Wenst u meerdere opleidingen
te volgen bij LegalLearning?

Overweeg dan zeker onze voordeelformules!

 

Krijg toegang tot +250 opleidingen

Live & on demand webinars

Met tussenkomst van de kmo-portefeuille


Boek 7 BW:
15 zaken die u moet herbekijken
in bouw- en vastgoedcontracten

Mr. Jef Feyaerts, mr. Els op de Beeck
en mr. Jens Rediers (Scale)

Webinar op donderdag 24 september 2026


Mededingingsrecht:
recente ontwikkelingen

Mr. Melissa Van Schoorisse (Covington)

Webinar op vrijdag 25 september 2026


Generatieve AI
in de juridische praktijk

Dr. Wim De Mulder (KU Leuven)

Webinar op donderdag 25 februari 2027


Boek 7 BW en de impact
voor IT-contracten

Mr. Stefan Van Camp (Timelex)

Webinar op vrijdag 2 oktober 2026


Ondernemingsstrafrecht:
de ingrijpende wijzigingen vanaf 1 september 2026

Mr. Stijn De Meulenaer en mr. Danique Van Mechelen (Everest)

Webinar op dinsdag 24 november 2026

Onderbreking van telefoon- en internetdiensten en de daaraan gekoppelde dwangsom. Cass. 29 mei 2026 (Recht op zaterdag)

Auteur: Marc Vandecasteele (Recht op zaterdag)

Feiten
  • R.E. stond in voor de dienstverlening van een advocatenkantoor met ongeveer twintig advocaten.
  • Proximus leverde telefoon- en internetdiensten, waaronder 31 telefoonlijnen.
  • Een factuur van 654,98 euro was aanvankelijk slechts gedeeltelijk betaald. Na een herinnering werd het resterende bedrag van ongeveer 300 euro op 13 november 2020 betaald.
  • Proximus onderbrak desondanks op 18 november 2020 alle telefoon- en internetdiensten.
  • R.E. vorderde daarop via een eenzijdig verzoekschrift de onmiddellijke heraansluiting, op straffe van een dwangsom van 1.000 euro per dag en per telefoonlijn, met een maximum van 100.000 euro.
  • De voorzitter van de rechtbank legde deze dwangsom op. De diensten werden uiteindelijk op 24 november 2020 hersteld.
Uitspraak van het hof van beroep

Het hof van beroep oordeelde dat de onderbreking van de diensten op het eerste gezicht niet in overeenstemming was met de wettelijke en contractuele vereisten. De heraansluiting werd daarom bevestigd.

De dwangsom werd echter aanzienlijk beperkt:

  • niet langer 1.000 euro per dag en per lijn;
  • maar 1.000 euro per dag in totaal;
  • pas vanaf maandag 22 november 2020;
  • zonder de oorspronkelijke termijn van drie uur na betekening te handhaven.

Het hof hield daarbij rekening met het feit dat de beschikking vlak vóór een weekend was uitgesproken en dat O.R.E. mogelijk zelf aan de probleemsituatie had bijgedragen door een saldo niet tijdig te betalen.

Beslissing van Cassatie

Het Hof van Cassatie verwerpt beide onderdelen van het cassatiemiddel.

1. Beoordelingsvrijheid van de rechter

Een dwangsom kan enkel worden opgelegd op verzoek van een partij. Zodra daarom is verzocht, beschikt de rechter echter over een ruime beoordelingsbevoegdheid om:

  • het bedrag van de dwangsom te bepalen;
  • de wijze waarop zij wordt berekend vast te leggen;
  • een maximum vast te stellen;
  • rekening te houden met de aard en de omstandigheden van de zaak.

De rechter is daarbij niet gebonden door het concrete bedrag of de modaliteiten die de verzoekende partij heeft voorgesteld. Het dispositiebeginsel verhindert dus niet dat de rechter een andere dwangsom vaststelt dan gevraagd, zolang een dwangsom als zodanig werd gevorderd.

2. Beoordeling van de omstandigheden

Het hof van beroep had volgens Cassatie wel degelijk rekening gehouden met de feitelijke omstandigheden zoals die bestonden op het ogenblik waarop de eenzijdige beschikking werd uitgesproken.

De vraag of de motieven van het hof van beroep de vermindering van de dwangsom redelijk konden verantwoorden, behoort volgens Cassatie tot de feitelijke beoordeling. Die beoordeling kan in beginsel niet opnieuw aan het Hof van Cassatie worden voorgelegd.

Rechtsregel

De kern van het arrest is:

Wanneer een dwangsom werd gevorderd, bepaalt de rechter autonoom het bedrag en de modaliteiten ervan. Hij is niet gebonden door de voorstellen van de partij en kan de dwangsom verminderen of anders vormgeven op basis van de aard en de omstandigheden van de zaak.

De dwangsom blijft een middel dat tot doel heeft de veroordeelde tot snelle uitvoering van de hoofdveroordeling te bewegen. Zij is geen schadevergoeding. Toch beschikt de feitenrechter bij de vaststelling ervan over een ruime beoordelingsmarge.

Praktische betekenis

Het arrest bevestigt voor de praktijk dat:

  • een partij de dwangsom moet vorderen; de rechter kan haar niet ambtshalve opleggen;
  • de partij niet noodzakelijk het bedrag of de berekeningswijze moet bepalen;
  • de rechter de gevorderde dwangsom mag aanpassen, bijvoorbeeld door het bedrag te verminderen, een wachttermijn toe te voegen of de berekening per dag in plaats van per overtreding of per lijn vast te leggen;
  • bij een beroep of derdenverzet tegen een beslissing over een dwangsom de rechter rekening mag houden met de omstandigheden van de zaak zoals die bestonden op het ogenblik van de oorspronkelijke beslissing;
  • het Hof van Cassatie slechts beperkt kan ingrijpen wanneer de feitenrechter zijn beslissing motiveert en binnen zijn beoordelingsbevoegdheid blijft.

Lees hier het arrest

» Bekijk alle artikels: Geschillen & Procedure

Boeken in de kijker: