Vennootschapsrecht anno 2026:
recente wetgeving en rechtspraak

Mr. Joris De Vos en mr. Laurens Engelen (Dentons)

Webinar op vrijdag 23 oktober 2026


Wenst u meerdere opleidingen
te volgen bij LegalLearning?

Overweeg dan zeker onze voordeelformules!

 

Krijg toegang tot +250 opleidingen

Live & on demand webinars

Met tussenkomst van de kmo-portefeuille


Corporate Governance
voor familiebedrijven

Mr. Sofie Lerut (advocaat)

Webinar op donderdag 8 oktober 2026


Ondernemingsstrafrecht:
de ingrijpende wijzigingen vanaf 1 september 2026

Mr. Stijn De Meulenaer en mr. Danique Van Mechelen (Everest)

Webinar op dinsdag 24 november 2026


Generatieve AI
in de juridische praktijk

Dr. Wim De Mulder (KU Leuven)

Webinar op donderdag 25 februari 2027


Faillissementsrecht anno 2026:
recente wetgeving en rechtspraak

Mr. Ilse Van de Mierop en mr. Charlotte Sas

(DLA Piper)

Webinar op donderdag 26 november 2026

Uittreding van een vennoot: de gerechtsdeskundige heeft niet het laatste woord (Lamote Stragier Advocaten)

Auteurs: Bram Stragier & Jens Rau (Lamote Stragier Advocaten)

Wanneer vennoten niet meer door dezelfde deur geraken, biedt de geschillenregeling uit het WVV finaal een uitweg: wie gegronde redenen aantoont, kan vorderen dat zijn medevennoten zijn aandelen overnemen. De rechter spreekt de uittreding uit en stelt doorgaans een gerechtsdeskundige aan om de aandelen te waarderen.

Dat deskundigenverslag wordt in de praktijk vaak als eindpunt beschouwd. Ten onrechte: de rechter bepaalt de prijs en is daarbij niet gebonden door de deskundige. Een recent vonnis van de ondernemingsrechtbank Gent, afdeling Brugge, in een dossier waarin ons kantoor de uittredende vennoot bijstond, illustreert dat treffend.

De casus

Onze cliënt, minderheidsvennoot in een associatie, zag na een onherstelbaar verstoorde samenwerking geen andere uitweg dan uit te treden. Omdat er over de waardering geen consensus was, zat er niets anders op dan de gerechtelijke uittreding te vorderen. De aangestelde deskundigebegrootte het aandelenpakket naar ons aanvoelen te laag. De aanblijvendevennoten sloten zich – begrijpelijkerwijze – bij die waardering aan en vorderden bovendien een décote (verlaging) van 15%.

Onze kritiek op het deskundigenverslag

Wij hebben het eindverslag doorgelicht en onze kritiek op twee fundamentele punten toegespitst.

Vooreerst had de deskundige in de rendementswaarde een fictieve huur in rekening gebracht voor het bedrijfsgebouw dat eigendom was van de vennootschap. De werkelijke waarde van datzelfde gebouw werd evenwel niet meegenomen in de netto financiële positie. Wie huur aanrekent alsof het gebouw niet van de vennootschap is, moet de waarde ervan ook aan de vennootschap toerekenen. De rechtbank volgde ons hierin integraal.

Daarnaast hanteerde de deskundige, naast de gecorrigeerde substantiële waarde en de EBITDA-multiple, een “batterij aan alternatieve methodes” die samen een derde van de weging kreeg. Die methodes zijn in de huidige waarderingspraktijk achterhaald en drukten de waarde van een gezond, winstgevend kantoor kunstmatig. Ook op dat punt volgde de rechtbank ons: in casu is de rendementswaarde richtinggevend.

Opvallend is dat de rechtbank hier autonoom de prijs bepaalde op basis van enerzijds het deskundigenverslag en anderzijds de weerhouden opmerkingen, zonder de deskundige opnieuw te consulteren of een nieuwe deskundigenopdracht te gelasten.

Het resultaat

De rechtbank week expliciet af van het deskundigenverslag en bepaalde de prijs conform onze berekening: bijna de helft hoger dan de waarde die de deskundige had weerhouden. De gevorderde décote werd afgewezen, nu het onrechtvaardig is een vennoot die om gegronde redenen moet uitstappen, te sanctioneren voor procedures uit het verleden.

Daarbovenop bekwamen wij de – verhoogde – interesten aan de rentevoet van de Wet Betalingsachterstand lopend vanaf de eigendomsoverdracht tot de algehele betaling. Ook de kosten van het deskundigenonderzoek, ruim 25.000 EUR, werden integraal ten laste van de aanblijvende vennoten gelegd, precies omdat zij een minnelijke waardering hadden geweigerd.

Besluit

Het deskundigenverslag in een geschillenregeling is louter adviserend van aard, en niet bindend voor de rechter. Wie met gedocumenteerde en coherente argumenten komt, kan de rechter overtuigen om af te wijken van het deskundigenverslag. Het loont om de ondernemingsrechter naar waarde te schatten en een technisch debat over de waardering te voeren, zowel tijdens het deskundigenonderzoek, maar ook in de navolgende procedure.

Bron: Lamote Stragier Advocaten

» Bekijk alle artikels: Vennootschappen & Verenigingen

Juriste (FR)

Directeur Legal

Junior Legal Counsel

Boeken in de kijker: