Wenst u meerdere opleidingen
te volgen bij LegalLearning?

Overweeg dan zeker onze voordeelformules!

 

Krijg toegang tot +250 opleidingen

Live & on demand webinars


Faillissementsrecht anno 2026:
recente wetgeving en rechtspraak

Mr. Ilse Van de Mierop en mr. Charlotte Sas

(DLA Piper)

Webinar op donderdag 26 november 2026


Zekerheden anno 2026:
een update aan de hand van wetgeving en rechtspraak

Mr. Ivan Peeters (NautaDutilh)
Mr. Philip Van Steenwinkel (Hogan Lovells)

Webinar op donderdag 19 november 2026


Bestuurdersaansprakelijkheid
bij cyberincidenten

Dhr. Bernd Fiten en dhr. Bram Goetry (CRANIUM)

Webinar op vrijdag 29 januari 2027


Ondernemingsstrafrecht:
de ingrijpende wijzigingen vanaf 1 september 2026

Mr. Stijn De Meulenaer en mr. Danique Van Mechelen (Everest)

Webinar op dinsdag 24 november 2026


Antiwitwaskader:
de fundamentele wijzigingen
vanaf 10 juli 2027

Mr. Stijn De Meulenaer (Everest)

Webinar op vrijdag 16 april 2026

Bekendmaking van het vonnis van faillietverklaring en het latere vonnis dat de staking van betaling vaststelt door de griffier en niet door de curator. Cassatie-arrest van 2 juni 2022 (LegalNews)

Auteur: LegalNews

Wat is de wettelijke basis?

Krachtens artikel XX.107, eerste lid, WER, worden het vonnis van faillietverklaring en het latere vonnis dat de staking van betaling vaststelt, door de curator binnen vijf dagen na hun respectievelijke dagtekening bij uittreksel bekendgemaakt in het Belgisch Staatsblad.

Uit de wetgeschiedenis blijkt dat de bekendmaking op last van de curator als gelijkwaardig moet worden beschouwd met deze op last van de griffier, maar dat de curator daartoe meer geschikt is en zulks bovendien bijdraagt tot de werklastvermindering van de griffies.

Wat was de visie van het hof van beroep te Antwerpen op 4 november 2021?

Het hof van beroep te Antwerpen oordeelde op 4 november 2021 dat de omstandigheid dat de bekendmaking in het Belgisch Staatsblad plaatsvond door de griffier de rechtsgeldigheid van deze bekendmaking niet aantast zodat de in artikel XX.108, § 3, vierde lid, WER bedoelde beroepstermijn van 15 dagen is verstreken.

Artikel 860, eerste lid, Gerechtelijk Wetboek, bepaalt dat, ongeacht de verzuimde of onregelmatig verrichte vorm, een proceshandeling niet nietig kan worden verklaard, noch het niet-naleven van een termijn die op straffe van nietigheid is voorgeschreven, kan worden gesanctioneerd, indien de wet de sanctie niet uitdrukkelijk heeft bevolen.

Volgens artikel 861, eerste lid, van hetzelfde wetboek, kan de rechter een proceshandeling alleen dan nietig verklaren of het niet-naleven van een termijn die op straffe van nietigheid is voorgeschreven sanctioneren, indien het aangeklaagde verzuim of de aangeklaagde onregelmatigheid de belangen schaadt van de partij die de exceptie opwerpt.

Het standpunt van het Hof van Cassatie

Volgens het Hof is het zo dat als de appelrechters oordelen dat de omstandigheid dat de bekendmaking in het Belgisch Staatsblad plaatsvond door de griffier de rechtsgeldigheid van deze bekendmaking niet aantast en dit met het gevolg dat de in artikel XX.108, § 3, vierde lid, WER bedoelde beroepstermijn van 15 dagen is verstreken, zij hun beslissing naar recht verantwoorden.

Lees hier het Cassatie-arrest van 2 juni 2022

Boeken in de kijker: