Grensoverschrijdende sociale zekerheid
anno 2026: een update

Dhr. Bruno De Pauw (RSZ)

Webinar op vrijdag 20 november 2026


Discriminatie op de werkvloer:
de laatste ontwikkelingen

Mr. Inger Verhelst (Claeys & Engels)

Webinar op donderdag 24 september 2026


Tewerkstelling van buitenlandse
werknemers anno 2026

Mr. Sophie Maes en mr. Simon Albers (Claeys & Engels)

Webinar op vrijdag 23 oktober 2026


Wenst u meerdere opleidingen
te volgen bij LegalLearning?

Overweeg dan zeker onze voordeelformules!

 

Krijg toegang tot +250 opleidingen

Live & on demand webinars

Met tussenkomst van de kmo-portefeuille


Arbeidsovereenkomsten onder de loep:
een must in 2026

Mr. Kato Aerts en mr. Sarah Witvrouw (Lydian)

Webinar op vrijdag 2 oktober 2026


Loontransparantie anno 2027

Mr. Dieter Dejonghe en mr. Veerle Van Keirsbilck

(Claeys & Engels)

Webinar op donderdag 18 februari 2027

Wat verandert er vanaf 2018 op vlak van HR? (Vandelanotte)

Auteur:  (Vandelanotte)

Publicatiedatum: 11/01/2018

In de laatste week van juli bereikte de regering een akkoord over de begroting. In dit akkoord vinden we ook heel wat maatregelen die relevant zijn voor werkgevers. Een aantal van deze maatregelen werden nu definitief.

Tax shift

De regering bevestigt de verdere uitvoering van de tax shift zoals werd overeengekomen in 2014. Mensen in loondienst, vooral de lagere en middeninkomens, zouden tegen 2019 op het einde van de maand netto meer moeten overhouden van hun brutoloon. Concreet betekent dit dat het inkomen tegen 2019 t.o.v. 2014 er als volgt zal uitzien:

  • 1.500 euro bruto = minimum 140 euro per maand extra
  • 2.100 euro bruto = minimum 121 euro per maand extra
  • 2.800 euro bruto = minimum 102 euro per maand extra
  • 3.300 euro bruto = minimum 91 euro per maand extra

Winstdeelname van werknemers

Werkgevers zullen vanaf 2018 een fiscaalvriendelijke winstpremie aan hun werknemers kunnen uitkeren. Om dit mogelijk te maken zal de wet van 22 mei 2001 betreffende de financiële participatie van de werknemers aangepast worden.

Deze vergoeding zal voor werknemer onderworpen zijn aan een sociale bijdrage van 13,07 procent en een fiscale bijdrage van 7 procent. Voor de werkgever zal de vergoeding onderworpen zijn aan het voor hem geldende tarief van de vennootschapsbelasting. Het totale bedrag wordt beperkt tot maximaal 30 procent van de loonmassa.

De invoering zal via een individuele beslissing van de onderneming, genomen in de algemene vergadering, gebeuren. Bij een gelijke verdeling tussen de werknemers volstaat deze beslissing. Bij een ongelijke verdeling van de bedragen is een collectieve arbeidsovereenkomst of een toetredingsakte vereist. De eenmalige toekenning door de werkgever houdt geen verplichting in voor de toekomst.

Vrijstelling doorstorting bedrijfsvoorheffing voor wetenschappelijk onderzoek

Om innovatie en innoverende bedrijven in België te ondersteunen, bestaan er enkele gunstige fiscale maatregelen. Zo zijn de lonen van sommige werknemers die innoveren deels vrijgesteld van bedrijfsvoorheffing. Tot 1 januari 2018 stond deze maatregel enkel open voor werknemers die beschikken over een masterdiploma in een toegepaste of exacte wetenschap. De maatregel zal echter uitgebreid worden naar bachelordiploma’s van specifieke studiegebieden en dit in twee fases:

  • vrijstelling van 40% op bezoldigingen die vanaf 1 januari 2018 betaald of toegekend worden aan houders van een bachelordiploma;
  • vrijstelling van 80% op bezoldigingen die vanaf 1 januari 2020 betaald of toegekend worden aan houders van een bachelordiploma.

Flexijobs

Sinds eind 2015 geldt in de horecasector het systeem van flexijobs. Dit betekent dat werknemers met een job van minstens vier vijfden goedkoop kunnen bijklussen. Bovendien worden ze niet (para)fiscaal belast op de inkomsten die zij als flexijobber verdienen. De horecawerkgever is echter wel een bijzondere werkgeversbijdrage van 25 procent verschuldigd. Sinds 1 januari 2018 kunnen echter ook gepensioneerden en andere sectoren aan de slag als flexijobbers.

  • PC 118.03 voor bakkerijen, banketbakkerijen en consumptiesalons bij een banketbakkerij;
  • PC 119 van de handelaars in voedingswaren;
  • PC 201 van de zelfstandige kleinhandel;
  • PC 202 van de bedienden uit de kleinhandel in voedingswaren;
  • PC 202.01 voor middelgrote levensmiddelenbedrijven;
  • PC 311 voor de grote kleinhandelszaken;
  • PC 312 voor de warenhuizen;
  • PC 314 voor het kappersbedrijf en de schoonheidszorgen;
  • PC 322 voor de uitzendarbeid, als de gebruiker ressorteert onder één van de hierboven opgesomde PC’s of de horeca (PC 302).

Lees hier het originele artikel

» Bekijk alle artikels: Arbeid & Sociale zekerheid

Boeken in de kijker: