Tewerkstelling van buitenlandse
werknemers anno 2026
Mr. Sophie Maes en mr. Simon Albers (Claeys & Engels)
Webinar op vrijdag 23 oktober 2026
Loontransparantie:
wel of geen realiteit in 2026?
Mr. Dieter Dejonghe en mr. Veerle Van Keirsbilck
(Claeys & Engels)
Webinar op dinsdag 8 december 2026
Wenst u meerdere opleidingen
te volgen bij LegalLearning?
Overweeg dan zeker ons jaarabonnement
Krijg toegang tot +250 opleidingen
Live & on demand webinars
Met tussenkomst van de kmo-portefeuille
Discriminatie op de werkvloer:
de laatste ontwikkelingen
Mr. Inger Verhelst (Claeys & Engels)
Webinar op donderdag 24 september 2026
Arbeidsovereenkomsten onder de loep:
een must in 2026
Mr. Kato Aerts en mr. Sarah Witvrouw (Lydian)
Webinar op vrijdag 2 oktober 2026
Grensoverschrijdende sociale zekerheid
anno 2026: een update
Dhr. Bruno De Pauw (RSZ)
Webinar op vrijdag 20 november 2026
Modernisering arbeidsrecht vanaf 1 juni 2026 (Attentia)
Auteur: Attentia
De federale regering kondigde vorig jaar aan de arbeidsmarkt te willen moderniseren om tegemoet te komen aan de nood aan meer flexibiliteit. Enkele van de maatregelen werden uitgewerkt in een wetsontwerp houdende diverse arbeidsbepalingen met als inwerkingtreding 1 juni 2026.
Dit wetsontwerp werd op 30 april 2026 definitief goedgekeurd. Het is nu enkel nog wachten op publicatie in het Belgisch Staatsblad.
Nachtarbeid
Het wetsontwerp heft het huidige principieel verbod op nachtarbeid op vanaf 1 juni 2026. Nu is het immers zo dat om werknemers ‘s nachts te werk te stellen, een werkgever onder een wettelijke uitzondering moet vallen of een nieuwe arbeidsregeling moet invoeren.
De definitie van nachtarbeid, namelijk prestaties tussen 20u en 6u, blijft wel behouden. Voor de ondernemingen uit de distributiesector en de aanverwante sectoren, met inbegrip van de elektronische handel zal hierop een uitzondering gelden. Nachtarbeid zal in deze sectoren gedefinieerd worden als arbeid tussen 23u en 5u.
Distributiesector en aanverwante sectoren
Voor de privésector moet voldaan zijn aan twee specifieke voorwaarden om als onderneming onder de distributiesector of aanverwante sectoren te vallen.
Enerzijds moeten deze ondernemingen onder de bevoegdheid vallen van de volgende paritaire comités of subcomités:
- PC 100 aanvullend PC voor werklieden
- PC 119 handel in voedingswaren
- PC 125.03 houthandel
- PC 127 handel in brandstoffen
- PC 140.03 wegvervoer en logistiek
- PC 149.01 elektriciens: installatie en distributie
- PC 149.04 metaalhandel
- PC 200 bedienden
- PC 201 zelfstandige kleinhandel
- PC 202 bedienden kleinhandel voedingswaren
- PC 202.01 middelgrote levensmiddelenbedrijven
- PC 226 internationale handel, vervoer en logistiek
- PC 311 grote kleinhandelszaken
- PC 312 warenhuizen
Anderzijds moeten de genoemde ondernemingen uit de privésector ook, naargelang het geval, één van de volgende activiteiten uitoefenen:
- Detailhandel;
- Groothandel;
- Logistieke activiteiten voor rekening van derden;
- Elektronische handel
Let op! Detailhandel wordt gedefinieerd als het gewoonlijk produceren of aankopen en doorverkopen van goederen onder eigen naam en voor eigen rekening aan consumenten, aan particulieren, op voorwaarde dat dit geheel of gedeeltelijk online gebeurt.
Het gaat dus om de situatie waarin een bestelling online wordt geplaatst en een bestelbevestiging naar de koper wordt verzonden. De betaling hoeft nog niet te hebben plaatsgevonden. De handelaar dient dus geen beveiligde online betaalsystemen te voorzien. Een uitzondering wordt voorzien voor krantenwinkels, nachtwinkels en winkels in tankstations, die hoofdzakelijk een fysieke en plaatsgebonden functie, vaak met onmiddellijke of dringende consumptie vervullen.
Nachtpremies in de distributiesector en aanverwante sectoren
Voor de nieuwe werknemers die vanaf de inwerkingtreding van de wet in dienst treden bij een werkgever in de distributiesector of in de aanverwante sectoren heeft dit een invloed op de verloning voor nachtarbeid. De premies en voordelen voor de uren tussen 20u en 6u, die worden voorzien door een cao of door het arbeidsreglement, gelden uitsluitend voor de arbeidsprestaties die worden verricht tussen 23u en 6u ‘s ochtends.
Een afwijking wordt voorzien voor werknemers, aangeworven door een werkgever uit de distributiesector of aanverwante sectoren, die in de periode van één jaar voorafgaand aan 1 juni 2026, (dus in de periode 1 juli 2025 – 30 juni 2026) reeds in dienst waren voor één of meerdere dagen bij dezelfde werkgever. Voor hen blijft het oude systeem van toepassing en ze hebben dus recht voor premies tussen 20u en 6u. Dit geldt ook indien de nieuwe werknemer tijdens deze referteperiode als uitzendkracht werkte bij de werkgever.
Voor de werknemers die niet onder de distributiesector vallen, noch onder de aanverwante sectoren en ook voor de werknemers die voor 1 juni 2026 al in dienst waren bij een werkgever in de distributiesector en aanverwante sectoren, blijven de algemene grenzen van nachtarbeid (20u – 6u) van toepassing voor de bepaling van de premies voor nachtarbeid.
Desalniettemin kan een werkgever uit de distributiesector en aanverwante sectoren het bedrag van deze bestaande premies en voordelen wijzigen omwille van economische redenen indien hierover een collectief akkoord bestaat en mits het bevoegde paritaire comité erover wordt gevat.
Ook wordt een versoepeling voorzien bij de invoering in het arbeidsreglement van een arbeidsregeling met prestaties tussen 20u en 6u, maar die geen arbeidsregeling is met nachtprestatie (prestaties tussen 0u en 5u). Voor ondernemingen in de distributiesector of aanverwante sectoren wordt ook de procedure om arbeidsregelingen met nachtprestaties in te voeren eenvoudiger gemaakt.
Beperking van de maximale duur van de opzeggingstermijn
Bij ontslag door de werkgever wordt de opzegtermijn voor arbeidsovereenkomsten gestart vanaf de inwerkingtreding van deze wet, beperkt tot 52 weken zodra de werknemer 17 jaar anciënniteit heeft.
Deze beperking van de duur van de opzeggingstermijn geldt dus niet voor arbeidsovereenkomsten waarvan de uitvoering was aangevangen vóór 1 juni 2026. Daar blijft de opzeggingstermijn verder opbouwen naar gelang de anciënniteit van de werknemer.
Versoepelingen op het vlak van de arbeidsreglementen
Er worden een aantal versoepelingen ingevoerd wat betreft de vermelding van de uurroosters in het arbeidsreglement. Het doel hiervan is om meer administratieve vereenvoudiging en meer flexibiliteit te bieden voor zowel werkgever als werknemer.
Verplichte vermelding uurroosters
Op vandaag is het zo dat alle voltijdse uurroosters die in de onderneming worden toegepast afzonderlijk moeten worden opgenomen in het arbeidsreglement. Dit geldt ook voor alle vaste deeltijdse roosters die niet volledig inpasbaar zijn in een voltijds uurrooster opgenomen in het arbeidsreglement. Vaste deeltijdse uurroosters die wel inpasbaar zijn in een voltijds uurrooster moeten niet allemaal afzonderlijk in het arbeidsreglement opgenomen worden. Het volstaat dat ze in de individuele deeltijdse arbeidsovereenkomst staan.
Het wetsontwerp voert nu de mogelijkheid in om vanaf 1 juni 2026 in het arbeidsreglement een algemeen kader van de gewone arbeidstijd in de onderneming vast te stellen dat de tijdvakken afbakent waarbinnen er in de onderneming wordt gewerkt en waarbinnen de uurroosters die in de onderneming worden toegepast zich dus situeren. Dit is nu reeds het geval voor variabele deeltijdse uurroosters.
Dit kader moet een aantal verplichte elementen bevatten:
- de dagen van de week waarop arbeidsprestaties kunnen worden vastgesteld;
- het dagelijks tijdvak waarbinnen arbeidsprestaties kunnen worden vastgesteld;
- de minimale en maximale dagelijkse arbeidsduur;
- de normale en de maximale wekelijkse arbeidsduur.
Het kader dat in het arbeidsreglement wordt vermeld, moet de “normale” arbeidsprestaties in de onderneming omvatten en de tijdvakken afbakenen waarin er in de onderneming wordt of zal worden gewerkt. Een kader dat zonder meer de ruimst mogelijke grenzen vastlegt, bijvoorbeeld 7 dagen op 7 en 24u op 24u, terwijl er in de onderneming niet in het weekend en slechts tussen 6u en 20u wordt gewerkt, zal hier niet mee in overeenstemming zijn. Het arbeidsreglement moet immers zijn informatiefunctie blijven vervullen. Een te ruim tijdskader zal worden gelijkgesteld met het ontbreken van een tijdskader, zodat de sanctie niveau 1 van het Sociaal Strafwetboek kan worden toegepast.
Specifiek voor wat de deeltijdse arbeid betreft, impliceert deze versoepeling ook dat voortaan enkel de vaste deeltijdse werkroosters die zich niet volledig situeren binnen een voltijds uurrooster dat is opgenomen in het arbeidsreglement óf binnen het kader van de gewone arbeidstijd dat is vastgesteld in het arbeidsreglement, nog afzonderlijk in het arbeidsreglement zullen moeten worden opgenomen.
De invoering van een dergelijk kader in een bestaand arbeidsreglement vereist een wijziging van het arbeidsreglement, via de normale overlegprocedure tot wijziging van het arbeidsreglement.
Ook wordt er een soepelere regeling ingevoerd voor de beslechting door het paritair comité van de geschillen over de aanpassingen aan het arbeidsreglement betreffende het invoeren of wijzigen van uurroosters of een algemeen kader van normale arbeidstijd.
Wijziging van de minimale wekelijkse arbeidsduur
Momenteel moet de minimale wekelijkse arbeidsduur van een deeltijdse arbeidsovereenkomst 1/3de van de wekelijkse arbeidsduur van de voltijdse werknemers van dezelfde categorie bedragen.
Het wetsontwerp verlaagt deze minimale grens naar 1/10de. Het wordt vanaf 1 juni 2026 dus mogelijk een deeltijdse werknemer aan te werven voor minimaal 4u/week indien de wekelijkse arbeidsduur in de onderneming 40u/week bedraagt.
Cao nr. 90 via toetredingsakte verplicht elektronisch
de procedure voor indiening van een plan van niet-recurrente resultaatsgeboden voordelen moet verplicht moeten gebeuren via elektronische weg (de e-bonus via www.bonusplannen.be).
Tot nu toe kon dit nog op papier worden ingediend, hoewel reeds meer dan 80% van de toetredingsaktes neergelegd worden via voormelde toepassing.
Deze verplichting geldt enkel in geval van toetredingsakte annex toekenningsplan en treedt in werking op 1 juni 2026.
Op het niveau van de onderneming moet het toekenningsplan niet worden ingevoerd via een cao maar mag dit via een toetredingsakte voor werknemers voor wie er geen syndicale afvaardiging bestaat.
Net als voorheen zal er geen plicht tot elektronische indiening gelden in geval van invoering via cao annex toekenningsplan.
Het opmerkingenregister dat in de ontwerpfase 15 dagen ter beschikking moet liggen, blijft op papier verlopen.
In geval van invoering van een plan van niet-recurrente resultaatsgebonden voordelen via toetredingsakte (en toekenningsplan) moet in de eerste fase van de procedure het ontwerp hiervan aan elke betrokken werknemer worden bezorgd. De werkgever houdt dan gedurende een termijn van 15 dagen, die ingaat op de dag van het bezorgen van het plan aan elke betrokken werknemer, een opmerkingenregister ter beschikking van de betrokken werknemers waarin ze hun opmerkingen individueel kunnen optekenen.
Bronnen:
- Wetsontwerp houdende diverse arbeidsbepalingen (Kamer DOC 56/1324)
- Amendementen (Kamer DOC 56 1324/002)
Bron: Attentia
» Bekijk alle artikels: Arbeid & Sociale zekerheid













