Overname van een handelszaak:
15 knelpunten onder de loep
Mr. Vanessa Ramon en mr. Mariël Van Vynckt (Cygnus Advocaten)
Webinar op donderdag 18 maart 2027
Bonusbeleid anno 2027.
Warrants en CAO nr. 90 onder de juridische loep
Mr. Mieke Deconinck en mr. Jan Lein (Claeys & Engels)
Webinar op vrijdag 29 januari 2027
Loontransparantie anno 2027
Mr. Dieter Dejonghe en mr. Veerle Van Keirsbilck
(Claeys & Engels)
Webinar op donderdag 18 februari 2027
Tewerkstelling van buitenlandse
werknemers anno 2026
Mr. Sophie Maes en mr. Simon Albers (Claeys & Engels)
Webinar op vrijdag 23 oktober 2026
Wenst u meerdere opleidingen
te volgen bij LegalLearning?
Overweeg dan zeker onze voordeelformules!
Krijg toegang tot +250 opleidingen
Live & on demand webinars
Met tussenkomst van de kmo-portefeuille
Ontslag van A tot Z anno 2027
Mr. Kato Aerts, mr. Katrien Coenen
en mr. Sarah Witvrouw (Lydian)
Webinar op donderdag 25 februari 2027
De “mentale toestand” van een werknemer is geen vrijbrief voor het maken van fouten die aanleiding geven tot een ontslag om dringende reden (Consenso Advocaten)
Auteur: Janne Poets (Consenso Advocaten)
In casu werd een werkneemster, die verpleegkundige was in een woonzorgcentrum, ontslagen om dringende reden omwille van herhaalde diefstal van bepaalde medicatie, diefstallen die ze pleegde bij de werkgever.
Deze diefstallen waren vaststaand ingevolge een vonnis van de correctionele rechtbank waarin de werkneemster de feiten van de diefstallen had bekend maar waarbij ze – na een psychiatrisch onderzoek – ook geestesgestoord werd verklaard omwille van bepaalde aandoeningen.
Toen de werkgever kennis kreeg van het correctionele vonnis, werd een ontslag om dringende reden doorgevoerd.
De vakbond, namens de werkneemster, betwistte het ontslag en hield voor dat de werkneemster geestesgestoord was en dus in een toestand verkeerde waarbij zij geen controle over haar daden had of waarbij haar oordeelsvermogen werd aangetast. Bijgevolg mocht de werkneemster niet worden ontslaan om dringende reden want de feiten waren haar niet-toerekenbaar.
De werkgever toonde aan (i) dat de diefstallen dateerden van 2014 (en eerder) en het correctionele vonnis, waarbij een gerechtelijke expertise werd bevolen, uitgesproken werd in 2017. (ii) Bovendien was de gerechtelijke expertise bevolen omdat een procedure was opgestart door de familie van de werkneemster, nu de werkneemster de gestolen medicatie toediende aan haar kind(eren). Er moest dus sowieso worden nagegaan of de gerechtsdeskundige überhaupt de diefstallen had onderzocht of de andere feiten.
(iii) Een niet onbelangrijk argument dat de werkgever voerde in de arbeidsrechtelijke procedure was de vaststelling dat ook al zou de werkneemster geestesgestoord geweest zijn op het moment van de diefstallen : de vertrouwensbreuk tussen partijen was ontstaan en bleef overeind. De werkgever, als uitbater van een woonzorgcentrum, heeft een imago hoog te houden, t.a.v. de buitenwereld en in de eerste plaats t.a.v. bewoners aan wie de best mogelijke zorgen dienen te worden verleend en hun familie.
Het volledige deskundig verslag werd neergelegd voor het arbeidshof, waarna het arbeidshof van oordeel was dat niet werd aangetoond dat de werkneemster, op het ogenblik van de diefstallen, in een zodanige toestand verkeerde dat zij geen controle had over haar daden of dat haar oordeelsvermogen was aangetast.
Het arbeidshof bevestigde ook het argument van de werkgever dat diefstal een ernstige tekortkoming uitmaakt die een vertrouwensbreuk veroorzaakt die de samenwerking onmiddellijk en definitief onmogelijk heeft gemaakt. Er kon niet van de werkgever worden verwacht dat de werkneemster als verpleegkundige verder kon worden tewerkgesteld. Het lijkt er dus op dat het arbeidshof de werkgever volgt in haar overtuiging dat de vertrouwensbreuk de eventuele ontoerekeningsvatbaarheid sowieso zou hebben ‘overruled’…
Het ontslag om dringende reden werd bevestigd.
(Arbh. Antwerpen, afd. Hasselt 19 mei 2021, niet gepubliceerd)
Bron: Consenso Advocaten
» Bekijk alle artikels: Arbeid & Sociale zekerheid














