Deeltijdse werknemers – Het langverwachte KB (Claeys & Engels)

Auteur: Claeys & Engels

Publicatiedatum: 22/05/2019

De Programmawet van 22 december 1989 voorziet reeds 30 jaar in de mogelijkheid voor de deeltijdse werknemer om bij de werkgever een aanvraag in te dienen tot het bekomen van een voltijdse dienstbetrekking of van een andere, al dan niet bijkomende, deeltijdse dienstbetrekking waardoor de wekelijkse arbeidsduur van de tewerkstelling wordt verhoogd. Het kwam aan de Koning toe om de termijnen, voorwaarden en andere nadere regels van de verplichtingen die in dit kader op de werkgever rusten te bepalen. Op 2 mei 2019 werd dit langverwachte KB uitgevaardigd (B.S. 15 mei 2019).

Een werknemer kan bij de werkgever een schriftelijke aanvraag indienen tot het bekomen van een voltijdse dienstbetrekking, of van een andere, al dan niet bijkomende, deeltijdse dienstbetrekking waardoor de wekelijkse arbeidsduur van de tewerkstelling verhoogt. In dit geval moet de werkgever, na eerst de ontvangst van de aanvraag te hebben bevestigd, de werknemer schriftelijk op de hoogte brengen van elke vacante voltijdse of deeltijdse dienstbetrekking die dezelfde functie betreft als die van de betrokken werknemer en waarvoor de werknemer over de vereiste kwalificaties beschikt.

Het KB van 2 mei 2019 verduidelijkt dat de werkgever de mededeling enkel moet verrichten wanneer de vacante dienstbetrekking tot gevolg heeft dat de overeengekomen arbeidsregeling wordt verhoogd gedurende een ononderbroken periode van tenminste een maand of voor onbepaalde tijd, hetzij door een aanpassing van de bestaande overeenkomst, hetzij door het sluiten van een nieuwe arbeidsovereenkomst.

De mededeling van de vacante betrekking moet gebeuren binnen een termijn van een maand, te rekenen vanaf de dag volgend op de dag waarop de dienstbetrekking vacant wordt en dit per aangetekende brief, via persoonlijke overhandiging van een brief waarvan het dubbel voor ontvangst wordt getekend of elektronisch eveneens met een ontvangstbevestiging.

Een werknemer kan bij de werkgever een schriftelijke aanvraag indienen.

De mededeling moet de volgende gegevens vermelden:

  • de termijn waarbinnen de werknemer dient te reageren (tussen een week en een maand);
  • een beknopte omschrijving van de functie;
  • de duur van de overeenkomst;
  • het arbeidsvolume en werkrooster;
  • de plaats van tewerkstelling.

Een kopie van de mededeling dient in papieren of in elektronische vorm gedurende zeven jaar bewaard te worden.

Indien de deeltijdse werknemer een inkomensgarantie-uitkering geniet, dan kan de werkgever die de bovenstaande regels niet naleeft een responsabiliseringsbijdrage verschuldigd zijn van 25 EUR per maand. Deze bijdrage zal pas voor het eerst verschuldigd kunnen zijn vanaf het tweede kwartaal van 2020.

Lees hier het originele artikel