Loontransparantie anno 2027
Mr. Dieter Dejonghe en mr. Veerle Van Keirsbilck
(Claeys & Engels)
Webinar op donderdag 18 februari 2027
Bonusbeleid anno 2027.
Warrants en CAO nr. 90 onder de juridische loep
Mr. Mieke Deconinck en mr. Jan Lein (Claeys & Engels)
Webinar op vrijdag 29 januari 2027
Overname van een handelszaak:
15 knelpunten onder de loep
Mr. Vanessa Ramon en mr. Mariël Van Vynckt (Cygnus Advocaten)
Webinar op donderdag 18 maart 2027
Grensoverschrijdende sociale zekerheid
anno 2026: een update
Dhr. Bruno De Pauw (RSZ)
Webinar op vrijdag 20 november 2026
Generatieve AI
in de juridische praktijk
Dr. Wim De Mulder (KU Leuven)
Webinar op donderdag 25 februari 2027
Antiwitwaskader:
de fundamentele wijzigingen
vanaf 10 juli 2027
Mr. Stijn De Meulenaer (Everest)
Webinar op vrijdag 16 april 2026
Wetsvoorstel tot reglementering van het beroep van sportmakelaar: federale wetgever onbevoegd zegt Raad van State (LegalNews.be)
Auteur: LegalNews.be
Publicatiedatum: 09/02/2019
Inhoud van het wetsvoorstel
Het wetsvoorstel had de bedoeling om de uitoefening van de activiteit van sportmakelaar afhankelijk te stellen van het bezit van een vergunning.
Het bepaalde wat wordt verstaan onder een “sportmakelaar”, alsook de voorwaarden waaraan moet worden voldaan om de vergunning te verkrijgen. Voorts werd een van die voorwaarden, de “vereiste vakbekwaamheid”, nader geregeld, waarbij de Koning opgedragen zou worden om de tests te bepalen waarmee die bekwaamheid kan worden aangetoond. De vergunning zou worden uitgereikt door de minister bevoegd voor de Middenstand, na advies van het Nationaal Comité voor de Sport. Voorts werden de gevallen vermeld waarin de vergunning kon worden opgeschort of ingetrokken volgens door de Koning nader te bepalen regels.
Tevens wou het wetsvoorstel een artikel 9/1 invoegen in de wet van het 24 februari 1978 “betreffende de arbeidsovereenkomst voor betaalde sportbeoefenaars”, waarbij overeenkomsten van betaalde sportbeoefenaars met personen die geen houder zouden zijn van een vergunning van sportmakelaar, met het oog op het sluiten van een arbeidsovereenkomst als bedoeld in artikel 3 van die wet, van rechtswege nietig zouden worden verklaard.
Er werd voorzien in overgangsmaatregelen voor wie de activiteit van sportmakelaar in de zin van de voorgestelde regeling reeds uitoefende bij de inwerkingtreding van die regeling en de uitoefening van de activiteit van sportmakelaar zonder vergunning werd strafbaar.
Raad van State fluit regering terug
De Raad van State is duidelijk: ‘Op grond van artikel 6, § 1, IX, 1°, van de bijzondere wet van 8 augustus 1980 “tot hervorming der instellingen” zijn de gewesten, zonder enig bevoegdheidsvoorbehoud ten gunste van de federale overheid, op algemene wijze bevoegd voor het regelen van de arbeidsbemiddeling, en bijgevolg ook voor de arbeidsbemiddeling die betrekking heeft op de beroepssportbeoefening. De federale wetgever is bijgevolg onbevoegd om de in het voorstel van wet vervatte regeling aan te nemen.’
Lees hier het advies van de Raad van State van 15 januari 2019
» Bekijk alle artikels: Arbeid & Sociale zekerheid, Handel & Consument


















