Bonusbeleid anno 2027.
Warrants en CAO nr. 90 onder de juridische loep
Mr. Mieke Deconinck en mr. Jan Lein (Claeys & Engels)
Webinar op vrijdag 29 januari 2027
Ontslag van A tot Z anno 2027
Mr. Kato Aerts, mr. Katrien Coenen
en mr. Sarah Witvrouw (Lydian)
Webinar op donderdag 25 februari 2027
Grensoverschrijdende sociale zekerheid
anno 2026: een update
Dhr. Bruno De Pauw (RSZ)
Webinar op vrijdag 20 november 2026
Wenst u meerdere opleidingen
te volgen bij LegalLearning?
Overweeg dan zeker onze voordeelformules!
Krijg toegang tot +250 opleidingen
Live & on demand webinars
Met tussenkomst van de kmo-portefeuille
Loontransparantie anno 2027
Mr. Dieter Dejonghe en mr. Veerle Van Keirsbilck
(Claeys & Engels)
Webinar op donderdag 18 februari 2027
Overname van een handelszaak:
15 knelpunten onder de loep
Mr. Vanessa Ramon en mr. Mariël Van Vynckt (Cygnus Advocaten)
Webinar op donderdag 18 maart 2027
De berekening van de periode van 60 dagen voor collectief ontslag (SoConsult/Bellaw)
Auteur: Willy van Eeckhoutte (SoConsult/Bellaw)
Publicatiedatum: november 2020
Hoe maak je uit of het ontslag van een werknemer deel uitmaakt van een collectief ontslag als in de periode vóór en/of na zijn ontslag nog een behoorlijk aantal andere werknemers werden of zullen worden ontslagen?
Vooreerst komt een ontslag maar in aanmerking als het gaat om een ontslag om redenen die geen betrekking hebben op de persoon van de werknemer.
Voorts moet voor de toepassing van de meeste deelregelingen van collectief ontslag – er zijn er inderdaad verschillende – de ontslagen werknemer verbonden zijn aan een onderneming die gemiddeld een minimumaantal werknemers tewerkstelt.
Ten slotte moet het ontslag vallen binnen een ononderbroken periode van een aantal kalenderdagen. In de richtlijn 95/59 van 20 juli 1998, die de wetgeving op de informatie- en raadplegingsverplichtingen bij collectief ontslag in de Europese Unie deels harmoniseert, bedraagt die periode 30 of 90 dagen, maar in België gaat het om 60 dagen, afwijking die de richtlijn toestaat (zie voor België: Sociaal Compendium Arbeidsrecht 2020-2021, nr. 4832).
De Juzgado de lo Social n° 3 de Barcelona vroeg aan het Hof van Justitie van de Europese Unie hoe die (voor België: 60) dagen moeten worden berekend. Die Spaanse – of, zo u wilt: Catalaanse – arbeidsrechter zag drie mogelijke berekeningswijzen:
(1) ofwel moet de termijn altijd worden berekend met de datum van het individuele ontslag als einddatum,
(2) ofwel moet de termijn worden berekend vanaf de datum van het individuele ontslag dat aan de orde is,
(3) ofwel moeten alle ontslagen worden meegeteld die hebben plaatsgevonden binnen een periode van (voor België) 60 dagen waarbinnen het aan de orde zijnde ontslag valt, zonder dat daarbij een onderscheid wordt gemaakt naargelang die periode voor, na , of gedeeltelijk voor en gedeeltelijk na het individuele ontslag valt.
Het Hof van Justitie beslist dat de derde methode de enige is die in overeenstemming is met de doelstelling van de richtlijn en het nuttige effect ervan: om te oordelen of een betwist individueel ontslag deel uitmaakt van een collectief ontslag, moet de referentieperiode (in België: 60 dagen) worden berekend door elke periode (van in België: 60 dagen) in aanmerking te nemen waarin dit individuele ontslag heeft plaatsgevonden en waarin zich het grootste aantal ontslagen door de werkgever heeft voorgedaan om een of meer redenen die geen betrekking hebben op de persoon van de werknemer.
Hoewel de richtlijn enkel betrekking heeft op de verplichtingen in verband met informatie en raadpleging en niet op de andere deelregelingen m.b.t. collectief ontslag (kennisgeving, vergoeding en tewerkstelling) ligt het voor de hand dat voor de toepassing daarvan dezelfde berekeningswijze van de periode van 60 dagen wordt gehanteerd. Schematisch kan een en ander dan ook als volgt worden voorgesteld:

Bron: HvJ 11 november 2020, C-300/19 (UQ)
» Bekijk alle artikels: Arbeid & Sociale zekerheid














