>, Registratie, schenk- en erfbelasting>Uitbreng uit de huwelijksgemeenschap: beperk het risico (Delboo)

Uitbreng uit de huwelijksgemeenschap: beperk het risico (Delboo)

Auteur: Delboo

Publicatiedatum: maart 2020

Een wijziging van het huwelijkscontract kan interessant zijn om je mogelijkheden in geval van hoge nood open te houden. Wie gehuwd is in een gemeenschapsstelsel, heeft als nadeel dat hij zijn deel van de gemeenschap niet kan schenken, want elke schenking moet telkens van beide echtgenoten uitgaan, wat vervelend kan zijn. Dit klinkt ingewikkeld, maar we verduidelijken aan de hand van een voorbeeld. 

Luc (51 jaar) en Anja (48 jaar), gehuwd onder het wettelijk stelsel, hebben één zoon en een roerend vermogen van € 2.000.000. Stel dat Luc overlijdt, dan wordt die € 2.000.000 in twee gelijke helften verdeeld tussen de nalatenschap van Luc en Anja. Zij ontvangt uit de huwelijksgemeenschap € 1.000.000 zonder belasting. Het andere € 1.000.000  zal voor het vruchtgebruik vererven aan de langstlevende echtgenote, Anja dus,  en voor de blote eigendom aan de zoon. Op die helft, € 1.000.000 dus, zal € 174.000 erfbelasting verschuldigd zijn.

Stel dat het gaat om een aangekondigd overlijden, dan gaan  Luc en Anja misschien denken, we schenken dat € 1.000.000 snel weg aan onze zoon tegen 3% schenkbelasting en besparen zo maar liefst € 144.000 erfbelasting. Die redenering klopt niet helemaal. Zij kunnen wel € 1.000.000 aan hun zoon schenken, maar dan doen ze dat beiden, elk € 500.000 dus. Het € 1.000.000 dat erna nog over is in de huwelijksgemeenschap, is ook weer van beiden en bij overlijden van Luc zal dus nog € 500.000 in de nalatenschap vallen waarop toch nog erfbelasting zal verschuldigd zijn. Echtgenoten kunnen dus hun helft van gemeenschapsgoederen niet uit de huwelijksgemeenschap schenken. Willen Luc en Anja  nog op dat overige € 1.000.000 besparen, dan zullen ze meer aan hun zoon moeten geven. Maar misschien wil Anja dat wel niet en wil ze zelf toch ook nog € 1.000.000 overhouden. Het méér wegschenken zal dus wel fiscaal zijn resultaat hebben, maar leidt tot een ongewenste situatie voor Anja. Om belasting te besparen, zou ze zichzelf dus tekort moeten doen. Een moeilijke keuze dus.

Vandaar dat Luc en Anja beter nog een extra stap zouden zetten. Ze kunnen die € 2.000.000 uitbrengen uit de huwelijksgemeenschap om ze eigen te maken aan elk van hen. Anja en Luc verkrijgen dan elk € 1.000.000 uit de huwelijksgemeenschap. Een uitbreng gebeurt via een notariële akte, waarbij de notaris in de akte opneemt dat er € 2.000.000 roerende goederen zijn (dat kunnen middelen op de bank zijn of beleggingen, kunst of oldtimers) en dat de echtgenoten die eigen willen maken door die € 2.000.000 gelijk te verdelen tussen hen. Een dergelijke akte is niet aan belasting onderworpen.

Onmiddellijk na de akte hebben Luc en Anja dan ook € 1.000.000 eigen goederen. Het feit dat dit bancair nog niet verwerkt zou zijn, is niet relevant. De juridische werkelijkheid is wat er in de akte werd genoteerd.

Dit laat Luc toe zijn (eigen) € 1.000.000 te schenken aan zijn zoon (of in vruchtgebruik aan Anja en in blote eigendom aan zijn zoon) tegen 3% schenkbelasting. Daarop is dus € 30.000 belasting verschuldigd. Het verlijden van deze dringende akte maakt de schenkbelasting verschuldigd en sluit  de hogere erfbelasting uit op dat € 1.000.000. Anja van haar kant behoudt haar € 1.000.000, dat uiteraard niet in de nalatenschap valt omdat dat eigen aan Anja is en zij nog leeft.

Is Luc dermate ziek dat hij niet zelf meer zou kunnen handelen, dan is het van het grootste belang dat een lasthebber (eventueel ad hoc) dit allemaal namens hem kan doen.

Even doordacht handelen kan dus een veel beter resultaat bereiken dan halsoverkop een schenking te doen.

Better safe than sorry dus.

Lees hier het originele artikel