Tewerkstelling van buitenlandse
werknemers anno 2026

Mr. Sophie Maes en mr. Simon Albers (Claeys & Engels)

Webinar op vrijdag 23 oktober 2026


Grensoverschrijdende sociale zekerheid
anno 2026: een update

Dhr. Bruno De Pauw (RSZ)

Webinar op vrijdag 20 november 2026


Arbeidsovereenkomsten onder de loep:
een must in 2026

Mr. Kato Aerts en mr. Sarah Witvrouw (Lydian)

Webinar op vrijdag 2 oktober 2026


Discriminatie op de werkvloer:
de laatste ontwikkelingen

Mr. Inger Verhelst (Claeys & Engels)

Webinar op donderdag 24 september 2026


Wenst u meerdere opleidingen
te volgen bij LegalLearning?

Overweeg dan zeker ons jaarabonnement 

 

Krijg toegang tot +250 opleidingen

Live & on demand webinars

Met tussenkomst van de kmo-portefeuille


Loontransparantie:
wel of geen realiteit in 2026?

Mr. Dieter Dejonghe en mr. Veerle Van Keirsbilck

(Claeys & Engels)

Webinar op dinsdag 8 december 2026

Ontslag om dringende reden wegens diefstal: ongegrond ook na civiele veroordeling? (Recht op zaterdag)

Auteur: Marc Vandecasteele (Recht op zaterdag)

De werknemer had al verschillende verwittigingen gekregen van de werkgever en was ontslagen op 26 maart 2016 mits uitvoering van prestaties gedurende 13 maanden en 12 weken.

Op 23 september 2016 wordt de werknemer ontslagen wegens ‘ernstige fout’ als volgt omschreven:

‘De ernstige fout is als volgt: op donderdag 22 september 2016, rond 13.45 uur, hebt u een nieuwe broodrooster uit de etalage gestolen, het prijslabel eraf gehaald en deze in uw rugzak gestopt. Vervolgens bent u rond 16.00 uur naar de uitgang van de winkel gegaan met uw rugzak. Mijn zoon Thierry heeft u toen gevraagd uw rugzak te openen, wat u hebt gedaan, en de aanwezigheid van de broodrooster in uw rugzak werd bevestigd. Uw pogingen tot rechtvaardiging (gebruikte broodrooster van een klant) waren niet geloofwaardig. U hebt toen de broodrooster aan Thierry teruggegeven en de winkel verlaten. Dit is dus duidelijk een diefstal of een poging tot diefstal. Het vertrouwen is deze keer definitief verbroken. U maakt vanaf vandaag geen deel meer uit van het personeel.’

Het C4-formulier vermeldt als precieze reden voor werkloosheid: “ernstige fout” en er was tevens aangifte gebeurd bij de politie.

Op 22 mei 2019 wordt de werknemer door de rechtbank van eerste aanleg van Luik vrijgesproken, de rechtbank verklaarde zich bovendien onbevoegd om kennis te nemen van de civiele vordering van de werkgever, op basis van volgende motivering: « […] Hoewel vaststaat dat M. L. zich van de betwiste broodrooster meester heeft gemaakt, blijft er twijfel bestaan over zijn wil zich deze zonder betaling toe te eigenen, aangezien hij werd onderschept voordat deze wil met zekerheid kon worden vastgesteld (M. L. zou terugkeren naar de winkel en de commerciële relaties tussen partijen konden een vertraging in de betaling rechtvaardigen). De tenlastelegging is niet bewezen in het voordeel van de twijfel ».

Op 4 maart 2021 acht het Arbeidshof van Luik zich wel bevoegd en veroordeelt ze de werknemer tot het betalen van een definitieve schadevergoeding van €1 aan de werkgever. Het Hof van Cassatie heeft op 22 september 2021 het cassatieberoep van de werknemer verworpen.

Op 29 januari 2024 besliste het Arbeidshof van Luik dat als een werknemer die werd ontslagen wegens dringende reden voor het stelen van een broodrooster in de winkel waar hij werkte, correctioneel vrijgesproken werd, het algemene rechtsbeginsel van het gezag van het strafrechtelijk gewijsde in het civiele recht van toepassing is.

Hierdoor wordt de dringende reden als ongegrond beschouwd, ondanks het feit dat in het civiele geding de werknemer veroordeeld werd tot betaling van €1 aan de onderneming, overtuigd van zijn opzet om het broodrooster frauduleus te ontvreemden.

Lees hier het arrest

» Bekijk alle artikels: Arbeid & Sociale zekerheid

Boeken in de kijker: