Grondwettelijk Hof bevestigt dat energie- en watergegevens mogen worden ingezet in de strijd tegen domiciliefraude (Eubelius)

Auteurs: Véronique PertrySophie Vantomme en Anneleen Van de Meulebroucke (Eubelius)

Publicatiedatum: 20/03/2018

Het Grondwettelijk Hof heeft op 15 maart een arrest geveld dat bevestigt dat gegevens over het verbruik door particulieren van water en energie (elektriciteit en gas) proactief mogen worden ingezet in de strijd tegen sociale domiciliefraude.

Wie aan sociale domiciliefraude doet, deelt niet zijn werkelijke domicilie- of gezinsgegevens mee, en beoogt op die wijze een hogere sociale uitkering te krijgen dan deze waarop hij normaal recht heeft. De hoogte van sommige sociale uitkeringen hangt namelijk af van de domicilie- en gezinssituatie.

In 2016 werd de strijd tegen domiciliefraude opgevoerd.

Een wet van 13 mei 2016 verplicht leveranciers van water en energie om minstens éénmaal per jaar verbruiks- en adresgegevens van hun klanten door te geven aan de Kruispuntbank van de Sociale Zekerheid, wanneer hun verbruik afwijkt van het gemiddelde. Diezelfde wet verleent sociale zekerheidsinstellingen en sociale inspecteurs de bevoegdheid om moderne technieken als « data mining », « data matching » en « profiling » in te zetten op afwijkende verbruiksgegevens van uitkeringsgerechtigden, teneinde deze te screenen en samen te voegen met andere gegevens om gericht fraudeknipperlichten te kunnen laten afgaan.

De vzw « Ligue des Droits de l’Homme » vroeg het Grondwettelijk Hof om de wet te vernietigen omdat die in strijd zou zijn met het recht op privacy van de burgers.

In deze procedure verdedigde Meester Véronique Pertry, samen met Sophie Vantomme en Anneleen Van de Meulebroucke, advocaten bij Eubelius, de wet op vraag van de Ministerraad.

Het Grondwettelijk Hof oordeelde dat de wet van 13 mei 2016 het recht op bescherming van het privéleven niet schendt, onder meer omdat de wet op adequate en proportionele wijze een legitiem doel nastreeft, nl. het effectief en efficiënt detecteren, ontraden en aanpakken van domiciliefraude, en daarbij voldoende waarborgen biedt. Het Hof hechtte er bijvoorbeeld belang aan dat niet méér gegevens worden doorgegeven en verwerkt dan noodzakelijk, en dat de gegevens enkel als bijkomend element kunnen worden gebruikt, en dus geen automatisch bewijs van fraude opleveren.

Het Grondwettelijk Hof verwierp dan ook het vernietigingsberoep, zodat de wet van 13 mei 2016 verder zijn vruchten kan afwerpen in de versterkte strijd tegen sociale fraude.

Klik hier voor berichtgeving in de media

Klik hier voor het arrest van het Grondwettelijk Hof.

Lees hier het originele artikel