Cryptomunten en de fiscaliteit

Mr. Dave van Moppes (Tuerlinckx Advocaten)

Webinar op donderdag 28 januari 2027


Successieplanning anno 2027

Mr. Olivier De Keukelaere en mr. Nathalie Labeeuw (Cazimir)

Webinar op donderdag 4 maart 2027


Oude successieplanningen onder de loep:
wat bij gewijzigde omstandigheden?

Mr. Rinse Elsermans (Cazimir)

Webinar op donderdag 18 februari 2027


Corporate Governance
voor familiebedrijven

Mr. Sofie Lerut (advocaat)

Webinar op donderdag 8 oktober 2026


Wenst u meerdere opleidingen
te volgen bij LegalLearning?

Overweeg dan zeker onze voordeelformules!

 

Krijg toegang tot +250 opleidingen

Live & on demand webinars

Met tussenkomst van de kmo-portefeuille

Hof van beroep te Gent bevestigt: fiscus mag bijzondere aanslagtermijn niet inroepen voor feiten die eigen onderzoek al aan het licht bracht (Cazimir)

Auteur: Cazimir

Een recent arrest van het hof van beroep te Gent werpt een kritisch licht op de toepassing van bijzondere aanslagtermijnen door de fiscale administratie, specifiek in situaties waarbij de fiscale administratie zelf haar onderzoek heeft verricht voordat zij het parket in kennis stelt. Het arrest onderstreept het uitzonderlijke en beperkte toepassingsgebied van de bijzondere aanslagtermijn van artikel 358 WIB 1992.

De zaak draaide om de vraag of de administratie wettig gebruik had gemaakt van de bijzondere aanslagtermijn voorzien in artikel 358, § 1, 3° van het Wetboek van de Inkomstenbelastingen 1992 (WIB 1992). Deze bepaling laat de fiscus toe om, zelfs na het verstrijken van de reguliere termijnen, alsnog aanslagen te vestigen indien een rechtsvordering uitwijst dat belastbare inkomsten niet werden aangegeven in één van de vijf jaren vóór het jaar waarin die vordering werd ingesteld. De term uitwijzen in artikel 358, § 1, 3° WIB 1992 moet worden begrepen als aan het licht brengen of doen blijken van belastbare inkomsten.

Het cruciale geschilpunt betrof de vraag of de fiscale administratie kon aantonen dat de rechtsvordering – en niet een eigen voorafgaandelijk fiscaal onderzoek – de niet-aangegeven belastbare inkomsten had uitgewezen.

Het bijzondere aan deze zaak was dat de fiscale administratie, voorafgaandelijk aan de kennisgeving aan het parket, zelf reeds een aanzienlijk fiscaal onderzoek had gevoerd naar de belastingplichtige. Volgens de belastingplichtige bleek uit het eigen fiscaal onderzoek van de fiscale administratie, en niet uit het navolgende politioneel onderzoek naar aanleiding van de kennisgeving aan het parket, dat bepaalde belastbare inkomsten niet waren aangegeven. Het hof van beroep te Gent oordeelde dat uit het dossier inderdaad bleek dat de fiscale administratie zelf het bestaan van niet-aangegeven belastbare inkomsten aan het licht had gebracht, reeds vóór het instellen van de strafrechtelijke rechtsvordering ingevolge de kennisgeving aan het parket. De rechtsvordering had geen andere draagwijdte gegeven aan de onderzoeksresultaten van de fiscale administratie en geen bijkomend luik, circuit of aspect aan het onderzoek van de fiscale administratie toegevoegd.

In die omstandigheden had de fiscale administratie geen wettig gebruik gemaakt van de bijzondere aanslagtermijn van artikel 358, § 1, 3° WIB 1992 voor het vestigen van de bestreden aanslagen. Bijgevolg werden de aanslagen vernietigd wegens verjaring.

Bron: Cazimir

» Bekijk alle artikels: Successie & Vermogen

Juriste (FR)

Boeken in de kijker: