Actualia Overheidsopdrachten 2025/2026.
Een overzicht van recente wet- en regelgeving, omzendbrieven en rechtspraak

Dhr. Constant De Koninck (Rekenhof)
Mr. Peter Teerlinck (& De Bandt)

Webinar op vrijdag 4 december 2026


Overheidsopdrachten:
twee recente wetswijzigingen onder de loep

Dhr. Constant De Koninck (Rekenhof)

Mr. Elke Casteleyn (Casteleyn Advocaten)

Webinar op dinsdag 2 februari 2027


Wenst u meerdere opleidingen
te volgen bij LegalLearning?

Overweeg dan zeker onze voordeelformules!

 

Krijg toegang tot +250 opleidingen

Live & on demand webinars

Met tussenkomst van de kmo-portefeuille

Overheidsopdrachten en uitsluiting van prijsherziening. Cass. 18 september 2026 (Recht op zaterdag)

Auteur: Marc vandecasteele (Recht op zaterdag)

Feiten en procedure

Katholiek Onderwijs Groot-Beveren schreef in oktober 2020 een overheidsopdracht uit voor de renovatie van de Sint-Maarten Bovenschool, met onder meer asbestverwijdering, gevelrenovatie en renovatiewerken aan gebouwen. De opdracht werd gegund voor ongeveer 2.348.625,27 euro en had een initiële uitvoeringstermijn van 320 kalenderdagen.

Het bestek bevatte geen prijsherzieningsclausule; integendeel, het vermeldde uitdrukkelijk dat op de opdracht geen prijsherziening van toepassing was. Na de contractsluiting op 23 juli 2021 vroeg de aannemer toch prijsherziening. De aanbestedende overheid weigerde.

De ondernemingsrechtbank Gent, afdeling Dendermonde, wees de vordering van de aannemer af. In hoger beroep kende het hof van beroep te Gent de aannemer daarentegen een provisie van 78.932,19 euro, vermeerderd met interesten, toe. Het oordeelde dat de uitsluiting van prijsherziening ongeldig was, omdat voor deze opdracht — boven 120.000 euro en langer dan 180 kalenderdagen — prijsherziening verplicht was en de aannemer daarvan vooraf niet geldig afstand kon doen.

Rechtsvragen

De centrale vraag was:

Kan een aanbestedende overheid bij een opdracht voor werken die normaliter onder de verplichte prijsherziening van artikel 38/7 KB AUR valt, in het bestek rechtsgeldig afwijken en prijsherziening uitsluiten?

Het hof van beroep beantwoordde die vraag negatief. Het beschouwde de prijsherziening als een dwingende bescherming waarvan de aannemer vóór de contractsluiting geen afstand kan doen.

Beslissing

Het Hof van Cassatie vernietigt die redenering.

Het bevestigt eerst de algemene regel:

  • een prijsherziening is slechts mogelijk wanneer de oorspronkelijke opdrachtdocumenten een duidelijke, nauwkeurige en ondubbelzinnige herzieningsclausule bevatten;
  • voor opdrachten voor werken voorziet artikel 38/7, § 1 KB AUR in beginsel in een verplichte prijsherzieningsclausule;
  • die verplichting geldt niet voor opdrachten onder 120.000 euro én met een korte initiële uitvoeringstermijn.

Maar vervolgens benadrukt het Hof dat artikel 9, § 4 KB AUR uitdrukkelijk toestaat om van artikel 38/7 af te wijken:

  • de afwijking moet een behoorlijk verantwoord geval betreffen;
  • het noodzakelijke karakter van de afwijking hoeft niet afzonderlijk te worden aangetoond;
  • de motivering hoeft niet in het bestek zelf te staan;
  • wel moet de afwijking van artikel 38/7 uitdrukkelijk in het bestek worden vermeld.

Daaruit volgt volgens het Hof dat de wettelijke verplichting om een prijsherzieningsclausule op te nemen geen absoluut of niet-afwijkbaar recht van de aannemer creëert. Een voorafgaande uitsluiting is juridisch mogelijk indien de voorwaarden van artikel 9, § 4 KB AUR vervuld zijn.

Belang

Het Hof oordeelt dat het hof van beroep zijn beslissing niet naar recht verantwoordde door de bestekclausule buiten werking te stellen louter omdat de aannemer vóór contractsluiting geen afstand zou kunnen doen van prijsherziening. Het cassatiemiddel van de aanbestedende overheid is gegrond.

De gevolgen zijn:

  • het arrest van het hof van beroep te Gent wordt vernietigd, behalve voor zover het hoger beroep ontvankelijk was;
  • de zaak wordt verwezen naar het hof van beroep te Antwerpen;
  • dat het verwijzingshof onder meer zal moeten onderzoeken of de voorwaarden voor een geldige afwijking krachtens artikel 9, § 4 KB AUR in werkelijkheid vervuld waren. Cassatie zegt dus niet zelf definitief dat de uitsluiting geldig was, maar wel dat zij niet op de door het Gentse hof aangevoerde grond ongeldig kon worden verklaard.
Praktische betekenis

Voor aanbestedende overheden is dit arrest belangrijk omdat het bevestigt dat een uitsluiting van prijsherziening niet automatisch ongeldig is bij grote of langdurige opdrachten voor werken.
De bestekredactie moet evenwel zorgvuldig zijn:

  • vermeld uitdrukkelijk dat wordt afgeweken van artikel 38/7 KB AUR;
  • zorg dat de afwijking steunt op een behoorlijk verantwoord geval;
  • leg de interne motivering en het dossier zorgvuldig vast, ook wanneer die motivering niet in het bestek zelf moet worden opgenomen;
  • beperk u niet tot een loutere, onduidelijke vermelding “geen prijsherziening”, aangezien het bestaan en de formele kenbaarheid van de afwijking cruciaal zijn.

Voor aannemers betekent het arrest dat een ontbrekende prijsherzieningsclausule niet zonder meer leidt tot toepassing van een standaardclausule of tot een autonoom recht op prijsherziening. Eerst moet worden nagegaan of de aanbestedende overheid geldig van artikel 38/7 KB AUR is afgeweken.

Lees hier het arrest

» Bekijk alle artikels: Overheid & Aanbesteding

Boeken in de kijker: