Ondernemingsstrafrecht:
de ingrijpende wijzigingen vanaf 1 september 2026

Mr. Stijn De Meulenaer en mr. Danique Van Mechelen (Everest)

Webinar op dinsdag 24 november 2026


Generatieve AI
in de juridische praktijk

Dr. Wim De Mulder (KU Leuven)

Webinar op donderdag 25 februari 2027


Faillissementsrecht anno 2026:
recente wetgeving en rechtspraak

Mr. Ilse Van de Mierop en mr. Charlotte Sas

(DLA Piper)

Webinar op donderdag 26 november 2026


Bestuurdersaansprakelijkheid
bij cyberincidenten

Dhr. Bernd Fiten en dhr. Bram Goetry (CRANIUM)

Webinar op vrijdag 29 januari 2027


Zekerheden anno 2026:
een update aan de hand van wetgeving en rechtspraak

Mr. Ivan Peeters (NautaDutilh)
Mr. Philip Van Steenwinkel (Hogan Lovells)

Webinar op donderdag 19 november 2026


Antiwitwaskader:
de fundamentele wijzigingen
vanaf 10 juli 2027

Mr. Stijn De Meulenaer (Everest)

Webinar op vrijdag 16 april 2026

Goedkeuring reorganisatieplan is geen bewijs van kredietwaardigheid of vertrouwen. Ondernemingsrechtbank Gent 13 januari 2026 (Recht op zaterdag)

Auteur: Marc Vandecasteele (Recht op zaterdag)

Dat een schuldenaar zich nauwelijks vijf maanden na de homologatie van een reorganisatieplan reeds genoodzaakt ziet de boeken neer te leggen – nog vóór er enige betaling van schulden in de opschorting is gebeurd en na eerst te hebben genoten van een opschortingsperiode van vier maanden voorafgaand aan de homologatie van het plan – terwijl vastgesteld moet worden dat gedurende die negen maanden een significant nieuw passief werd opgebouwd zonder aanwijsbare externe oorzaken, toont aan dat de doorlopen procedure van gerechtelijke reorganisatie geenszins de werkelijke economische situatie en draagkracht van de onderneming weerspiegelde, en derhalve het noodzakelijke perspectief op continuïteit niet bood. Dat een meerderheid het reorganisatieplan heeft goedgekeurd, doet hieraan geen afbreuk.

Schuldeisers kunnen immers slechts oordelen op basis van de informatie die hun wordt meegedeeld, alle verslaggeving en voorgeschreven transparantie ten spijt. Dat een rechtbank een reorganisatieplan homologeert betekent geenszins dat de rechtbank op dat ogenblik gelooft in een redding of herstel, als zij al correct zou ingelicht zijn.

De meerderheid in de stemming werd enkel bekomen doordat verbonden ondernemingen, met dezelfde bestuurders, omwille van hoge intercompany-vorderingen voor het plan hebben gestemd, wat de relatieve waarde van het gehomologeerd reorganisatieplan onderstreept. Zonder deelname aan de stemming van de aan verweerster verbonden ondernemingen zou nooit de meerderheid behaald zijn.

De fiscale administratie en de RSZ hebben tegen het plan gestemd en sindsdien is hun schuldpositie gestegen en zijn zij niet meer betaald. Een bindende partijbeslissing afdwingen door een al dan niet gekunstelde meerderheid, is niet zomaar gelijk te stellen met “het vertrouwen van de schuldeisers genieten”.

De uiteenzettingen in de conclusie van de betrokken NV over de winstgevendheid, stijgende rendabiliteit en verhoogde omzetten vinden geen aansluiting met de werkelijkheid. Het volstaat de toestand op het ogenblik van het openen van de gerechtelijke reorganisatie op 19 september 2023 te vergelijken met de toestand op ogenblik van faillietverklaring op 18 juni 2024. De uitgebreide conclusie van de NV leest als wensdenken van een ondernemer die ofwel elke realiteitszin ontbreekt ofwel te kwader trouw is.

Lees hier het vonnis

» Bekijk alle artikels: Insolventie & Faillissement

Boeken in de kijker: