Zekerheden anno 2026:
een update aan de hand van wetgeving en rechtspraak
Mr. Ivan Peeters (NautaDutilh)
Mr. Philip Van Steenwinkel (Hogan Lovells)
Webinar op donderdag 19 november 2026
Wenst u meerdere opleidingen
te volgen bij LegalLearning?
Overweeg dan zeker onze voordeelformules!
Krijg toegang tot +250 opleidingen
Live & on demand webinars
Met tussenkomst van de kmo-portefeuille
Generatieve AI
in de juridische praktijk
Dr. Wim De Mulder (KU Leuven)
Webinar op donderdag 25 februari 2027
Vennootschapsrecht anno 2026:
recente wetgeving en rechtspraak
Mr. Joris De Vos en mr. Laurens Engelen (Dentons)
Webinar op vrijdag 23 oktober 2026
Faillissementsrecht anno 2026:
recente wetgeving en rechtspraak
Mr. Ilse Van de Mierop en mr. Charlotte Sas
(DLA Piper)
Webinar op donderdag 26 november 2026
Er zijn grenzen aan het opportunistisch optreden van investeerders of “redders” in een insolventiecontext. Ondernemingsrechtbank Gent 9 september 2025 (Recht op zaterdag)
(Eigen selectie uit het lange vonnis)
Er zijn grenzen aan opportunistisch optreden van investeerders of “redders” in een insolventiecontext. Die grenzen gelden onverkort, ook indien bestuurders en aandeelhouders van de noodlijdende onderneming zich niet verzetten of zelfs bereidwillig meestappen in een opportunistische reddingspoging om redenen die hen eigen zijn. Zodra insolventie redelijkerwijze een onafwendbaar risico vormt, verschuift de focus immers van de noden van de bestuurders en aandeelhouders naar de belangen van de schuldeisers.
Een zogenaamde “redder van bedrijven in nood” kan niet enkel de potentiële baten – met een aanzienlijke risicopremie – van een geslaagde reddingsoperatie beogen en tegelijk elk risico afdekken op kap van de overige, niet-betrokken en vaak onwetende schuldeisers. Een investeerder die zich aandient als redder mag geen roulette spelen met de rechten van bestaande schuldeisers als inzet. Ook een redder moet zich realiseren dat bestaande schuldeisers in bepaalde gevallen beter af zijn zonder een avontuurlijke, risicovolle reddingsoperatie en eerder gebaat zijn met een ordentelijke vereffening van wat er rest. De overige, bestaande schuldeisers moeten niet de prijs betalen voor een verkeerde inschatting door de “redder in nood”.
Het afsluiten van een handelshuurovereenkomst van 27 jaar middels notariële akte, waarbij de eerste 126 maanden huur vooraf worden betaald door een schuldvergelijking met een bestaande chirografaire schuld, en het toestaan van een nadelige voorkooprecht – kunnen in het licht van nakende insolventie, paulianeuze handelingen zijn wanneer deze werden verricht met bedrieglijke benadeling van de rechten van de schuldeisers.
Er bestaat voor de rechtbank geen twijfel dat zowel het sluiten van de handelshuurovereenkomst met betrekking tot het pand als het verkopen van het handelsfonds, te aanzien zijn als handelingen verricht met bedrieglijke benadeling van de rechten van de schuldeisers.
Abstractie makend van het complex feitenrelaas en van de hoogoplopende, onderlinge verwijten – die enkel maar afleiden van de essentie – dringt de eenvoudige vaststelling zich op dat een chirografaire schuldeiser zich bij voorrang op andere schuldeisers, op een abnormale wijze heeft laten “betalen” (of laten vergoeden) door middel van een notariële handelshuurovereenkomst op een ogenblik waarop insolventie redelijkerwijze een onafwendbaar risico was geworden.
» Bekijk alle artikels: Insolventie & Faillissement












