Mededingingsrecht:
recente ontwikkelingen
Mr. Melissa Van Schoorisse (Covington)
Webinar op vrijdag 25 september 2026
Discriminatie op de werkvloer:
de laatste ontwikkelingen
Mr. Inger Verhelst (Claeys & Engels)
Webinar op donderdag 24 september 2026
Generatieve AI
in de juridische praktijk
Dr. Wim De Mulder (KU Leuven)
Webinar op donderdag 25 februari 2027
Wenst u meerdere opleidingen
te volgen bij LegalLearning?
Overweeg dan zeker onze voordeelformules!
Krijg toegang tot +250 opleidingen
Live & on demand webinars
Met tussenkomst van de kmo-portefeuille
Aanvechten van een beslissing van de GBA: proceduregels volgen is noodzakelijk. Cass. 30 maart 2026 (Eric B.)
Auteur: Eric B.
Samenvatting gemaakt met behulp van AI
Feiten
Een onderwijsinstelling uit Aalst kreeg een waarschuwing van de geschillenkamer van de Gegevensbeschermingsautoriteit (GBA). Deze beslissing viel na een formele klacht van een particulier over persoonsgegevens. De school was het hier fundamenteel niet mee eens en tekende binnen de strikte termijn van dertig dagen hoger beroep aan bij het Marktenhof. In hun ingediende beroepsakte vermeldden zij de klager als ‘geïntimeerde’ en wezen ze duidelijk naar het identificatienummer van de GBA-beslissing. Ze lieten echter na om de GBA zélf expliciet en formeel als verwerende partij aan te duiden in de procedure.
Verweermiddelen
De school vocht de daaropvolgende onontvankelijkheid van hun beroep hevig aan. Ze stelden dat hun beroepsakte wel degelijk álle nodige informatie en adressen bevatte om de GBA perfect als partij te kunnen identificeren. Verder beargumenteerden ze dat een procedurele onduidelijkheid in de identificatie van een tegenpartij altijd rechtgezet moet kunnen worden via een regularisatie.
Volgens hen moest deze administratieve rechtzetting zelfs mogelijk zijn na het definitief verstrijken van de wettelijke beroepstermijn.
Principes
De rechtspraak is echter zeer streng en duidelijk over de positie van de GBA in dergelijke beroepsprocedures. Omdat het hoger beroep betrekking heeft op het vernietigen of hervormen van een administratieve beslissing, moet de GBA zich als toezichthoudende autoriteit te allen tijde kunnen verweren. Het beroep móét daarom altijd noodzakelijkerwijze en expliciet gericht zijn tegen de Gegevensbeschermingsautoriteit als verwerende partij. Het louter vermelden van de GBA-beslissing en hun adresgegevens ergens in de akte is juridisch volstrekt onvoldoende. Aangezien het correct aanduiden van de GBA als gedaagde een fundamentele ontvankelijkheidsvoorwaarde is, kan dit verzuim onmogelijk nog buiten de initiële beroepstermijn van dertig dagen worden geregulariseerd.
Besluit
Het ingestelde beroep van de onderwijsinstelling wordt dan ook over de gehele lijn verworpen. Het Marktenhof had het initiële hoger beroep volkomen terecht onontvankelijk verklaard, aangezien de GBA nooit officieel als gedaagde in het proces was betrokken. De school verliest hiermee de procedure definitief en wordt veroordeeld tot de aanzienlijke gerechtskosten en rolrechten, ten bedrage van in totaal 1.766,93 euro.
» Bekijk alle artikels: Privacy & Gegevensbescherming











