Liaisons dangereuses: (on)gewenste intimiteiten op het werk (Cautius)

Auteur: Annick Alders (Cautius)

Publicatiedatum: 21/05/2021

Ja, ik heb er enkele malen aan toegegeven, maar ik wil dat daar geen twijfel over bestaat; ik heb me (…) verschillende keren verzet, maar (…) bleef aandringen. Klacht indienen was geen optie; ik kon mijn werk verliezen want wie zouden ze geloven? Hij had macht (…) en connecties. Zelfs toen er vier klachten ingediend werden was er nog schrik bij iedereen op represailles.”

Bathseba en haar baas

Het lijkt alsof met #MeToo een vloed aan ongewenste intimiteiten kwam aanrollen. De prevalentie van grensoverschrijdend gedrag van leidinggevenden tegenover ondergeschikten springt daarbij in het oog.

Toch is dit van alle tijden. De Bijbelse Koning David en Bathseba, de vrouw van een ondergeschikte, kregen zelfs een syndroom naar hen vernoemd. David, alom gelauwerd, merkt tijdens een avondwandeling een badende Bathseba op. Getroffen door haar schoonheid laat hij haar tot bij zich brengen en bezwangert haar. De gevolgen ervan probeert hij slinks te verdoezelen. Als dat niet lukt, zendt hij Uria, de ongelukkige echtgenoot, naar het slagveld zonder rugdekking, een zekere dood tegemoet.

Het Bathseba-syndroom, voor het eerst gebruikt door managementwetenschappers Ludwig en Longenecker, beschrijft het onvermogen van sommige leidinggevenden om om te gaan met de verleidingen van succes waarbij het morele kompas het soms inschiet. Geen marginaal fenomeen, zo blijkt uit een studie van PWC uit 2019. Voor het eerst in de geschiedenis worden meer CEO’s aan de deur gezet wegens integriteitskwesties zoals fraude, omkoping, handel met voorkennis en seksueel ongewenst gedrag, dan tegenvallende financiële resultaten. Intussen eindigt 1 op de 20 CEO-loopbanen hierdoor. (PWC Strategy & Succes Study,19th edition). De psychologie hierachter is bijzonder interessant, maar gaat het bestek van deze bijdrage te buiten.

Minstens even nuttig om te weten: in welke zin oordeelt de (tucht)rechtspraak als het gaat over ongewenst seksueel gedrag tussen leidinggevenden en ondergeschikten? We baseerden ons voor deze analyse op de recente rechtspraak van de Raad van State en Belgische rechtbanken. Hieronder dus geen mythologische of romaneske Canterbury Tales, maar echte situaties die voor de rechtbanken zijn gebracht.

Een brede definitie

De Welzijnswet definieert ongewenst seksueel gedrag als volgt:

“elke vorm van ongewenst verbaal, non verbaal of lichamelijk gedrag met een seksuele connotatie dat als doel of gevolg heeft dat de waardigheid van een persoon wordt aangetast of een bedreigende, vijandige, beledigende, vernederende of kwetsende omgeving wordt gecreëerd” (art. 32ter, 3°)

Welk gedrag?

Het gaat om alle gedragingen met een seksuele connotatie. Bij onze analyse van de rechtspraak, vonden we vrij evident verkrachting en aanranding, maar ook ongevraagde massages, knuffels, (pogingen tot) kussen, op de schoot trekken en onder of op de kledij tasten (Gent, 19 september 2019, C/884/2019, onuitg.) ressorteren hieronder. Eén rechtbank werd zelfs gevraagd zich uit te spreken over het deponeren van sperma in het glas van een medewerkster in de hoop dat zij dit zou opdrinken (Corr. Brussel, 16 januari 2019, 150/2019, onuitg.).

Het hoeft evenwel niet altijd om fysieke handelingen te gaan. Aanhoudend brieven, berichten en SMS’en sturen met ongepaste, al dan niet erotische boodschappen, foto’s of voorstellen valt ook onder de definitie (Corr. Brussel 16 januari 2019, 150/2019, onuitg.). Het hoeven zelfs geen persoonlijke boodschappen te zijn. Een werkneemster werd om dringende reden ontslagen omdat zij herhaaldelijk, ook na ingebrekestelling, e-mails zonder commentaar met seksueel getinte grappen, tekeningen en foto’s als bijlage verstuurde (Arbeidshof Antwerpen 8 januari 2003, RW 2004-2005, 391).

Subtieler, maar daarom niet minder kwalijk is het voorstel van een prof aan een studente om de examens tijdens een etentje te bespreken, een studente te coachen tijdens een sollicitatieprocedure, ook al op restaurant, of werk gerelateerde zaken buiten het  werk te bespreken, bijvoorbeeld in een hotel, de aanhoudende vraag om samen een hotelkamer te delen,  de echtgenoot van het doelwit te kleineren, troost bieden gecombineerd met fysieke aanrakingen,… (Gent, 19 september 2019, C/884/2019, onuitg.)

Grensoverschrijdend. Eén keer prijs, altijd prijs?

Weinigen onder ons zullen de bovenstaande opsomming van grensoverschrijdend gedrag als vreemd of overdreven ervaren.

“Heeft ze het niet zelf gezocht”, is doorgaans de volgende, veel kwalijker gedachte. Want hoe komt het zover? Gaf Bathseba geen aanleiding door naakt in het zicht van de koning te baden? Was ze wel duidelijk genoeg in haar afwijzing?

Uit de geconsulteerde rechtspraak, waaruit de verklaring in de inleiding van dit artikel is geplukt, blijkt dat doorgaans sprake is van een proces met terugkerende modus operandi. Het winnen van vertrouwen en bespreken van persoonlijke zaken wordt gevolgd door steeds minder subtiele aanrakingen en voorstellen. Soms put de dader moed uit een niet prompt afgeweerde aanraking, een (onbedoeld) flirterige opmerking of een uitgewisselde kus. Het slachtoffer denkt op dat ogenblik nog moeilijk terug te kunnen en probeert het moeilijke evenwicht te bewaren tussen een niet schofferende afwijzing en voldoende duidelijkheid. De dader blijkt doorgaans bedreven in het moedwillig niet oppikken van de signalen van afwijzing of onwil.  Eens de afwijzing duidelijk, of de interesse van de dader bevredigd of weggedeemsterd, plooit de (afgewezen) leidinggevende zich nogal eens terug op zijn machtsoverwicht. Geven van onverwachte en verder niet gegronde slechte evaluaties (RvSt. 12 mei 2005, nr.144.324), het abrupt afbreken van de contacten of dreiging met ontslag kwamen voor de in de rechtspraak.

De ongelijke machtsverhouding stuwt deze grensoverschrijdende spiraal voort en maakt de werkomgeving bedreigend, vijandig, vernederend of kwetsend in de zin van de wet.

Toestemming. Hoorde ik daar een ja?

Is dan werkelijk élke relatie tussen een leidinggevende en ondergeschikte sowieso grensoverschrijdend?  Uiteraard niet. Als er sprake is van wederzijdse instemming kan de (seksuele) relatie op zich niet wijzen op respectloosheid (Arbrb. Bergen, 16 december 2011, Soc. Kron. 2013, 100).

In die instemming zit evenwel de angel. Die moet vrijwillig zijn, iets wat in deze context moeilijk met zekerheid vast te stellen valt. De gevolgen van een gebrekkige toestemming manifesteren zich niet enkel op persoonlijk vlak, maar ook professioneel. Vrees voor het naast een promotie grijpen, voor een negatieve evaluatie of ontslag zijn legio. Het gegeven dat de beoogde gedragingen niet bewust gesteld hoeven te worden (de dader heeft de bedoeling de feiten te plegen en wil ook het voorzienbare gevolg), maakt het er niet eenvoudiger op. Zelfs als de dader de gevolgen niet gewild heeft, blijft elke bewuste grensoverschrijding strafbaar.  

Vraag hierbij is of de toestemming tussen een leidinggevende en ondergeschikte niet altijd aangetast is, of minstens het risico daarop loopt, door de machtsverhouding die tussen hen bestaat.  Per definitie zijn zij niet gelijkwaardig. De vraag is zelfs of op dit vlak het risico ontstaat op een omkering van de bewijslast. Voorzichtigheid geboden dus als liefde en lust in de directiekamer opduiken.

Straf: job kwijt, strafblad en gratis publiciteit

De (tucht)rechtspraak is streng voor grensoverschrijdend gedrag tussen een leidinggevende en zijn of haar ondergeschikten, al dan niet binnen een affectieve of seksuele relatie. Zeker als het gaat om beroepen waar een al dan niet deontologische waardigheid wordt verwacht, zoals onderwijzend personeel of gerechtsdeurwaarders. Zo werd een universiteitsprofessor die met verschillende van zijn medewerksters een relatie onderhield uit zijn functie verwijderd. De instemming van de vrouwen met de relatie deed volgens de tuchtraad geen afbreuk aan  het grensoverschrijdend karakter,  omdat er al snel sprake is of kan zijn van belangenvermenging (RvSt. 12 mei 2020, nr. 247.530).

Anderen kregen naast hun ontslag (om dringende reden) ook geldboetes opgelegd. Het strafblad en de ongewilde persaandacht kregen ze er doorgaans gratis bovenop.

The silent majority

Opvallend bij de geconsulteerde rechtspraak is dat de feiten bijna nooit op zich staan. Zijn of haar reputatie of, slechter nog, andere gevallen, gaan dader en feiten voor. Bedrijfsintern trekken andere werknemers, collega’s, maar ook superieuren al te vaak de mantel der stilzwijgen aan. Laat dit nu net hetgeen zijn wat grensoverschrijdend gedrag in het geheel niet verdraagt.

Lees hier het originele artikel