Verzekeringsrecht:
recente wetgeving en rechtspraak anno 2027
Mr. Sandra Lodewijckx (Lydian)
Webinar op vrijdag 19 maart 2027
Aansprakelijkheid voor gebrekkige producten:
de uitbreiding van Boek 6 BW
(inclusief handboek)
Dhr. Constant De Koninck (Rekenhof)
Webinar op donderdag 20 mei 2027
Zekerheden anno 2026:
een update aan de hand van wetgeving en rechtspraak
Mr. Ivan Peeters (NautaDutilh)
Mr. Philip Van Steenwinkel (Hogan Lovells)
Webinar op donderdag 19 november 2026
Ondernemingsstrafrecht:
de ingrijpende wijzigingen vanaf 1 september 2026
Mr. Stijn De Meulenaer en mr. Danique Van Mechelen (Everest)
Webinar op dinsdag 24 november 2026
Aansprakelijkheid van medische beroepsbeoefenaars en zorginstellingen anno 2027
Prof. dr. Christophe Lemmens (Dewallens & partners)
Webinar op vrijdag 15 oktober 2027
Wenst u meerdere opleidingen
te volgen bij LegalLearning?
Overweeg dan zeker onze voordeelformules!
Krijg toegang tot +250 opleidingen
Live & on demand webinars
Met tussenkomst van de kmo-portefeuille
Aansprakelijkheid bij afbreken onderhandelingen. De gerechtelijke bekentenis. Cass. 17 april 2026 (Eric B.)
Auteur: Eric B.
Samenvatting gemaakt met behulp van AI
Feiten
Twee vennootschappen onderhandelden over een hotelproject. De verweerster verbrak de onderhandelingen op 16 november 2001 zonder waarschuwing. Een eerder arrest stelde vast dat de verweerster hierdoor een fout beging. De eiseres vorderde schadevergoeding voor het verlies van een kans om het project met een andere exploitant te realiseren. Het hof van beroep oordeelde later dat deze kans onbestaande was, omdat de eiseres geen realistische financieringsstructuur of eigen middelen kon voorleggen. Andere exploitanten hadden bovendien geen actuele interesse of financiering voor het project.
Verweermiddelen
De eiseres stelde voorziening in cassatie in. Zij voerde aan dat de rechter in een eerdere beslissing over de heropening van het debat het bestaan van de kans al had erkend. Zij stelde ook dat zij kans had op alternatieve financiering via een handelshuur of een andere bank. Tot slot betwistte de eiseres dat de rechter uitspraken in haar eigen conclusies mocht beschouwen als een gerechtelijke bekentenis over het gebrek aan eigen middelen. Volgens de eiseres had de rechter hiervoor een bijzondere volmacht van haar advocaat moeten eisen.
Principes
Het Hof oordeelt dat het eerdere arrest over de heropening van de debatten geen beslissende motieven bevatte over het bestaan van de kans. De beoordeling of een verloren kans in de feiten bestond, behoort tot de bevoegdheid van de feitenrechter. Volgens het Gerechtelijk Wetboek treedt een advocaat op als mandataris zonder een volmacht te moeten voorleggen, tenzij de wet een bijzondere volmacht vereist. Indien de partij waartegen de bekentenis wordt ingeroepen deze niet betwist, moet de rechter de overlegging van een bijzondere volmacht van de advocaat niet eisen om het bestaan van de bekentenis in de conclusies te weerhouden.
Besluit
Het Hof verwerpt de voorziening.
» Bekijk alle artikels: Geschillen & Procedure, Verzekeringen & Aansprakelijkheid

















