Overname van een handelszaak:
15 knelpunten onder de loep

Mr. Vanessa Ramon en mr. Mariël Van Vynckt (Cygnus Advocaten)

Webinar op donderdag 18 maart 2027


Wenst u meerdere opleidingen
te volgen bij LegalLearning?

Overweeg dan zeker onze voordeelformules!

 

Krijg toegang tot +250 opleidingen

Live & on demand webinars

Met tussenkomst van de kmo-portefeuille


Bestuurdersaansprakelijkheid
bij cyberincidenten

Dhr. Bernd Fiten en dhr. Bram Goetry (CRANIUM)

Webinar op vrijdag 29 januari 2027


Generatieve AI
in de juridische praktijk

Dr. Wim De Mulder (KU Leuven)

Webinar op donderdag 25 februari 2027


Verzekeringsrecht:
recente wetgeving en rechtspraak anno 2027

Mr. Sandra Lodewijckx (Lydian)

Webinar op vrijdag 19 maart 2027


Koop-verkoop van onroerend goed:
obstakels uit de praktijk

Mr. Jérémy Vanderheyde en mr. Karel Veuchelen

(Scale / Schoups)

Webinar op donderdag 19 november 2026

Verzekering en mede-eigendom: wie geniet van dekking? (Schuermans Advocaten)

Auteur: Schuermans Advocaten

Publicatiedatum: 10/05/2021

Op 12 april 2021 moest het Hof van Cassatie zich uitspreken over de volgende zaak. Twee verzekeringnemers sloten een brandverzekering in hun hoedanigheid van eigenaars van het verzekerd gebouw. Bij het sluiten van de overeenkomst was de verzekeraar niet op de hoogte dat zij slechts voor de helft eigenaars waren en dat zij de andere mede-eigenaars als derde begunstigden wilden verzekeren. Wel lieten de verzekeringnemers de volledige waarde van het gebouw verzekeren en betaalden zij de daarmee corresponderende premie.

Toen het gebouw gedeeltelijk instortte, wierp de verzekeraar op dat hij slechts gehouden was tot de helft van de totale schade aangezien hij het bestaan van een beding ten gunste van een derde – de overige mede-eigenaars – betwistte.

De eerste rechter veroordeelde de verzekeraar tot betaling van de totale schade aangezien de mede-eigenaars gekwalificeerd konden worden als derde begunstigden. Het Hof van Beroep oordeelde daarentegen dat de wil om een derde te begunstigden, moet bestaan aan de zijde van de verzekerden en aan de zijde van de verzekeraar. Hoewel deze wil duidelijk is aan de zijde van de verzekeringnemers – zij hadden immers een premie betaald voor het hele gebouw – wist de verzekeraar niet eens dat er nog andere mede-eigenaars waren. Om die reden wijst er niets op dat de verzekeraar instemde met een derde-begunstiging bij het sluiten van de verzekeringsovereenkomst, aldus het Hof van Beroep.

Het Hof van Cassatie was het daar echter niet mee eens. In een arrest van 12 april 2021 (C.20.0201.N) oordeelde het Hof dat de brandverzekering die een mede-eigenaar van een onverdeeld goed in eigen naam heeft gesloten, in de regel slechts zijn aandeel in de eigendom dekt en niet strekt tot voordeel van de overige mede-eigenaars, tenzij uit de verzekering blijkt dat de verzekeringnemer voor hun rekening heeft gehandeld. Uit de omstandigheden dat een mede-eigenaar premies betaalt die berekend zijn op de volledige waarde van dit goed, volgt dat de partijen niet alleen dekking voor deze mede-eigenaar hebben bedongen maar ook voor de andere mede-eigenaars.

De verzekeraar moet derhalve eveneens dekking bieden aan de overige mede-eigenaars, ondanks het feit dat hij aanvankelijk geen weet had van hun bestaan.

Lees hier het originele artikel

Juriste (FR)

Directeur Legal

Junior Legal Counsel

scale

Associate Real Estate Law

Boeken in de kijker: