Zekerheden anno 2026:
een update aan de hand van wetgeving en rechtspraak
Mr. Ivan Peeters (NautaDutilh)
Mr. Philip Van Steenwinkel (Hogan Lovells)
Webinar op donderdag 19 november 2026
Faillissementsrecht anno 2026:
recente wetgeving en rechtspraak
Mr. Ilse Van de Mierop en mr. Charlotte Sas
(DLA Piper)
Webinar op donderdag 26 november 2026
Vennootschapsrecht anno 2026:
recente wetgeving en rechtspraak
Mr. Joris De Vos en mr. Laurens Engelen (Dentons)
Webinar op vrijdag 23 oktober 2026
Generatieve AI
in de juridische praktijk
Dr. Wim De Mulder (KU Leuven)
Webinar op donderdag 25 februari 2027
Wenst u meerdere opleidingen
te volgen bij LegalLearning?
Overweeg dan zeker onze voordeelformules!
Krijg toegang tot +250 opleidingen
Live & on demand webinars
Met tussenkomst van de kmo-portefeuille
Faillissementspauliana. Prioritaire terugbetalingen van door de voorzitter verstrekte leningen aan een VZW. Ondernemingsrechtbank Gent op 8 juli 2025 (Recht op zaterdag)
De feiten
X was medeoprichter en voorzitter van VZW QS, die zich toelegde op musicals en spektakels.
In 2012 verstrekte X een lening van €300.000 aan de VZW, met 6% interest, in de boekhouding geboekt als een schuld op meer dan één jaar. Uiteindelijk groeide de uitstaande schuld met rente tot €409.527,48.
Vanaf 2014 droogden de activiteiten van de VZW op en vanaf 2015 werden geen producties of projecten meer gestart en werden alleen nog lidgelden en subsidies ontvangen.
X werd in 2015 opnieuw voorzitter van de VZW tot aan het faillissement (uitgesproken 22 november 2022).
Tussen maart 2016 en december 2018 werden aanzienlijke terugbetalingen (€310.000) veeleer prioritair aan X voldaan, ondanks stilgevallen activiteiten.
Op faillissementsdatum deden slechts drie schuldeisers aangifte van schuldvordering, samen goed voor €17.979,72 (uitgezonderd het saldo op de lening van verweerder).
X is tevens bestuurder/aandeelhouder in de andere twee betrokken vennootschappen in faillissement.
De curator vordert de niet-tegenstelbaarheid van de terugbetalingen voor een totaal van €310.000 en veroordeling van X tot terugbetaling van dit bedrag aan de boedel – onder vermeerdering met rente en kosten. De curator stelt dat deze betalingen pauliaans zijn, daar ze bij voorrang, en ten nadele van andere schuldeisers, zijn voldaan tijdens feitelijke insolventie.
X betwist het pauliaans karakter, vraagt afwijzing van de vordering of herleiding tot het werkelijk nadeel van andere schuldeisers (ca. €11.000-€18.000) en betwisting van bijkomende kosten.
Beoordeling door de Rechtbank
De rechtbank oordeelt, in lijn met Cassatierechtspraak, dat de vordering niet verjaard is en de dagvaarding tijdig is.
De rechtbank stelt vast dat
- de lening nooit als opeisbaar werd geboekt, terugbetalingen gebeurden terwijl alle indicatoren op structurele insolventie wezen
- quasi alle inkomende middelen werden onmiddellijk doorgesluisd naar X ten nadele van de overige crediteuren
- een abnormaal karakter van deze handelingen (spoedige betalingen aan insider, terwijl andere schulden openstaan en geen activiteiten resteren) bewijst het pauliaanse bedrog
- het verweer dat alle schuldeisers in wezen dezelfde persoon vertegenwoordigden, wordt verworpen: afzonderlijk vermogen per rechtspersoon, ook bij identieke bestuurders.
De rechtbank veroordeelt X bij vonnis tot betaling van dit bedrag als provisie; het restant kan worden herzien na afloop van de betwistingsprocedure omtrent de eigen schuldvordering van X.
De rechtbank verklaart zich bevoegd tot kennisname van de vordering.
Verklaart de vorderingen van de curator ontvankelijk en gegrond in volgende mate:
- Zegt voor recht dat de betalingen daterend in de periode 17 maart 2016 en 31 december 2018 door VZW [QS] aan X zijn verricht met bedrieglijke benadeling van de rechten van de schuldeisers.
- Zegt voor recht dat X gehouden is tot herstel van de hierdoor geleden schade.
- Veroordeelt X tot betalen van een provisioneel begrote som van 18.912,60 EUR aan de curator, meer de intrest aan de wettelijke intrestvoet vanaf 23 november 2023.
- Zendt de zaak naar de rol voor eventuele verdere definitieve begroting van de te vergoeden schade.
- Veroordeelt X tot de kosten van dagvaarding, 428,46 euro en houdt eventuele andere vorderingen inzake de kosten aan.
- Verklaart dit tussenvonnis uitvoerbaar bij voorraad.
» Bekijk alle artikels: Insolventie & Faillissement












