Generatieve AI
in de juridische praktijk

Dr. Wim De Mulder (KU Leuven)

Webinar op donderdag 25 februari 2027


Mededingingsrecht:
recente ontwikkelingen

Mr. Melissa Van Schoorisse (Covington)

Webinar op vrijdag 25 september 2026


Wenst u meerdere opleidingen
te volgen bij LegalLearning?

Overweeg dan zeker onze voordeelformules!

 

Krijg toegang tot +250 opleidingen

Live & on demand webinars

Met tussenkomst van de kmo-portefeuille

Afstand van eigendom en rechtsmisbruik. Afstand van ‘schutterstoren’ door brouwerij aan Belgische Staat. Cass. 19 februari 2026 (Recht op zaterdag)

Auteur: Marc Vandecasteele (Recht op zaterdag)

Samenvatting via AI

Het arrest verduidelijkt hoe rechtsmisbruik bij afstand van eigendom moet worden gesanctioneerd en vernietigt het Gentse arrest in de mate dat het enkel een schadevergoeding toekende zonder de rechtsuitoefening zelf te “herleiden”.​

Feiten
  • Brouwerij Haacht was eigenaar van een beschermde schutterstoren en aanpalend café in Wetteren.​
  • De toren werd in 2005 als monument beschermd; diverse inspecties wezen op de noodzaak van een globale restauratie en regelmatig onderhoud.​
  • Pogingen tot sloop werden geweigerd, een verzoek tot opheffing van de bescherming werd afgewezen, waarna Brouwerij Haacht in 2016 eenzijdig afstand deed van de eigendom, zodat de toren als “heerloos goed” aan de Belgische Staat zou toekomen (art. 713 Oud BW).​
  • Na storm- en brandschade stelde de Staat de brouwerij en het Vlaams Gewest in rechte en riep o.m. rechtsmisbruik in tegen de afstandsakte.​
Verloop bij de feitenrechters
  • De rechtbank oordeelde dat Brouwerij Haacht haar recht om afstand te doen van de eigendom misbruikt had en opende de debatten over de verdere gevolgen en schade.​
  • Het hof van beroep Gent bevestigde dit rechtsmisbruik, maar beperkte de sanctie tot een (voorlopige) schadevergoeding van 1 euro en hield de verdere schadebegroting en kosten aan; het liet de afstandsakte en eigendomssituatie ongemoeid.​
Cassatiemiddel

De Staat voerde o.m. aan:​

  • Dat bij rechtsmisbruik in hoofdorde was gevorderd om de verweerster de mogelijkheid te ontzeggen zich te beroepen op haar recht tot afstand van de eigendom, zodat zij geacht bleef volle eigenares te zijn (herstel in natura), en slechts strikt ondergeschikt een schadevergoeding bij equivalent werd gevorderd.​
  • Dat het hof van beroep zijn vordering had miskend door te doen alsof enkel schadevergoeding werd gevraagd, en daardoor de bewijskracht van de conclusie schond (art. 8.17–8.18 BW) en zijn motiveringsplicht (art. 149 Gw.).​
  • Dat, nu herstel in natura mogelijk en passend was, de feitenrechter niet mocht volstaan met een loutere schadevergoeding (art. 1382–1383 Oud BW en algemeen rechtsbeginsel rechtsmisbruik).​
Rechtsopvatting van het Hof van Cassatie
  • Het Hof herinnert eraan dat de sanctie voor rechtsmisbruik bestaat in de matiging van de rechtsuitoefening tot een normale rechtsuitoefening, onverminderd het herstel van de schade die het misbruik heeft berokkend.​
  • Die matiging houdt in dat de rechtsuitoefening zoveel mogelijk wordt teruggebracht tot een normale uitoefening en dat dit er ook in kan bestaan dat aan de houder van het recht de mogelijkheid wordt ontzegd zich op dat recht te beroepen.​
Toepassing op deze zaak
  • Het Hof stelt vast dat de appelrechters enerzijds oordelen dat de brouwerij misbruik heeft gemaakt van haar eigendomsrecht door afstand te doen van de schutterstoren, en dat dit rechtsmisbruik kan worden gesanctioneerd door haar te verplichten tot wederovername op haar kosten.​
  • Anderzijds hebben zij de brouwerij toch enkel veroordeeld tot het betalen van een schadevergoeding voor het rechtsmisbruik, zonder die “wederovername” of een andere vorm van herleiding van de rechtsuitoefening tot normale uitoefening effectief op te leggen.​
  • Volgens Cassatie is die beslissing niet naar recht verantwoord: wie erkent dat matiging via wederovername mogelijk is, maar toch enkel schadevergoeding toekent, motiveert de gekozen sanctie voor het vastgestelde rechtsmisbruik ontoereikend.​
Dictum
  • Het Hof verwerpt de exceptie van niet‑ontvankelijkheid.​
  • Het cassatieberoep wordt gedeeltelijk gegrond verklaard: het arrest van het hof van beroep Gent wordt vernietigd in zoverre het oordeelt over de vordering van de Staat op grond van rechtsmisbruik en over de kosten.​
  • De zaak wordt in die beperkte omvang verwezen naar het hof van beroep Antwerpen; de kosten worden aangehouden en aan de feitenrechter overgelaten.​

Lees hier het arrest

» Bekijk alle artikels: Geschillen & Procedure

Boeken in de kijker: