Overheidsopdrachten
anno 2022

Webinar on demand

Overheidscontracten: de impact van het nieuw Burgerlijk Wetboek

Webinar on demand

Overheidsopdrachten:
10 knelpunten onder de loep

Webinar on demand

Privaat versus publiek bouwrecht

Webinar on demand

Publiek- en privaatrechtelijke overeenkomsten

Webinar on demand

Overheidsopdrachten: 3 praktijkgerichte topics

3 Webinars on demand

Ook het verbod op voorschot is bij overheidsopdrachten voorlopig niet langer een heilig huisje (Publius)

Auteurs: Jade Leenaert, Sofie Logie en Thomas Fiers (Publius)

Op 9 december 2022 werd in het Belgisch Staatsblad het KB van 29 november 2022 betreffende de toekenning van een voorschot in het kader van overheidsopdrachten omwille van de economische situatie ingevolge de oorlog in Oekraïne gepubliceerd.

In het Verslag aan de Koning wordt gewezen op de prijsschommelingen en vooral de prijsstijgingen waaraan de markt momenteel onderhevig is, met name wat de aankoop van energie en brandstoffen betreft. Door de betaling van een voorschot kunnen aanbestedende overheden hun opdrachtnemers ondersteunen door hun liquiditeit te versterken en ertoe bijdragen dat een faillissement wordt vermeden, hetgeen ook in het belang kan zijn voor de continuïteit van de openbare dienst en voor de economische orde van ons land.

Het KB wijkt hierdoor af van het principe dat betalingen alleen gedaan kunnen worden voor verstrekte en aanvaarde prestaties, vastgelegd in artikel 12 van de Wet Overheidsopdrachten.

Het KB is van toepassing op opdrachten in uitvoering evenals opdrachten die gepubliceerd worden in de periode van 19 december 2022 tot en met 31 december 2023. In nog te publiceren opdrachten wordt hiertoe een bepaling in de opdrachtdocumenten opgenomen. Voor de opdrachten in uitvoering is geen wijziging van de opdrachtdocumenten vereist. Toch kan door de opdrachtnemer een verzoek tot voorschot ingediend worden.

Welke overheidsopdrachten ? Het KB maakt geen onderscheid in de aard en/of het voorwerp van de overheidsopdrachten. De regeling is niet van toepassing op opdrachten korter dan 2 maanden.

Verzoek ? De opdrachtnemer moet enkel een verzoek tot een voorschot indienen wanneer de mogelijkheid tot het vragen van een voorschot niet in de opdrachtdocumenten voorzien is.

Bedrag ? Het voorschot mag maximum 20 procent van het oorspronkelijke opdrachtbedrag (incl. btw) bedragen.

De referentieperiode is 12 maanden. Voor opdrachten met een langere duur dan 12 maanden wordt het opdrachtbedrag gedeeld door de in maanden uitgedrukte looptijd van de opdracht, vermenigvuldigd met twaalf. Voor opdrachten van onbepaalde duur wordt het maandelijkse oorspronkelijke opdracht, vermenigvuldigd met twaalf.

Betaling ? Het voorschot wordt betaald binnen de 30 kalenderdagen vanaf de beslissing tot toekenning of indien dit reeds voorzien is in het bestek, vanaf de sluiting van de opdracht, in beide gevallen voor zover de aanbestedende overheid over alle elementen tot betaling beschikt. Bij laattijdige betaling is de opdrachtnemer gerechtigd op nalatigheidsinteresten, de forfaitaire vergoeding van € 40 en een redelijke schadeloosstelling voor alle andere invorderingskosten die ontstaan zijn door de laattijdige betaling, dit conform artikel 69 KB Uitvoering.

Verrekening ? De verrekening van het voorschot gebeurt met de bedragen die de aanbestedende overheid aan de opdrachtnemer moet betalen, en dit volgens het ritme en de modaliteiten bepaald in het bestek. Bij gebreke aan een bepaling wordt de eerste 50 % van het voorschot verrekend wanneer er prestaties zijn uitgevoerd ten belope van 30 % van het oorspronkelijke opdrachtbedrag (incl. btw), en de tweede 50 % wanneer 60 % is gepresteerd.

Schorsing ? De betaling van het voorschot wordt geschorst wanneer de opdrachtnemer zijn contractuele verplichtingen niet nakomt en/of in gebreke blijft met de naleving van de wettelijke verplichtingen op het gebied van het milieu- sociaal en arbeidsrecht.

Bron: Publius