Generatieve AI
in de juridische praktijk

Dr. Wim De Mulder (KU Leuven)

Webinar op donderdag 25 februari 2027


Koop-verkoop van onroerend goed:
obstakels uit de praktijk

Mr. Jérémy Vanderheyde en mr. Karel Veuchelen

(Scale / Schoups)

Webinar op donderdag 19 november 2026


Successieplanning anno 2027

Mr. Olivier De Keukelaere en mr. Nathalie Labeeuw (Cazimir)

Webinar op donderdag 4 maart 2027


Corporate Governance
voor familiebedrijven

Mr. Sofie Lerut (advocaat)

Webinar op donderdag 8 oktober 2026


Omgevingsprocedure:
de allerlaatste ontwikkelingen

Mr. Bart De Becker (De Becker Advocaten)

Webinar op donderdag 26 november 2026


Oude successieplanningen onder de loep:
wat bij gewijzigde omstandigheden?

Mr. Rinse Elsermans (Cazimir)

Webinar op donderdag 18 februari 2027

Is het bezit van een chalet in een recreatiegebied een beletsel om nadien te kunnen genieten van de verlaagde tarieven voor de eigen woning?  Het hof van beroep te Gent spreekt zich uit (LegalNews)

Auteur: Marc Vandecasteele (LegalNews)

Het bewijs dat de belastingplichtigen aan de hand van vermoedens leveren dat het onroerend goed gelegen aan de Bstraat +90 in H geen woning uitmaakt in de zin van artikel 2.9.4.2.11 VCF, wordt niet ontkracht door VLABEL. Het loutere feit dat de aankoopakte van 6 september 2010 met betrekking tot het vakantieverblijf een beding van aanwas bevat waarin verwezen wordt naar het samenwonen van de kopers in het goed, volstaat niet om te besluiten dat het goed werkelijk hoofdzakelijk dient of zal dienen voor huisvesting, mede gelet op het feit dat het PRUP waarin het uitdrukkelijke verbod staat om aan het goed een woonfunctie te geven, van latere datum is.

Ook de (niet door de belastingplichtigen weerlegde) omstandigheid dat bewoning in het vakantieverblijf op zich materieel mogelijk zou zijn, kan niet doen besluiten dat het verblijf beschouwd kan worden als hoofdzakelijk dienend voor huisvesting. Het PRUP doet precies het tegendeel vermoeden en, zoals aangegeven, ontkracht VLABEL dit vermoeden niet.

Het Hof van Beroep besluit dat de belastingplichtigen aanspraak maken op de toepassing van het verlaagde tarief van 6% voor het bepalen van het verkooprecht op de aankoop van de woning in Z. Deze woning kan immers, bij de aankoop ervan op 16 juli 2020, beschouwd worden als hun enige en eigen woning in de zin van artikel 2.9.4.2.11 VCF.

De vordering van VLABEL is ongegrond.

Lees hier verder

» Bekijk alle artikels: Bouw & Vastgoed, Successie & Vermogen

Boeken in de kijker: