te heffen. Tot slot zal de Voorzitter een gedeelte van de prijs kunnen koppelen aan de instemming van de overdrager met een voorgesteld concurrentiebeding of met de verstrenging van een bestaand concurrentiebeding.

3. Peildatum voor prijsbepaling

Het tweede grote probleem, dat wordt aangepakt door de hervorming, is de bepaling van de peildatum. De peildatum is de datum die in aanmerking moet worden genomen voor het bepalen van de waarde van de aandelen. Deze datum is van groot belang aangezien hiermee wordt bepaald wanneer het ondernemingsrisico overgaat.

Het wetsontwerp bepaalt dat de peildatum zal samenvallen met het moment waarop de Voorzitter de eigendomsoverdracht beveelt. Vervolgens zal de Voorzitter naar billijkheid een correctie kunnen toepassen op deze prijs indien de waardebepaling op de peildatum, gelet op alle relevante omstandigheden (zoals gedragingen van de vennoten, die al ruziënd de waarde van de vennootschap doen kelderen), tot een onredelijk resultaat zou leiden.

Tot slot dient nog te worden benadrukt dat de hervormingsvoorstellen nog niet definitief zijn en mogelijks nog gewijzigd kunnen worden. Het wetsontwerp werd op 4 juni 2018 ingediend bij de Kamer voor verdere bespreking. De nieuwe regels zullen wellicht gelden vanaf 1 januari 2019. Voor overige wijzigingen in het kader van de hervorming van het vennootschapsrecht, verwijzen wij naar onze publicaties Krachtlijnen hervorming vennootschapsrecht en Krachtlijnen nieuwe vereffeningsprocedure voor vennootschappen.

Wenst u meer informatie? Aarzel dan niet om ons te contacteren.

Lees hier het originele artikel