Aandachtspunten bij het opstellen
en analyseren van ICT-contracten

Mr. Lynn Pype en mr. Liesa Boghaert (Timelex)

Webinar op donderdag 16 mei 2024


Aandeelhoudersovereenkomsten
in het licht van de nieuwe wetgeving

Mr. Michaël Heene (DLA Piper)

Webinar op vrijdag 31 mei 2024


Tewerkstelling van buitenlandse werknemers:
nakende ingrijpende wijzigingen

Mr. Sophie Maes en mr. Simon Albers (Claeys & Engels)

Webinar op donderdag 25 april 2024


Ondernemingsstrafrecht:
wat wijzigt er door boek I en boek II van het Strafwetboek?

Mr. Stijn De Meulenaer (Everest)

Webinar op dinsdag 11 juni 2024


Het nieuwe Boek 6 en de impact
voor de bouw- en vastgoedsector:
10 aandachtspunten

Prof. dr. Kristof Uytterhoeven (Caluwaerts Uytterhoeven)

Webinar op dinsdag 23 april 2024


Vereffening-verdeling van nalatenschappen:
16 probleemstellingen

Mr. Nathalie Labeeuw (Cazimir)

Webinar op vrijdag 26 april 2024

Wetsvoorstel tot wijziging van het Gerechtelijk Wetboek betreffende de mededeling van de bewijsstukken in burgerlijke zaken (Schuermans Advocaten)

Auteur: Schuermans Advocaten

Momenteel voorziet artikel 736 Ger.W. dat partijen hun stukken binnen de acht dagen na de inleiding van de zaak moeten meedelen. Bij gebreke hieraan, wordt de rechtspleging ambtshalve geschorst.

Het wetsvoorstel voorziet een verplichting voor de eisende partij om de inventaris van de stukken reeds aan de dagvaarding of het verzoekschrift op tegenspraak te hechten. Op deze manier zou de eisende partij worden verplicht om vóór de aanvang van de gerechtelijke procedure de nodige stukken te verzamelen en te inventariseren.

Het wetsvoorstel verduidelijkt dat deze stukkenbundel (incl. inventaris) indien noodzakelijk kan worden aangevuld in de loop van de procedure.

Het doel van het wetsvoorstel is duidelijk.

Enerzijds wil het ervoor zorgen dat het opstarten van een procedure pragmatischer kan verlopen.

Anderzijds wil het ervoor zorgen dat van bij aanvang van de procedure door de rechtbank beter kan nagegaan worden of de zaak slechts korte debatten vergt of in aanmerking komt voor (gerechtelijke) bemiddeling.

De sanctie die de wetgever koppelt aan het niet meedelen van de inventaris op de dagvaarding of het verzoekschrift op tegenspraak is de (relatieve) nietigheid.

Bron: Schuermans Advocaten

» Bekijk alle artikels: Geschillen & Procedure