Dagelijks bestuur in de vennootschap:
een analyse aan de hand van 18 praktijkvragen

Mr. Vanessa Ramon en mr. Julie Hoflack (Crivits & Persyn)

Webinar op vrijdag 15 maart 2024


Buitencontractuele aansprakelijkheid:
het nieuwe boek 6 is een feit

Prof. dr. Ignace Claeys en prof. dr. Thijs Tanghe (Eubelius)

Webinar op dinsdag 5 maart 2024


Woninghuur in Vlaanderen en Brussel:
het antwoord op 25 praktijkvragen

Mr. Ulrike Beuselinck en mr. Koen De Puydt (Seeds of Law)

Webinar op dinsdag 27 augustus 2024


Aandeelhoudersovereenkomsten
in het licht van de nieuwe wetgeving

Mr. Michaël Heene (DLA Piper)

Webinar op vrijdag 31 mei 2024


Bouwteam(overeenkomsten):
een praktijkgerichte analyse

Mr. Michael Thielens (MT Law)

Webinar op vrijdag 15 maart 2024


Het nieuwe Boek 6 en de impact
voor de bouw- en vastgoedsector:
10 aandachtspunten

Prof. dr. Kristof Uytterhoeven (Caluwaerts Uytterhoeven)

Webinar op dinsdag 23 april 2024

Het faillissement als opschortende voorwaarde bij een verkoop (LegalNews)

Auteur: Marc Vandecasteele (LegalNews)

In deze bijdrage besteden we aandacht aan het door dr. Sander Baeyens in zijn publicatie behandelde problematiek van het faillissement als opschortende voorwaarde, meer bepaald de vraag welke vereisten dienen vervuld te zijn opdat de verkoop onder opschortende voorwaarde tegenwerpelijk is aan de failliete boedel van de verkoper.

Het faillissement als opschortende voorwaarde gaat veelal om een zekerheidsmechanisme dat geactiveerd wordt door de opening van een faillissementsprocedure, maar waar weinig aandacht aan wordt besteed in de Belgische rechtsleer.

Belangrijk is wel te benadrukken dat er geen reden bestaat die een verschil in behandeling rechtvaardigt tussen een opschortende voorwaarde van faillissement en andere opschortende voorwaarden. De verkoop onder opschortende voorwaarde van faillissement is in beginsel tegenwerpelijk aan de failliete boedel indien de noodzakelijke formaliteiten vervuld zijn: de tegenwerpelijkheid van de eigendomsoverdracht is niet onderworpen is aan een publiciteitsmaatregel of deze publiciteitsmaatregel is vóór de opening van de faillissementsprocedure vervuld.

Dit is niet in elk rechtsstelsel het geval: zo kan in het Amerikaanse recht een verkoop onder opschortende voorwaarde van faillissement geen gevolgen hebben, omdat de opening van een faillissementsprocedure geen invloed mag hebben op de samenstelling van de failliete boedel.

Een eerste hindernis voor de verkoop onder opschortende voorwaarde van faillissement is het wantrouwen van ons rechtsstelsel tegenover een fiduciaire zekerheidsoverdracht.

Het is mogelijk dat de koper onder opschortende voorwaarde een goed wenst te onttrekken aan de failliete boedel om de nakoming van een gewaarborgde verbintenis veilig te stellen. Een verkoop onder opschortende voorwaarde van faillissement vertoont dan sterke gelijkenissen met een fiduciaire eigendomsoverdracht tot zekerheid. Bij een fiduciaire eigendomsoverdracht tot zekerheid wordt het eigendomsrecht over een goed overgedragen aan de koper met als doel de nakoming van een verbintenis te waarborgen. Indien de gewaarborgde verbintenis is nagekomen, keert het overgedragen goed terug naar het vermogen van de verkoper. Het enige verschil tussen een verkoop onder opschortende voorwaarde van faillissement en een fiduciaire overdracht tot zekerheid bestaat erin dat de eigendomsoverdracht bij een verkoop onder opschortende voorwaarde van faillissement wordt uitgesteld tot op het ogenblik dat het duidelijk is geworden dat de gewaarborgde verbintenis niet (volledig) zal worden nagekomen. De beperkingen die het Belgische recht stelt aan de zekerheidsoverdracht (art. 62 Pandwet) moeten eveneens worden toegepast op de verkoop onder opschortende voorwaarde van faillissement met zekerheidsmotief.

Een tweede hindernis voor de tegenwerpelijkheid van een verkoop onder opschortende voorwaarde van faillissement betreft de faillissementspauliana (art. XX.114 WER).

Een succesvol beroep op de faillissementspauliana vereist het bewijs van het benadelende karakter van de rechtshandeling en het bedrieglijke opzet ervan. Het bedrieglijke opzet houdt in dat partijen redelijkerwijze op de hoogte dienden te zijn van het benadelende karakter van de rechtshandeling

In dit kader moet een onderscheid gemaakt worden tussen drie hypothesen (gedetailleerd behandeld in het boek):

  1. De verkoop onder opschortende voorwaarde van faillissement vindt plaats tegen een prijs die onder de marktwaarde van het goed ligt.
    Een dergelijke verkoop kan de toets van de faillissementspauliana niet doorstaan. De verkoop vermindert de verhaalsmogelijkheden van de gezamenlijke schuldeisers. Partijen zijn redelijkerwijze op de hoogte van het benadelende karakter van de verkoop. Zij koppelen de vermindering van de verhaalsmogelijkheden van de gezamenlijke schuldeisers aan de opening van een faillissementsprocedure, terwijl zij behoren te weten dat de failliete boedel ontoereikend zal zijn voor de integrale betaling van de gezamenlijke schuldeisers.
  2. De verkoop onder opschortende voorwaarde van faillissement vindt plaats tegen de marktwaarde, maar de gelden zijn verdwenen uit de failliete boedel op het ogenblik van de opening van de faillissementsprocedure. Het feit dat de koper een marktconforme tegenprestatie betaalt, sluit niet uit dat de rechtshandeling als benadelend kan worden gekwalificeerd.

De verkoop onder opschortende voorwaarde van faillissement vindt plaats tegen de marktwaarde, die betaald wordt op het ogenblik van de opening van de faillissementsprocedure. De faillissementspauliana blijft buiten toepassing omdat de failliete boedel in beginsel geen nadeel ondervindt van de transactie.  Benadeling is echter mogelijk indien de marktwaarde van het goed in de tussentijd gestegen is of de verkoop een overdracht going concern van de failliete onderneming frustreert.  Om elk risico van benadeling uit te sluiten, kunnen partijen een prijsaanpassingsmechanisme opnemen in de koopovereenkomst.  De verkoop tegen de marktwaarde heeft ook tot gevolg dat het bedrieglijke opzet milder moet beoordeeld worden. De verkoop onder opschortende voorwaarde van faillissement betreft in de meerderheid van de gevallen een onverdachte transactie die niet kan worden aangetast door de faillissementspauliana.

Webinar

Tegenwerpelijkheid en afdwingbaarheid van vermogensrechten aan de failliete boedel: 12 topics onder de loep‘. Webinar door dr. Sander Baeyens, advocaat Freshfields Bruckhaus Deringer, zoals steeds opgenomen in een professionele studio, incl. het boek ‘Vermogensrechten en faillissement’ (Uitgave Intersentia – april 2023 ter waarde van € 150). Op 8 juni 2023 live (15.00-17.00 uur), nadien on demand aangeboden.