Woninghuur in Vlaanderen en Brussel:
het antwoord op 25 praktijkvragen

Mr. Ulrike Beuselinck en mr. Koen De Puydt (Seeds of Law)

Webinar op dinsdag 27 augustus 2024


Recente wetgevende ontwikkelingen
met impact op de bouwsector

Prof. dr. Kristof Uytterhoeven (Caluwaerts Uytterhoeven)

Webinar op dinsdag 27 augustus 2024


Vastgoedtransacties
door én met administratieve overheden:
overheidsopdracht of uitgesloten vastgoeddienst?

Dhr. Constant De Koninck (Rekenhof)

Webinar op donderdag 13 juni 2024


Aansprakelijkheid van hulppersonen
in en buiten de contractketting.
Een analyse in het licht van Boek 6

Prof. dr. Ignace Claeys en mr. Camille Desmet (Eubelius)

Webinar op vrijdag 30 augustus 2024

Overdracht handelshuur: de verhuurder kan roet in het eten gooien (Bannister)

Auteur: Bannister

Stel: de handelshuurder wilt er mee stoppen en in plaats van helemaal met de zaak te stoppen, wilt hij die overdragen aan een nieuwe enthousiaste uitbater. Het komt meer en meer voor.

Let wel, dat kan niet zo maar.

De mogelijkheid tot overdracht wordt immers vaak aan banden gelegd in de huurovereenkomst. In veel standaardcontracten wordt bedongen heeft dat de overdracht van de huur in principe verboden is, tenzij de verhuurder zijn toestemming geeft.

“Wat staat er in jullie overeenkomst?”

Bovendien voorziet de handelshuurwet dat indien er een principieel verbod tot overdracht is opgenomen in de handelshuurwet dat er een specifieke procedure gevolgd moet worden. De huurder moet de intentie tot overdracht per aangetekende brief ter kennis brengen aan de verhuurder, die dan 30 dagen de tijd heeft om te reageren. Antwoordt de verhuurder niet binnen die periode van 30 dagen dan wordt hij geacht in te stemmen met het verzoek tot overdracht. Indien de verhuurder niet akkoord gaat met de voorgestelde overdracht dan moet hij binnen die 30 dagen gemotiveerd weigeren. Dit eveneens per aangetekende brief. Indien de huurder zich bij die weigering niet kan neerleggen moet hij de vrederechter vatten binnen de 15 dagen na ontvangst van het verzet van de verhuurder. Dit op straffe van verval.

“Is die procedure gevolgd? Zo niet is de aanvraag tot overdracht mogelijks ongeldig.”

Dit met alle gevolgen vandien. De overnemer had zich hier immers reeds op ingesteld en heeft mogelijks al kosten gemaakt… . Mogelijks moet de huurder die dan terug betalen.

Voor de verhuurder is dan weer het volgende belangrijk: niet elke reden maakt een geldige weigeringsgrond uit. De verhuurder kan zich bijvoorbeeld geldig verzetten als de nieuwe huurder bekend staat als wanbetaler, financieel een heel stuk minder draagkrachtig is als de eerste huurder en/of als de eerste huurder nog geen twee jaar zelf de handelszaak heeft uitgebaat. Ook de verhuurder moet steeds per aangetekend schrijven reageren. Zo niet, wordt zijn verzet niet aanvaard.

Bron: Bannister

» Bekijk alle artikels: Bouw & Vastgoed