Het filmen door de werkgever van een controle door de sociale inspectie (Mploy)

Auteur: Steven Renette (Mploy)

De vaststellingen die een sociaal inspecteur noteert in een proces-verbaal en die tijdig – d.w.z. binnen een termijn van veertien dagen die aanvangt de dag na de vaststelling van de inbreuk – aan de vermoedelijke dader worden meegedeeld, hebben een bijzondere bewijskracht. Dit betekent dat van die vaststellingen wordt aangenomen dat ze “waar” zijn en dat tot de onjuistheid ervan wordt aangetoond. In de praktijk is (was ?) het zeer moeilijk om tegen de inhoud van een proces-verbaal in te gaan. De sociaal inspecteur wordt op zijn woord geloofd en voor wie het daar niet mee eens is, moest in de praktijk maar een strafklacht neerleggen wegens valsheid (wat zelden het verhoopte resultaat opleverde…).

Met de alomtegenwoordigheid van een smartphone zou dat wel eens kunnen veranderen. Mag een werkgever met zijn toestel het verloop van een controle filmen ? Voor een antwoord hierop kan verwezen worden naar de regeling die geldt voor politie-inspecteurs: het enkele feit beelden te maken van een (politionele) interventie maakt geen misdrijf uit. De beelden moeten dan wel voor eigen gebruik worden aangewend (bijvoorbeeld om zich bewijs te verschaffen). Het verspreiden van de beelden op sociale media is niet toegelaten. In een arrest van 19 februari 2020 zag het Antwerpse hof van beroep in dat laatste een vorm van belaging (stalking).

Het filmen mag het verloop van de controle niet hinderen. Indien dat wel het geval is, kan de sociaal inspecteur nog altijd een proces-verbaal opstellen wegens het verhinderen van toezicht (artikel 209 Sociaal Strafwetboek). Die inbreuk wordt bestraft met een sanctie van de categorie 4. De correctionele rechtbank te Charleroi heeft zo al een bezoeker van een handelszaak veroordeeld die door te filmen een controle hinderde. Uit het vonnis kan afgeleid worden dat de sociaal inspecteurs gehinderd werden “(…) tant par son comportement physique que par le fait de filmer.” Het betrof hier dus een combinatie van een fysieke belemmering en het (storend ?) filmen (Corr. Charleroi 17 december 2014).

Bron: Mploy