Zekerheden anno 2026:
een update aan de hand van wetgeving en rechtspraak

Mr. Ivan Peeters (NautaDutilh)
Mr. Philip Van Steenwinkel (Hogan Lovells)

Webinar op donderdag 19 november 2026


Generatieve AI
in de juridische praktijk

Dr. Wim De Mulder (KU Leuven)

Webinar op donderdag 25 februari 2027


Wenst u meerdere opleidingen
te volgen bij LegalLearning?

Overweeg dan zeker onze voordeelformules!

 

Krijg toegang tot +250 opleidingen

Live & on demand webinars

Met tussenkomst van de kmo-portefeuille


Mededingingsrecht:
recente ontwikkelingen

Mr. Melissa Van Schoorisse (Covington)

Webinar op vrijdag 25 september 2026


Verzekeringspolissen:
clausules die aanleiding kunnen geven tot discussies

Mr. Sandra Lodewijckx (Lydian)

Webinar op vrijdag 25 september 2026

E-mailfraude: aansprakelijkheid van de bank en de quasi-immuniteit van bankagenten. Nederlandstalige Ondernemingsrechtbank 19 maart 2026 (Eric B.)

Auteur: Eric B.

Samenvatting gemaakt met behulp van AI

Feiten

Een onderneming werd slachtoffer van cyberfraude waarbij fraudeurs via een gehackte mailbox een overschrijving van 41.000 Amerikaanse dollar lieten uitvoeren. De frauduleuze e-mail bevatte opvallende afwijkingen: afwijkende aanspreking, onjuiste telefoonnummers, een oud adres en geen factuurreferentie. De opdracht verliep per e-mail met een getekend document zonder sterke cliëntauthenticatie. De bank weigerde na ontdekking van de fraude de betaling van 40.960,56 euro onmiddellijk terug te storten.

Verweermiddelen

De bank stelde dat partijen in een zakelijke B2B-relatie via de algemene voorwaarden contractueel waren afgeweken van de wettelijke aansprakelijkheidsregels. Ook verweet de bank de klant grove nalatigheid wegens een onvoldoende beveiligde mailbox. De zelfstandige bankagent voerde aan dat hij als uitvoeringsagent van de bank quasi-immuniteit genoot en niet rechtstreeks buitencontractueel aansprakelijk kon worden gesteld.

Principes

Het Wetboek van Economisch Recht (art. VII.43) verplicht de bank tot onmiddellijke terugbetaling van niet-toegestane transacties. Contractuele uitsluiting van aansprakelijkheid in een B2B-context is mogelijk (art. VII.29), maar vereist een duidelijke, geïnformeerde en strikt te interpreteren instemming. De bewijslast voor grove nalatigheid van de klant rust op de bank; een gehackte mailbox is op zichzelf onvoldoende bewijs.

Besluit

De Nederlandstalige ondernemingsrechtbank Brussel oordeelde dat de bank de klant volledig moet vergoeden. De contractuele uitsluiting werd verworpen omdat niet bewezen is dat de klant bewust afstand had gedaan van zijn wettelijke bescherming. De vordering tegen de bankagent is ongegrond wegens de quasi-immuniteit van de uitvoeringsagent onder het oude burgerlijk recht. De bank is veroordeeld tot betaling van 40.960,56 euro plus intresten en de gerechtskosten.

Lees hier het vonnis

Boeken in de kijker: