Buitencontractuele aansprakelijkheid:
het nieuwe boek 6 is een feit

Prof. dr. Ignace Claeys en prof. dr. Thijs Tanghe (Eubelius)

Webinar op dinsdag 5 maart 2024


Vereffening-verdeling van nalatenschappen:
16 probleemstellingen

Mr. Nathalie Labeeuw (Cazimir)

Webinar op vrijdag 26 april 2024


Het nieuwe Boek 6 en de impact inzake verzekeringen:
een analyse aan de hand van 10 knelpunten

Mr. Sandra Lodewijckx en mr. Pieter-Jan Van Mierlo (Lydian)

Webinar op vrijdag 26 april 2024


Woninghuur in Vlaanderen en Brussel:
het antwoord op 25 praktijkvragen

Mr. Ulrike Beuselinck en mr. Koen De Puydt (Seeds of Law)

Webinar op dinsdag 27 augustus 2024


Het nieuwe Boek 6 en de impact
voor de bouw- en vastgoedsector:
10 aandachtspunten

Prof. dr. Kristof Uytterhoeven (Caluwaerts Uytterhoeven)

Webinar op dinsdag 23 april 2024


Bouwteam(overeenkomsten):
een praktijkgerichte analyse

Mr. Michael Thielens (MT Law)

Webinar op vrijdag 15 maart 2024

Prijsherzieningsclausules: what if it all goes wrong? (Schoups)

Auteurs: Jens Rediers, Nathan Van Wymeersch en Sophie De Krock (Schoups)

Prijsherzieningsclausules in bouwcontracten zijn terug van weggeweest.

In onze nieuwsbrief van 17 mei 2023 informeerden wij u reeds over de aandachtspunten bij het bedingen van een prijsherzieningsclausule en de vereisten opgelegd door de Wet van 30 maart 1976 betreffende de economische herstelmaatregelen (de “Economische Herstelwet”).

Deze nieuwsbrief gaat verder in op de gevolgen, sancties en risico’s van een prijsherzieningsclausule die strijdig is met de Economische Herstelwet.

Sanctie – Een prijsherzieningsclausule die niet voldoet aan de voorwaarden van de Economische Herstelwet, is absoluut nietig. Dit betekent dat het beding geacht wordt nooit hebben bestaan. Bovendien kan een rechter of scheidsgerecht de nietigheid uitspreken, ook wanneer geen van partijen dit heeft gevorderd.

De nietige prijsherzieningsclausule wordt in principe uit het contract gehaald, zonder dat de rechter of arbiter een clausule in de plaats kan stellen die wel aan de wettelijke vereisten zou voldoen. De contractspartij die bedragen heeft betaald op basis van een nietige prijsherzieningsclausule, mag deze bedragen in principe terugvorderen van de andere partij.

Verjaringstermijnen – Hoe lang loopt een partij die zich heeft beroepen op een ongeldige (nietige) prijsherzieningsclausule, het risico om de gevolgen van een (mogelijke) nietigheid te moeten ondergaan?

Er is een onderscheid tussen, enerzijds, de verjaringstermijn om een rechtsvordering in te stellen om een prijsherzieningsclausule nietig te laten verklaren en, anderzijds, de verjaringstermijn van de rechtsvordering van een partij tot terugbetaling van prijsherzieningen die zij heeft betaald op grond van een nietige prijsherzieningsclausule.

Verjaring nietigheid – Voor contracten gesloten vanaf 1 januari 2023 bedraagt de verjaringstermijn om nietigheid te vorderen vijf jaar vanaf de dag na de dag waarop men kennis heeft van de nietigheidsgrond (art. 5.60 BW).

Voor overeenkomsten gesloten vóór 1 januari 2023 geldt de oude regeling, namelijk ten laatste tien jaar (art. 2262bis oud BW).

Opgelet: ook wanneer een nietigheidsvordering is verjaard, kan een partij nog steeds de nietigheidsexceptie inroepen om zo een gevorderde prijsherziening niet te moeten betalen. Deze exceptie verjaart immers niet.

Verjaring terugvordering – De vordering van een partij die tot strekt tot terugbetaling van bedragen die zij heeft betaald op grond van een nietige prijsherzieningsclausule is onderworpen aan een andere verjaringstermijn. Deze verjaringstermijn bedraagt tien jaar volgend op de dag waarop de nietigheid is vastgesteld.

Bron: Schoups

» Bekijk alle artikels: Bouw & Vastgoed, Verbintenissen & Goederen